4.686
34

Schrijver

Joris van Huijstee is geboren op 16 februari 1966. In 2012 werd bij hem de officiële diagnose syndroom van Asperger gesteld. Op zijn 26ste levensjaar, in 1992, verbleef hij voor een psychose een jaar in psychiatrische inrichting de Sinaï te Amersfoort. Sinds ontslag in 1993 heeft hij nooit meer chemische medicatie tegen geestziekte gebruikt en is nooit meer depressief geweest. Door sommige experts verklaard als onmogelijk. Het heeft bij hem een drang aangemaakt om op te komen voor mensen met psychische problemen die dreigen onder te sneeuwen in het Nederlandse geestelijke zorgsysteem. Om ze te behoeden om een leven in de psychiatrische molen te leiden als dit voorkomen kan worden. Hij heeft Economie gestudeerd, gewerkt als telefonische verkoper, en in 1996 de toelatingstest voor Mensa gehaald. Het laatste om rechtvaardiging aan zijn soms andere gedachten te kunnen geven. Sinds 2002 is hij begonnen met schrijven. In totaal heeft hij vier detectives, twee romans, en een SF geschreven (2013) getiteld Het Nieuwe Leven, door de Telegraaf vergeleken met A Brave New World van Aldous Huxley.

De psychiatrische patiënt is beter af zonder pil

De nieuwe therapie GGZ 2013 wordt: afkicken van chemische medicatie

De geestelijke gezondheidszorg zal in de toekomst, vroeger of later, de conclusie gaan trekken dat behandeling op acceptatie van de geestziekte, uitgaande van de zwakheid van de patiënt, omgezet moet worden in het mentaal sterker maken van het karakter en de persoonlijkheid. De patiënt moet weer achter het stuur van zijn eigen geestziekte komen te zitten.

Een geestziekte is altijd eerst met een probleem begonnen. De geestziekte moet terug naar dit probleem. Daar zit de echte genezing in. Het in stand houden met medicatie zodat het niet gevoeld wordt, werkt op de lange termijn niet en is te duur. De nieuwe therapie GGZ 2013 wordt: afkicken van chemische medicatie die zo verslavend is.

Geestelijke gezondheidszorg gaat steeds meer kosten. De zorgpremie stijgt en het eigen risico is in 2013 gestegen naar 350 euro. Antidepressiva en Tweedelijns psychische hulp worden niet meer in alle gevallen vergoed. Iemand die antidepressiva gebruikt kan in 2013 het totale eigen risico bedrag aan medicatieverstrekking zien opgaan. En het lijkt erop dat de bezuinigingen verder gaan.

De eigen bijdrage van 200 euro voor tweedelijns behandeling is afgeschaft.  Was dit vanuit patiëntenbelang of omdat de psychiater zich anders bij het UWV moet gaan melden en farmacie niet genoeg voorschriften te leveren heeft? Houdt een economische, geestelijke zorg machine de patiënt – letterlijk en figuurlijk in dit geval – aan de praat of andersom? Voor de crisis was het credo: wie betaalt, bepaalt. Nu zou het credo moeten zijn; wie bepaalt, betaalt.

Ik zelf vind dat er een drempel moet zijn. Een eigen bijdrage van 50 euro en anders doe je het inkomensafhankelijk. Gratis is wat het op de lange termijn alleen maar duurder gaat maken.

De regering zorgt er voor dat er nog maar één behandelmethode is voor mensen met een geestesziekte. Een methode waarbij psychiatrie en farmacie compleet met elkaar vergroeid zijn. Het maakt de patiënt belijder van een overtuiging. Maar nu hij zelf een groot gedeelte moet gaan betalen zou hij zelf mogen bepalen wat hij wil.

Ik vind dat de psychiatrie de weg kwijt is. Voor eenzelfde geestziekte kan men bij twee psychiaters twee totaal verschillende soort medicijnen voorgeschreven krijgen. De psychiatrie heeft de deur voor farmaceuten te ver open gezet en daarmee hun kwaliteitsnaam te grabbel gegooid. 

Vanuit mijn ervaring is een geestziekte niet gerelateerd aan het oorzakelijke probleem maar aan het concentratiepunt in de hersenen. Ik zelf heb ooit een beschadigd kindgedeelte opgelopen, de angst kwam op latere leeftijd vrij. In eerste instantie probeerde ik de geestpijn met destructie middelen te doven en te beheersen. Het concentratiepunt verschoof. Een menselijk mechanisme dat geestpijn naar een veiligere plek in de hersenen aanstuurt waar het als minder pijnlijk wordt ervaren. Het probleem werd in mijn geest ingekapseld en er ontstond een geestziekte.

De spanning van de geestziekte werd door mij ervaren als voor de helft bepaald door het ingesloten gevoel en de onmacht hieruit te kunnen komen. Later bleek de oorzaak ervan, de andere helft, het probleem in feite, overkomelijk en bespreekbaar te zijn.

Twintig jaar geleden ben ik in een psychiatrische inrichting, waar ik voor een psychose opgenomen was, met hormonen behandeld. Ook voor mij is het nog altijd opmerkelijk dat ik sinds mijn ontslag in 1993 geen chemische medicatie meer gebruikt heb en nooit meer depressief geweest ben. Later bedacht ik dat de hormonen misschien het concentratiepunt van mijn geestziekte in de hersenen hadden verschoven.

Geestzieken moeten terug naar het probleem. Bij een geesteszieke is ‘gisteren’ het probleem. Daardoor heb je ‘vandaag’ klachten. Hormonen geven de kracht om naar morgen te kijken en door te lopen. Om een actief werkleven te leiden. Ik probeerde niet gisteren te bespreken om zo beter in vandaag te zijn. Ik betaalde de rekening vooruit, werd geheelonthouder, herstelde van orgaanbeschadigingen, die ik in de lever en longen had opgelopen, totdat ik in staat was om de dag vandaag beter te beleven. 

Het is enkel een kuur van drie weken geweest en bij een enkele opname gebleven. Ieder bewustzijn en elke persoonlijkheid moet zich ontwikkelen. Iemand is vijftien jaar oud en lust geen gebakken lever en op zijn 45ste vind hij het heerlijk. Wanneer je de klachten van ‘gisteren’ dooft met chemische medicatie evolueert jouw ‘vandaag’ niet. Hoe langer men chemische medicatie gebruikt hoe meer dit gemis aan evolutie van de persoonlijkheid een probleem wordt. Waardoor op de lange termijn chemische medicatie zijn effect begint te verliezen.  

Bij de psychiater zit je omdat je geestspanning voelt en onzeker bent. Vanuit het voorgaande vind ik dat een psychiater een keuzemogelijkheid moet bieden. ‘Hoe wil je behandeld worden? Welke aanpak zou je willen aangaan? Versterken van je persoonlijkheid of acceptatie van de zwakte en het probleem vandaag proberen weg te nemen?’

De cliënt moet zijn gelijkwaardigheid opeisen en daar positie naar gaan innemen. Farmacie is geen stichtingwerk maar het zijn bedrijven met winstoogmerk. De klant moet meer koning worden. Hij moet zelf zijn keuze van behandeling kunnen aangeven.

Tevens moet de cultuurmentaliteit veranderen. Iemand die bekend staat als geestesziek moet bij een slechte dag niet meer horen: ‘neem er anders nog een pilletje bij’. Maar moet gestimuleerd worden het op eigen kracht op te pakken. Alternatieve mogelijkheden moeten geboden worden, het gaat niet perse om mijn alternatief, maar alleen chemische medicatie geneest niet. 

Geef een reactie

Laatste reacties (34)