2.122
0

Student politicologie en publicist

Kiza Magendane is in Congo geboren en woont sinds 2007 in Nederland. Hij studeert Politieke Wetenschappen en is blogger bij o.a de Volkskrant en One World. Hij houdt zich daarnaast bezig met alles wat met verbinding te maken heeft en werkt momenteel aan zijn eerste boek: De Zoektocht naar de Nederlander.

De vluchteling als politiek instrument

We zien vluchtelingen primair als een vraagstuk, als een crisis en zetten ze in als politiek instrument. We zien ze niet als mensen

Uit cijfers van Vluchtelingenwerk Nederland blijkt dat meer dan 50 procent van de vluchtelingen in Nederland werkloos is. Dit is niet uniek voor ons land, in andere Europese landen zien wij hetzelfde patroon. Het is grotendeels de schuld van Europese leiders dat vluchtelingen in de bijstand terechtkomen. Het komt namelijk door het mensbeeld dat zij van deze vluchtelingen hebben.

Een perfecte illustratie hiervan zijn de recente onderhandelingen tussen Turkije en de Europese Unie over het lot van de vluchtelingen. Centraal bij deze onderhandelingen stond de verbetering van de verslechterde levensomstandigheden van vluchtelingen in Turkije. De uitkomst: Turkije krijgt drie miljard euro van de Europese Unie om de opvang te verbeteren. Ook zullen Turken voortaan versneld visumvrij naar de EU kunnen reizen. “Investeren in Turkije is ook ons eigen belang” reageerden premier Mark Rutte en andere Europese leiders op de deal.

De pijnlijke constatering is alleen dat, hoewel het akkoord is opgesteld om de situatie van vluchtelingen te verbeteren, dat niet het geval is. Vluchtelingen zijn niet beter af, alleen de onderhandelaars profiteren. De Europese Unie is blij met het idee dat vluchtelingen in Turkije kunnen worden tegengehouden. Turkije is blij met de extra financiële steun vanuit de EU en de visumvrije doorgang voor haar burgers. Er wordt zelfs gespeculeerd over een versnelde toetreding tot de Europese Unie.

We zien vluchtelingen primair als een vraagstuk, als een crisis en zetten ze in als politiek instrument. We zien ze niet als mensen. Hun dromen, ambities en aspiraties doen er niet toe.

De Weense-Israëlisch filosoof Martin Buber (1878 – 1966) analyseerde in zijn geprezen werk ‘Ik en Jij’ (1924) al de onpersoonlijke relatie die Europese leiders ten opzichte van vluchtelingen aannemen. Buber had het in zijn boek over twee belangrijke grondwoorden die de intermenselijke relatie definiëren. De Jij-Ik relatie en de Ik-Het relatie. De Jij-Ik relatie is een persoonlijke relatie tussen mensen, op een gelijkwaardig niveau, waar ontmoeting plaatsvindt. De Ik-Het relatie illustreert gebrek aan verbinding, communicatie en ontmoeting. Een status waar de andere in het derde vorm bestaat en waar geen persoonlijke relatie bestaat.

Volg je de redenering van Buber dan kun je constateren dat Europese leiders een Ik-Het relatie met vluchtelingen hebben ontwikkeld. Vluchtelingen worden als een crisis geobserveerd en geanalyseerd. Ze zijn in de ogen van de Europese politieke leiders een situatie, een ‘het’ waarover beslissingen genomen moeten worden. Het vermogen om vluchtelingen als mensen te zien ontbreekt volledig. Er wordt vooral over ze gepraat, in vormen van cijfers. Ze zijn een crisis die gemanaged moet worden.

En dat terwijl het mensbeeld dat wij van hen hebben, juist hun lot bepaalt. Wanneer de vluchtelingen die nu naar Europa komen over tien jaar nog steeds werkloos zijn, moeten wij niet verbaasd reageren wanneer zij zich niet hebben ingevoegd in de samenleving. Het is onze verantwoordelijkheid om in te zien dat vluchtelingen mensen zijn, die dezelfde ambities en aspiraties hebben als wij.

Omdat het ongezond en niet constructief is wanneer de potentie van mensen wordt vergeten en de nadruk wordt gelegd op onmogelijkheden, is het tijd om een Ik-Jij relatie met de vluchtelingen aan te gaan en hen te begeleiden naar volwaardige participatie. Wie doet mee?

Dit pleidooi hield Kiza Magadene eerder in Pakhuis de Zwijger tijdens een VPRO Tegenlicht Meet Up

Geef een reactie

Laatste reacties (0)