556
6

Platform Duurzame en Solidaire Economie

Lou Keune (1938) is (voormalig) universitair hoofddocent aan de Katholieke Universiteit Brabant (KUB), Faculteit Sociale Wetenschappen (FSW). Zijn onderzoeksgebied was ongelijke ontwikkeling (tussen 'noord' en ‘zuid’). In 1961 deed hij zijn doctoraal economie. In 1969 werd hij doctor in de Sociale Wetenschappen. Keune was betrokken bij veel politieke initiatieven, met name in de solidariteitsbeweging en de kritische economie, waarin hij nog steeds actief is. Hij is medeoprichter van het Platform Duurzame en Solidaire Economie.

Economische groei en bezuinigingen

De visie van het Centraal Planbureau

De nieuwste Macro Economische Verkenning (MEV) van het Centraal (CPB) is uit. Dit rapport wordt ieder jaar gepresenteerd bij de indiening van de nieuwe rijksbegroting. In algemene zin geeft dit rapport de kaders aan waarmee rekening moet worden gehouden bij het vaststellen van de begroting. Het is een rapport om goed op te letten. Het verankert in feite de economische analyse die aan het landelijk overheidsbeleid ten grondslag ligt. Het overheersende vertrekpunt daarbij is de verwachting over de economische groei.

Hoeveel procent groei is te verwachten en (dus) hoeveel belastingopbrengsten? Die laatste categorie, de verwachte belastingopbrengsten, wordt niet alleen op grond van de vermoedelijke economische groei berekend. Ook gaat men uit van bepaalde verwachtingen over belasting tarieven. Bijvoorbeeld over de inflatie, de geldontwaarding dus, die tot aanpassingen van de belastingschijven leidt. Of over de gemiddelde welvaartsstijging die ook gevolgen kan hebben voor de belastingschijven. Richtgetallen voor bijvoorbeeld de nodig geachte bezuinigingen komen voort uit deze berekeningen.

De MEV is een kundig rapport, goed geschreven, biedt een keur aan ken- en kerngetallen, en verschaft ook een onderbouwing van het overheidsbeleid. Ook zitten er grapjes in zoals de paragraaf over de vraag: “Knakt Arjen Robben het herstel van de Nederlandse economie?” Dat gezegd zijnde moet mij, niet voor het eerst, van het hart dat het CPB ons voor de zoveelste keer op het verkeerde been zet. Om maar weer eens het gehanteerde begrip economische groei bij de kop te pakken; het lijkt erop alsof de al decennia voortdurende discussie over en kritiek op dat begrip volledig aan het CPB  is voorbijgegaan. In steeds meer officiële gremia wordt het belang van die discussie en de bevindingen daarvan erkend. Of wij het nu hebben over Sarkozy of  Barrosso, over Stiglitz of Heertje, bij een toenemend aantal politici en economen is het inzicht gekomen dat de, ook door het CPB gehanteerde, economische indicator ‘bruto binnenlands product- bbp’ (de som van alle ‘toegevoegde waarden’) grote gebreken vertoont. En wel om verschillende redenen.

Ten eerste is het de verkeerde indicator voor de welvaart, omdat het met heel veel factoren geen rekening houdt. Zo zou er – althans in de gedachtegang van het CPB -sprake zijn van economische groei ook als  steeds meer mensen van de gevolgen van die groei ziek zouden worden vanwege bijvoorbeeld toename van de uitstoot van fijnstof of verdergaande aantasting van de ozonlaag. En ook blijft vanuit die opvatting sprake van economische groei als de visserijsector veel banen en winst oplevert, ook als binnenkort nauwelijks nog vissen te vinden zullen zijn. Kortom, mensen worden ziek, natuurlijk kapitaal verdwijnt, maar toch is sprake van welvaartsstijging.

Ten tweede is het ook in economische zin een verkeerde, althans zeer gebrekkige indicator van de stand van de economie. Immers, die ‘toegevoegde waarde’ zoals vertegenwoordigd door het bbp laat heel veel economie buiten beschouwing. Bijvoorbeeld al die productieve activiteiten die niet vergezeld gaan van monetaire transacties, als veel huishoudelijke arbeid. Maar ook allerlei kosten worden niet in rekening gebracht, bijvoorbeeld niet betaalde milieukosten, of beroepsziekten. Zelfs worden bepaalde kosten als opbrengsten meegerekend, zoals die verbonden met beroepsziekten want aan het weer gezond maken van mensen wordt ook verdiend terwijl het daarbij eigenlijk gaat om het herstel of de instandhouding van menselijk kapitaal, dus zeker geen ‘toegevoegde waarde’ is.

En ten derde is dit begrip economische groei volstrekt onjuist als het gaat om de analyse van wat er in de samenleving aan de hand is. Wij, de mensheid, zitten met diepgaande crises. De vele en toenemende milieuproblemen worden terecht steeds vaker aangeduid met het begrip ecocide omdat de fysieke bestaansvoorwaarden van ons en de komende generaties fundamenteel worden aangetast. Zie alleen al het overgebruik van de biologische capaciteiten van de aarde zoals uitgedrukt in de ecologische voetafdruk. Dat overgebruik gaat in de richting van 40 procent, en impliceert een verregaande afname van die capaciteiten. En wat te denken van de voortdurende voedselcrisis? Er hoeft maar in één gebied, Rusland, te weinig regen te vallen of wereldwijd gaan de voedselprijzen omhoog en dus ook het aantal mensen dat honger lijdt. En dat dan als gevolg van het toenemend gebruik van grond voor onze overconsumptie en voor andere doeleinden dan het produceren van voedsel. Deze en andere (onder-)ontwikkelingen worden bij de berekening van het bbp niet betrokken.

Al decennia lang zet het CPB ons met de MEV op verkeerde benen. Het suggereert welvaartstijgingen terwijl in feite sprake is van welvaartsdalingen. En het spreekt van economische groei terwijl er al sinds decennia economische krimp is. Krimp, althans als je een echt reëel begrip van economie hanteert, een begrip dat gebruik maakt van menswaarden en natuurwaarden, en niet alleen van geldswaarden. Eigenlijk is het begrip economische groei zoals het CPB dat hanteert maar voor één doel heel geschikt: het berekenen van de verwachte belastingopbrengsten. Maar ook daarbij zitten keuzes  zoals bij de inschatting van de inflatie, of de bepaling van de mate waarin de gemiddelde (gemonetiseerde!) welvaartstijging gevolgen moet hebben voor de belastingtarieven. Waarom bij de berekening van de begrotingstekorten niet eerst gekeken naar de tekorten in de reële economie? Als ik naar die laatste tekorten kijk dan pleit ik voor belastingverhogingen en zeker niet voor verlagingen!

Geef een reactie

Laatste reacties (6)