1.100
5

Tekstschrijver en publicist

Mark Wagemakers is tekstschrijver en publicist.

De Prozac Periode

Psychiater Paul - Therapeutische liefde op het eerste gezicht

Mark Wagemakers schrijft voor Joop iedere week een ontluikend, tragikomisch feuilleton over het ongebreidelde leven achter de muren van een psychiatrische kliniek.

“Dat klinkt als een depressieve episode”, zei mijn psychiater Paul Landgraaf, toen ik op consult kwam. Men noemt hem dokter Landgraaf, maar ik mag Paul zeggen. In behandelkamer 7.1, op de eerste etage van het pas geopende psychiatrisch ziekenhuis in Breda, sprak de bebrilde wijsheer mij de pamperende woorden: “Maar het komt goed. We gaan Prozac proberen.” Na de anti-piekerpil, anti-zelfmoordpil, anti-psychosepil en val-vooral-niet-op-pil is het de beurt aan de happy-pil. “Prozac, antibiotica voor de ziel.”

“Hier Mark, neem dit recept mee”, vervolgde hij. “De eerste week slik je tien milligram per dag, daarna bouwen we het op naar twintig.”
“Word ik er niet ziek van?” Hij wist dat ik niet tegen kotsen kan, dus dat er geen extreme bijwerkingen plaats moesten vinden bij de nieuw te starten medicatie.
“Volgens mij valt dat wel mee. Je bent daar trouwens toch vanaf?”, zei hij gekscherend.

Hij wist hoe bang ik was om te kotsen. Tien jaar therapie, maar wee je gebeente als er een verkeerde Chinees tussenzit. “Bel me even over een week, dan kijken we hoe het gaat. Maar verwacht geen wonderen, het kan vier tot zes weken duren voordat je enig idee hebt of de Prozac überhaupt wel werkt.”
“Dank u, Paul, daar worden we wijs van.”
“Ik ben geen wonderdokter, Mark. Jij hebt wel een niet aflatend vertrouwen in mij, ik ben ook maar een gewone omgeschoolde huisarts.” Dokter Landgraaf heeft alleen al met onze consulten een nieuw rieten dak op zijn landhuis en een verwarmd zwembad in z’n tuin kunnen plaatsen. En dan hebben we het nog niet gehad over een nieuwe omheining bij z’n pied-à-terre in Genève, het walhalla voor nieuwerwetse medicijnmannen. Maar het is dat de farmaceutische industrie zo’n dikke vinger in de pap heeft, want praten kunnen die psychiaters niet meer, lijkt het.

Op de gang slikte ik snel even een Valiumpje weg om mijn angstige en depressieve gedachten te kalmeren. Ik voelde me door m’n gedrag ineens een ontzettende yup. Een yup met een lichte afhankelijkheid van tranquillizers. Een yup met een te grote zonnebril (het was niet eens zonnig), kekke broek, overhemd met stropdas en bretels. De outfit werd gecompleteerd met Uggs. Niet omdat Uggs lekker lopen, of omdat ik Uggs mooi vond, maar omdat het een fashion statement was. Geen idee welk statement ik trachtte te maken, maar ik had ze aan, de Uggs. Een homoseksuele, provinciale schizo-yup met een wanstaltige kledingsmaak die iedere dag een vuistvol valium nam om de dag door te komen. En al tien jaar in therapie zat.

Paul was mijn held. Mijn ziener. Mijn geweten. Al bijna een decennium lang een klankbord. Hij had wel wat steken laten vallen, maar nimmer met een zodanig grote impact dat het onze vertrouwensband heeft geschaad. Of dat de subsidie stop moest worden gezet. Paul heeft me uit de goot opgeraapt, me op zijn divan gelegd, om daarna psychodynamisch z’n gang te gaan. Het was therapeutische liefde op het eerste gezicht. Al vanaf het allereerste begin, toen ik halsoverkop op mijn veertiende opgenomen moest worden.

Volg Mark ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (5)