4.794
30

Student Liberal Arts and Sciences UvA

Sascha Sylbing is een 19 jaar oude studente Liberal Arts and Sciences aan Amsterdam University College (UvA/VU).

Discriminatie is niet grappig en zeker niet bij een Black Lives Matter-protest

De breed gedragen en vaak onbewuste associaties met een Surinaams accent, een Marokkaanse achternaam of een zwarte huid komen nog steeds veel gekleurde Nederlanders duur te staan wanneer zij solliciteren op een nieuwe baan of zich aanmelden voor een hypotheek

cc-foto: Karen Eliot

Het is 1 Juni 2020 en op de Dam klinkt Amsterdams oproep voor gerechtigheid luid en duidelijk. Het is precies één week nadat de 46-jarige George Floyd zijn laatste woorden I can’t breathe uitsprak, na vele andere zwarte Amerikanen die door de politie hun leven zijn ontnomen. Ook in Nederland stierf de 42-jarige Antilliaanse Mitch Henriquez aan stress en een zuurstoftekort, na te lang in een brute nekklem te zijn gehouden door de politie.

Maar politiegeweld is niet de enige vorm van racisme in Nederland. Machtsdynamieken worden immers niet altijd fysiek geuit: ze zitten verstopt in het woordgebruik in media, wanneer een vreedzaam protest een rel wordt genoemd; een moord die uitmaakt van een institutioneel racistisch patroon als incident wordt omschreven en een zwart kind op de basisschool niet het middelbare schooladvies krijgt dat hij waard is, op basis van de subjectieve blik van zijn, haar of hun leraar. En deze verdeling in onze samenleving wordt niet alleen in stand gehouden door de ‘hogere machten’; het is bij velen ingeworteld. En wie het niet actief bestrijdt, maar passief toekijkt naar wat er in de buitenwereld gebeurt, weerhoudt werkelijke verandering.

En zelfs op dit moment van bijeenkomst, protest en rouw in teken van Black Lives Matter, waar de Nederlandse uitingen en structuren van racisme meermaals werden benoemd, werd ik getroffen door een subtiele, doch schadelijke individuele discriminatie. Toen een gedreven, intelligente, en welbespraakte Surinaamse vrouw de microfoon kreeg en het publiek opzwepend toesprak, hoorde ik een witte man van middelbare leeftijd achter mij zeggen: “Ik dacht even dat het Judeska was”. Alhoewel het mij zeer onwaarschijnlijk lijkt dat er kwaadwillige intenties achter deze opmerking zaten, schuurt het toch.

Voor wie nog niet bekend is met het fenomeen Judeska: zij is een luidkeels, kip-liefhebbend Antilliaans-Nederlands typetje gespeeld door Jandino Asporaat uit ‘de Dino show’. In Judeska’s sketches worden stereotypen zo uitvergroot, dat ze velen, waar ik mij soms ook toe reken, aan het lachen krijgt. Bijvoorbeeld wanneer de Hindoestaanse Rashid stelt dat hij “niet zwart, maar donkerwit” is.

Er ontstaat echter een probleem wanneer clichés die grappig zijn vanwege hun overdrijving, worden gereproduceerd als werkelijkheid, zelfs door hen die op een Black Lives Matter-protest staan. Het associëren van een vrouwelijke Surinaamse of Antilliaanse stem met een type als Judeska is een teken van hoe diep gegrond discriminatie in Nederland nog is.

Natúúrlijk is het doodschieten van een zwarte man in de VS een heel andere gebeurtenis dan het op één hoop gooien van alle Surinamers en Antillianen, maar beide gevallen zijn vormen van discriminatie. Eén daarvan is helder, fysiek en empirisch waarneembaar. De tweede is eerder verborgen, doch persistent aanwezig, ook in Nederland.

Voor deze vorm is het tekenend dat de stem van een zwarte Surinaamse vrouw wordt gekoppeld aan Judeska, werkneemster in het ‘FC Kip’ fastfoodrestaurant, terwijl de stem eigenlijk tot een eloquente en maatschappelijke geëngageerde spreekster behoort. Deze associatie was op dit moment vrij onschuldig en bedoeld als luchtig grapje. Maar de breed gedragen en vaak onbewuste associaties met een Surinaams accent, een Marokkaanse achternaam of een zwarte huid komen nog steeds veel gekleurde Nederlanders duur te staan wanneer zij solliciteren op een nieuwe baan of zich aanmelden voor een hypotheek. Het bevestigen van een denkpatroon vol clichés en karikaturen, die een ongelijk verdeelde samenleving weerspiegelen, werkt deze ongelijkheden juist in de hand.

Het is en blijft enorm belangrijk om ons uit te spreken over het racistisch politiegeweld in Amerika, de systematische ongelijkheid in Nederland en de aard en effecten van Zwarte Piet. Maar het kan ook makkelijk zijn om de vinger te wijzen naar ‘het systeem’ en ‘institutioneel racisme’.

‘Institutioneel’ impliceert een schuld die ligt bij de instituten en slechts politiek opgelost kan worden. Bij politieke en maatschappelijke organisaties ligt zeker een grote rol, maar laten we naast institutioneel racisme, ook individueel racisme bestrijden. Want pas wanneer wij systematisch ons denkpatroon veranderen, dag in, dag uit, kunnen wij het systeem omdenken.

Geef een reactie

Laatste reacties (30)