Laatste update 20:09
1.913
36

Wethouder Wonen namens SP Amsterdam

Laurens Ivens is wethouder Wonen namens de SP in Amsterdam. Ook is hij lijsttrekker voor de gemeenteraadsverkiezingen 2018

Dweilen met de kraan open

De nieuwe regering zegt dat zij ook graag willen dat middeninkomens betaalbaar kunnen wonen. De hoogste tijd om grondig de eigen keuzes te evalueren

Voor mensen die net iets meer dan het gemiddelde inkomen verdienen is het lastig om een woning te vinden. Ze verdienen tegenwoordig te veel voor een sociale corporatiewoning, hebben te weinig inkomenszekerheid voor een hypotheek voor een koopwoning en moeten concurreren met mensen die nog meer verdienen voor een huurwoning in de vrije sector. Een echte sociale oplossing van dit probleem is alleen mogelijk als we ook bekijken wat de oorzaak hiervan is.

Dweilen
cc-foto: Marcel Oosterwijk

Leraren, verpleegkundigen, ambtenaren en zzp-ers zijn allemaal mensen die al snel een inkomen rond het gemiddelde hebben. Als zij een woning zoeken is het echter van groot belang om precies te bepalen hoeveel hun huishoudinkomen is. Verdien je onder het modale inkomen van 36.798 euro/jaar dan mag je geduld hebben op de wachtlijst voor een sociale corporatiewoning. Als je iets meer verdient moet je de vrije woningmarkt op. Maar: volgens de richtlijnen van het Rijk kunnen mensen die rond de 37.000 euro verdienen niet meer dan een sociale huur (tot 711 euro/maand) betalen. Des te opmerkelijker dus dat het Rijk deze harde inkomensgrens heeft ingevoerd en de groep die hier net boven zit de vrije markt op stuurt waar woningen van rond de 700 euro niet bestaan.

In Amsterdam mogen alle mensen met een laag tot gemiddeld inkomen een particuliere huurwoning met een sociale huurprijs betrekken. Het probleem is echter dat het Rijk ook hier haar beleid heeft veranderd waardoor woningen in dure gebieden al snel geliberaliseerd mogen worden en duur verhuurd kunnen worden. Alleen al voor Amsterdam betekent dit dat zo’n 40.000 woningen uit dit betaalbare segment zullen verdwijnen, simpelweg omdat de woningeigenaar hier veel meer geld aan kan verdienen. Hier blijven alleen kleine woningen voor deze mensen met een gemiddeld inkomen over.

Waar het Rijk het steeds lastiger maakt voor deze inkomensgroepen, zet Amsterdam hier juist vol op in. We proberen – ondanks de verhuurderheffing – zoveel mogelijk sociale huurwoningen te behouden. Bij de nieuwbouw kiezen we er bewust voor dat 80% van de woningen betaalbaar is voor mensen met een laag of gemiddeld inkomen: de helft als sociale huurwoning, de helft als woning met een maandlast van ongeveer 850 euro. Dat de gemeente daarvoor vele miljoenen aan grondinkomsten laat liggen, nemen we daarbij voor lief.

Terwijl de gemeente investeert in betaalbaarheid zijn het de huizenverhuurders die profiteren van de ruimte die het Rijk hen geeft. Zij kunnen in steden met een woningtekort stinkend rijk worden over de ruggen van de leraren, verpleegkundigen, ambtenaren en zzp-ers.

De nieuwe regering geeft aan dat zij ook graag willen dat middeninkomens betaalbaar kunnen wonen. De hoogste tijd om eens grondig haar eigen keuzes te evalueren: schrap die harde inkomensgrens van 36.798 euro/jaar, bescherm huurprijzen in plaats van huizenverhuurders en vervang de verhuurderheffing door een investeringsverplichting voor corporaties. Alleen op die manier kunnen we er voor zorgen dat huishoudens die net iets meer verdienen dan het modale inkomen gedwongen worden om meer huur te betalen dan ze eigenlijk kunnen missen. Ja, de woekeraars en huisjesmelkers zullen niet blij zijn, maar dat zijn volgens mij extra goede argumenten om het te doen.

Geef een reactie

Laatste reacties (36)