2.268
26

Promovendus Staats- en Bestuursrecht

Reijer Passchier (1987) is sinds 1 september 2012 promovendus aan de afdeling Staats- en bestuursrecht. Daarvoor studeerde Reijer Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Leiden. Naast zijn master European Law (2011-2012) volgde hij het Talentprogramma aan de Graduate School van de rechtenfaculteit. In het kader van dit programma deed hij een onderzoekstage in het rechtsvergelijkend onderzoek naar efficiency verbeteringen in het wetgevingsproces.

De War on Terror holt Westerse rechtsstaat uit

Het grootste gevaar voor de burgers komt niet van terroristen maar van bedreigde overheden zelf

Deze week publiceerde de Amerikaanse Senaat een belangrijk rapport over het gebruik van gewelddadige verhoormethoden door de CIA in de jaren na 9/11. Het was al langer bekend dat de inlichtingendienst van de Verenigde Staten in de periode van 2001 tot 2009 terreurverdachten martelde. Maar nu blijkt dat dit op veel grotere schaal gebeurde dan tot nu toe werd aangenomen.

Waterboarding, slaaponthouding, vernedering en dreiging met sexueel geweld behoorden tot het vaste instrumentarium van de CIA agenten. Tot op heden werd door velen volgehouden dat deze praktijken noodzakelijk waren in verband met de veiligheid van het land. In het rapport wordt echter geconcludeerd dat het martelen nauwelijks effectief was om cruciale informatie te verkrijgen. Met het gebruik van gewelddadige verhoormethoden is waarschijnlijk niet één aanslag voorkomen. Inlichtingen die leidden tot bijvoorbeeld de opsporing van Osama bin Laden zijn op andere wijze verkregen.

CIA LogoHet is prijzenswaardig dat de Amerikaanse overheid met dit rapport naar buiten komt. Het dwingt de Verenigde Staten om verantwoording af te leggen over een inktzwarte bladzijde in de recente geschiedenis. President Obama gaf in een interview toe dat de gewelddadige verhoormethoden ‘onmenselijk, verkeerd en contraproductief’ waren. Verder sprak Obama de hoop uit dat dit rapport er toe leidt dat de Verenigde Staten ‘deze fouten niet meer zullen maken’.

Het gebruik van gewelddadige verhoormethoden is echter niet het enige problematische onderdeel van de ‘War on Terror’. Vier andere zorgwekkende praktijken die inbreuk maken op de rechten en vrijheden van burgers binnen en buiten Amerika worden onverminderd voortgezet. 

Drones
Ten eerste zijn de Verenigde Staten in het kader van de strijd tegen terrorisme twee ondoordachte en desastreuze oorlogen Irak en Afghanistan begonnen. Deze worden ondersteund door een ‘coalition of the willing’ waartoe ook Nederland behoort. Beide militaire campagnes zijn nog steeds niet beëindigd. Sterker nog, in Irak is de chaos groter dan ooit en is een nieuwe vijand opgestaan. Sommigen zien de oorlogen in het Midden-Oosten dan ook als ‘beleidsrampen’. Vele mensenlevens zijn in de afgelopen dertien jaar verwoest. En het is de vraag of het iets heeft opgeleverd.

Ten tweede is Amerika onder President Obama aan een grootschalige en omstreden oorlog met drones begonnen. In landen als Pakistan en Yemen worden met deze onbemande vliegtuigen terreurverdachten gedood zonder enige vorm van proces. Naar schatting van de New America Foundation zijn bij deze zogenaamde ‘targetted killings’ al meer dan 4000 mensen omgekomen. Opgroeiende kinderen raken getraumatiseerd door het zoemende geluid boven hun hoofd en de constante dreiging van een raketaanval op de huizen van hun families. De details rond het drone-programma zijn voor het grootste gedeelte geheim. Niemand, behalve enkele mensen rond de president, weet precies wat er gebeurt. Daardoor wordt er nauwelijks verantwoording over de praktijken afgelegd. Niet aan het Amerikaanse volk. En zeker niet aan de slachtoffers en hun nabestaanden zelf.

Een derde probleem is de terreurgevangenis op Guantánamo Bay. President Obama heeft al meerdere keren beloofd deze gevangenis te sluiten. Toch zitten hier nog steeds ongeveer 110 mensen vast. De meerderheid heeft nog niet één keer een onafhankelijke rechter gezien en heeft geen enkel uitzicht op vrijlating.

En tot slot bespioneert de Amerikaanse overheid sinds 11 september op grote schaal individuele Amerikaanse en buitenlandse burgers. Data over bijvoorbeeld telecommunicatie wordt massaal verzameld en opgeslagen. Hiervoor wordt meestal geen toestemming van een onderzoeksrechter gevraagd. Zo nu en dan leiden onthullingen over de praktijken van onder andere de NSA tot enige ophef. Er lijkt echter nog weinig aan het inlichtingenbeleid te zijn veranderd.

Oorlog
Niemand kent het vervolg van de War on Terror. Wanneer is deze gewonnen? Als alle vijanden zijn uitgeschakeld? En wie zijn dat dan precies? Al-Qaida? IS? Boko Haram? De Moslimbroederschap? En wellicht ook de landen die ervan verdacht worden terroristen te steunen? De oorlog tegen ‘terrorisme’ is in potentie oneindig en ongelimiteerd. Wat gebeurt er na een eventuele volgende aanslag? Nieuwe groepen kunnen eenvoudig aangemerkt worden als terroristische organisatie. En bij elke nieuwe dreiging worden rechtsstatelijke waarborgen verder aan de kant gezet. Onlangs nog opende President Obama zonder toestemming van het Congres de aanval op IS in Syrië. Dit terwijl de Amerikaanse grondwet zo’n eenzijdige beslissing van de president om oorlog te voeren eigenlijk verbiedt. Veel deskundigen betwijfelen of het bombarderen van IS überhaupt zin heeft. 

De Republikeinse senator John McCain zei: ‘We hebben veel opgegeven in de verwachting dat martelen ons veiliger zou maken. Te veel.’ Het martelen mag dan zijn gestopt, maar andere dubieuze onderdelen van de War on Terror worden onverminderd voortgezet en zelfs uitgebreid. Veel Westerse landen, waaronder Nederland, ondersteunen het Amerikaanse beleid en nemen het voor een belangrijk deel zelfs over. Ook deze landen zouden zich de vraag moeten stellen of de juiste afwegingen worden gemaakt. Hoeveel mensenrechten en vrijheden willen wij opgegeven in het streven naar veiligheid? En welke beleid is nu eigenlijk daadwerkelijk effectief?

De War on Terror holt de Westerse rechtsstaten uit. Steeds vaker komt het grootste gevaar van overheden zelf. En daarmee zijn de terroristen aan de winnende hand.

Reijer Passchier is als promovendus verbonden aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden

Geef een reactie

Laatste reacties (26)