Laatste update 04 januari 2016, 15:57
3.859
136

Columnist, wetenschapsjournalist

Gard Simons (Kerkrade, 1963) is schrijver, columnist en wetenschapsjournalist. Hij woont en werkt in Limburg. Van februari 2007 tot januari 2014 schreef hij columns en essays voor de twee Limburgse dagbladen. Na publicatie in het Limburgs Dagblad en Dagblad De Limburger verschenen zijn columns op dit weblog. Sinds december 2013 publiceert Simons bij gelegenheid in landelijke dagbladen.

Verder maakt Simons bedrijfsfilms, info-mercials, commercials, evenementenreportages (denk bijvoorbeeld aan Pinkpop), korte documentaires en promotievideo’s.

De PvdA heeft Keynes harder nodig dan ooit

'Samsom heeft de PvdA in de uitverkoop gegooid door in zee te gaan met een enkele coalitiepartner die op praktisch alle gebieden het tegenovergestelde propageert van waar de PvdA voor behoort te staan'

Vrijwel geen ander land ter wereld heeft een zo merkwaardige haat-liefde verhouding met John Maynard Keynes als de Verenigde Staten. Die ambivalentie zien we bijvoorbeeld goed terug bij president Roosevelt, die in 1937 weer afstand nam van het Keynesiaanse economische stelsel, dat hij eerder nog omarmd had. Er zaten meer socialistische elementen in dan goed voor hem was.

Keynes, de volgens veel vakbroeders grootste econoom van de vorige eeuw, herdefinieerde in de jaren dertig het hele economische denken in de kapitalistische wereld. Hij bestreed de klassieke theorie, die leerde dat bij stijgende werkloosheid de consumptie daalt en het spaargeld stijgt. Door een toename van spaargelden daalt volgens de klassieken de rente, wat tot meer investeringen leidt die de werkloosheid op termijn weer terugdringen. Keynes stelde echter dat een dalende consumptie er vooral toe leidt dat bedrijven minder investeren en banken minder lenen. Door die verminderde investeringen loopt de werkloosheid op en daalt de consumptie nog verder, waardoor de aanvankelijke toename van spaargelden ongedaan wordt gemaakt.

Sociale ongelijkheid
Een economische crisis kon zich dus niet aan zijn eigen haren uit het moeras trekken, maar moest volgens Keynes vlot worden getrokken door overheidsbestedingen. Geld in de zak van de gewone man was volgens Keynes de remedie tegen een recessie. Het klassieke laissez faire model bood volgens de Engelsman niet alleen geen soelaas in tijden van tegenspoed, maar leidde volgens hem op den duur juist tot oplopende werkloosheid en sociale ongelijkheid.

Hiermee raken we aan een onderbelicht aspect van het Keynesianisme. Keynes wordt vooral herinnerd om de economische modellen die op middelbare scholen verplichte kost zijn, maar vergeten wordt vaak dat hij samen daarmee een nieuwe politieke filosofie ontwikkelde, die hij in 1939 sociaal liberalisme doopte. Hij pleitte voor overheidsingrijpen op alle gebieden ‘waar het individu volkomen machteloos op zichzelf is aangewezen’. Concreet betekende dit bijvoorbeeld dat hij overheden opriep minimumlonen en maximumarbeidstijden vast te leggen, ondernemingsraden verplicht te stellen en toe te zien op het functioneren van banken. Zijn economische theorie was geëvolueerd tot een middel om een levensbeschouwelijk ideaal te bereiken.

Historisch besef
Keynes’ critici diskwalificeren zijn ideeën als alleen toepasbaar in economisch zwaar weer. In tijden van voorspoed is een Keynesiaanse economie volgens hen een vertragende factor. Dit standpunt getuigt van weinig historisch besef. Een welvarende economie valt zonder typisch Keynesiaanse instrumenten als inkomensnivellering en overheidsbestedingen vanzelf ten prooi aan recessies.

Keynes voorzag een paradoxale correlatie tussen rijkdom en consumptie: hoe welvarender een huishouden is, hoe minder het geneigd is om zijn geld uit te geven. Het spaart meer en consumeert minder, waardoor de vraag afneemt, investeringen dalen en stijgende werkloosheid weer op de loer ligt. De economische ontwikkelingen die we na de Tweede Wereldoorlog zagen bevestigen Keynes’ visie. De vrijwel volledige werkgelegenheid in het West-Europa van de jaren vijftig bijvoorbeeld, was het gevolg van wederopbouwwerkzaamheden. Toen de economieën van de meeste landen hersteld waren en de welvaart steeg, trad het proces in werking dat Keynes voorspeld had.

Bij de VVD op schoot
Politieke partijen met een rechtse signatuur hebben in de regel niet veel op met Keynes. Zij zien nog steeds meer heil in het laissez faire model. Waartoe dat kan leiden hebben we inmiddels genoegzaam aan den lijve ondervonden. In de Nederlandse situatie kroop de PvdA onder aanvoering van Diederik Samsom bij de VVD op schoot om te kunnen meeregeren en verloochende en passant haar sociaaldemocratische principes, waarvoor ze nu de rekening krijgt gepresenteerd. Het vluchtelingenvraagstuk en de lokroep der simpele oplossingen van de PVV doen daar nog een schepje bovenop.

‘Niet goed onderhandeld’, kenschetste voormalig PvdA-prominent Marcel van Dam Samsom’s kapriolen. Dat is een milde kwalificatie. Samsom heeft de PvdA in de uitverkoop gegooid door in zee te gaan met een enkele coalitiepartner die op praktisch alle gebieden het tegenovergestelde propageert van waar de PvdA voor behoort te staan. Als er economisch geen vuiltje aan de lucht is kun je je dat permitteren, maar in de onderhavige situatie is het in de onderste lade wegstoppen van Keynes’ leerboeken een funeste strategie. Pas als de economische zon weer doorbreekt kunnen ze er even in terug, zoals Roosevelt in 1937 deed, toen de ergste gevolgen van de Grote Depressie met Keynesiaanse instrumenten waren bezworen. De geschiedenis heeft inmiddels geleerd dat samenlevingen die een hoge mate van sociale gelijkheid kennen, op den duur sociaalmaatschappelijk stabieler en economisch welvarender zijn. Amerika heeft Keynes sinds 1937 niet meer uit die onderste lade gehaald. Het is voor de PvdA te hopen dat ze dat voorbeeld niet volgt.

Gard Simons is wetenschapsjournalist en lid van de Partij van de Arbeid

Geef een reactie

Laatste reacties (136)