2.405
68

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

De risico’s van een pedotest

Wie verkeerd op de plaatjes en woorden reageert, is maatschappelijk geruïneerd

Voor zijn huwelijk met juffrouw Doddel had de heer Bommel regelmatig van doen met professor Joachim Sickbock. Dat beloofde nooit veel goeds. De hooggeleerde was dan bezig met een ontdekking die de goede stad Rommeldam vooruit leek te helpen, maar in de praktijk voor chaos en onrust zorgde. Het ziet er naar uit dat ook in Nijmegen een Sickbock actief is. Hij heet dr. Matthijs van Leeuwen en hij bedrijft sociale psychologie aan de Radboud Universiteit.

Van Leeuwen beweert een methode te hebben ontwikkeld om mensen met pedofiele gevoelens te identificeren, nog voordat zij aan hun geaardheid hebben toegegeven. Dat deden hij en zijn collega’s door proefpersonen te laten kijken naar combinaties van kinderfoto’s en woorden die met seksualiteit te maken hebben. Een persbericht van de Radboud Universiteit levert een nadere verklaring:

De testen die onderzocht werden, hebben allebei als doel om impliciete associaties vast te stellen. De ene test doet dat met woorden, de andere met woorden en plaatjes. Bij de woordentest kreeg een proefpersoon twintig neutrale (zoals aarde, beige, theorie, winkel) en seksueel getinte woorden (zoals erectie, naakt, liefde, strelen) door elkaar heen te horen en twintig plaatjes van volwassen (M/V) en kinderen te zien. Door op een linker- of een rechterknop te drukken, moest de proefpersoon onderscheiden: neutraal of seksueel en: volwassene of kind. Als bijvoorbeeld de linkerknop ingedrukt moet worden voor seksueel en kind is dat voor de pedofiele proefpersoon een congruente associatie en voor een proefpersoon in de controlegroep een incongruente. Dat verschil is af te lezen aan reactietijden.

De plaatjestest is in opzet vergelijkbaar. Tegen de achtergrond van een foto van een volwassen man of vrouw of van een jongetje of meisje (allen in badkleding) werd een neutraal of seksueel woord getoond. De proefpersonen werd gevraagd de achtergrond te negeren en de woorden zo snel mogelijk te categoriseren.
Het resultaat van de combinatie van de testen was dat op grond van impliciete associaties het onderscheid tussen de pedofiele groep en de controlegroep voor meer dan 90 procent juist was. Binnen de groep pedofiele proefpersonen kon geen onderscheid gemaakt worden tussen de resultaten van de pedofiele en pedoseksuele deelnemers.

Van Leeuwen meent dat je met zo’n test wellicht in het onderwijs of bij de kinderopvang tijdig de bokken van de schapen kunt scheiden. Het is – meent hij – aan de politiek om deze mogelijkheid al dan niet op te pakken. Hij vindt daarbij de Rotterdamse hoogleraar forensische psychiatrie HJalmar van Marle aan zijn zijde. Ook op de Erasmus Universiteit werkt men aan een test om pedofielen te kunnen identificeren.

Verschillende media hebben al met enthousiasme over de “pedotest” bericht. De gevolgen komen nauwelijks in beeld: wie verkeerd op de plaatjes en woorden reageert, is daarmee maatschappelijk geruïneerd want een pedofiel wordt in de samenleving niet geaccepteerd. Het is een noodlottig label en even noodlottig is het stempel dat op iedereen wordt gedrukt die weigert mee te werken aan een dergelijk onderzoek.

Bovendien kan men zich voorstellen dat sociaal psychologen volgens hetzelfde beginsel tests ontwikkelen om ook andere neigingen vroegtijdig te signaleren, tot diefstal misschien, tot gewelddadigheid, zelfs tot radicalisme. Dan kun je immers nog vóór het plegen van het misdrijf worden aangepakt.

Volgens van Leeuwen en de zijnen levert zijn pedotest tot 90% goede scores op. Ik kan moeilijk een oordeel vellen over de kwaliteit van het onderzoek of de geldigheid van de conclusies maar angstwekkend is het. Wie dat niet gelooft moet nog maar eens die oude DVD van Spielbergs film Minority Report tevoorschijn halen. Die schetst een samenleving waarin men – via mediamieke personen, niet via tests – denkt te kunnen vaststellen, wie een moord in de zin heeft. Dan is het immers mogelijk de potentiële dader tijdig uit te schakelen.

Spielberg situeert zijn film in 2054. Zorgt die Nijmeegse Joachim Sickbock er voor dat het al in 2013 zover komt? Moeten wij straks allemaal risicotests ondergaan? Worden wij een samenleving van getekenden?

Lees het persbericht van de Radboud Universiteit hier. Het wetenschappelijk artikel van de onderzoekers is hier te vinden. Er hangt wél een stevig prijskaartje aan.

Gelukkig willen Matthijs van Leeuwen en zijn baas, prof. dr. Rick van Baaren blijkens het persbericht van de Radboud Universiteit nadenken over de maatschappelijke implicaties van hun onderzoek. Dat nadenken moest maar eens snel beginnen.

Volg Han ook op Twitter

Het laatste boek van Han van der Horst is: Nederland, de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (68)