778
9

Ondernemer/ Publicist

Michael Blok is geboren in 1970 in de regio Den Haag. Hij woont sinds 1988 in Amsterdam, met tussenpozen in Londen en Parijs. Hij studeerde economie en bedrijfskunde, en begon zijn carrière als zakenbankier bij Morgan Stanley. Later was hij strategieconsultant bij McKinsey, en in 2004 richtte hij met 3 collega's The Anders & Winst Company op, een adviesbureau op het gebied van duurzaam en strategisch zakendoen. Van 2007 t/m 2010 was hij voorzitter van GroenLinks in Amsterdam-Oost. Sinds begin 2011 is hij actief binnen het Platform Stop Racisme en Uitsluiting en publiceert hij regelmatig over het minderhedenonvriendelijke klimaat in Nederland.

“Ede is on-Nederlands”

De allochtonenstop in Ede toont aan dat het ons aan een constitutionele cultuur ontbreekt

Ede was gisteren weer eens negatief in het nieuws. In deze dorpse stad werden Roma etnisch geregistreerd en maken uitheemse jongeren geen kans op stageplaatsen. Nu blijkt dat een lokale basisschool een aanstaande verbouwing wil gebruiken om de huidige “zwarte” leerlingen van school te verwijderen, en daarna een nieuw leerlingenbestand op te bouwen met hooguit 25% kinderen uit etnische minderheden. Dat is illegale discriminatie, maar waarschijnlijk geen racisme. Het gaat om een heel ander probleem: het gebrek aan een constitutionele cultuur in dit land.

De meeste Nederlandse politici vinden dat scholen zoveel mogelijk sociaal gemengd moeten zijn. In veel gemeentes zijn er daarom initiatieven genomen om leerlingen te spreiden. In Amsterdam en Nijmegen is er zelfs een centraal aanmeldsysteem voor bepaalde wijken of schooltypes, wat diep ingrijpt in de vrije schoolkeuze van ouders. Maar niet alles is daarbij toegestaan. Ondanks dat iedereen het heeft over “zwarte” en “witte” scholen mag je niet selecteren op basis van afkomst of huidskleur. Een school mag wel kijken naar opleidingsniveau of inkomen van de ouders.

Het schoolbestuur van De Zuiderpoort kan als openbare school eigenlijk geen leerlingen selecteren, en dus al helemaal niet op basis van etniciteit of paspoort. Ondanks felle protesten van ouders en lokale politici zet de school hier toch mee door. En dat in hetzelfde Ede waar racisme geïnstitutionaliseerd lijkt te zijn in het bedrijfsleven, en waar de (door Hitler bijna uitgeroeide) Roma achteloos etnisch geregistreerd worden. Een zelfde vreemdelingenonvriendelijk klimaat heerst in Volendam, en ook daar is een school (het Don Bosco college) die met een vaag beredeneerd en inconsistent hoofddoekverbod moslimleerlingen weert.

En toch lijkt racisme hier niet het probleem. De woorden van het schoolbestuur duiden op een pragmatische houding die gericht is op inpassing in de wijk en kwaliteit van onderwijs. Daarmee lijkt deze school minder op het Don Bosco dan op de Willibrord IJburg. Deze populaire Amsterdamse basisschool had tot 2010 een voorrangsbeleid voor “kleurrijke” leerlingen, waarmee zowel migranten als de kinderen van homo’s werden bedoeld. Ook hier was geen sprake van racistische motieven, maar van pragmatisch enthousiasme dat werd gestimuleerd door de Amsterdamse overheid, die het voortdurend over “zwarte” scholen heeft waar ze social zwakke scholen bedoelt.

Discriminerend beleid kan dus heel goed samengaan met goede bedoelingen.

Maar dat maakt het nog niet moreel of juridisch verantwoord. En daarin passen deze scholen perfect in de Nederlandse maatschappij, waarin het ontbreekt aan een gedeeld besef van de moreel-juridische normen die een liberale democratie bij elkaar houden, en die onderdeel zijn van een positief national zelfbeeld. De belangrijkste norm is daarbij gelijkheid voor de wet, maar de gemiddelde Nederlander heeft ook weinig gevoel voor rechtszekerheid, de scheiding van machten, privacy en de rechten van subculturen. Overtredingen van die normen worden dan ook niet gauw als moreel fout veroordeeld en het ontbreekt mensen aan een moreel-juridisch kompas. Overijverige bestuurders rijden dan al gauw scheve schaats.

Ook onze politici hebben hier veel last van. De kabinetten Balkenende namen met de beste bedoelingen een reeks asiel- en migratiemaatregelen die later door de (Europese) rechter als discriminerend en kindonvriendelijk zijn veroordeeld. De maatregelen van het kabinet Rutte staan nog veel vaker op gespannen voet met ons grondwettelijk bestel, maar worden door de oppositie als “onverstandig” of “onhaalbaar” bestempeld, in plaats van als onwettig, afdoend aan de rechtsstaat, of gewoon fout. Partijen als de PvdA, SP en GroenLinks kritiseren vrijuit rechterlijke uitspraken of steunen etnische registratie en ongekende massaspionage op burgers (ov-chipkaart, nummerborden, afluisteren).

Het kan ook anders. In de Verenigde Staten is het nationale zelfbeeld volkomen vervlochten met de grondwet; zeggen dat iets on-Amerikaans is betekent dat het tegen de Grondwet ingaat. In Frankrijk worden de “republikeinse waarden” voortdurend uitgedragen door media, politici en andere gezagsdragers. Als een Duitse politicus een maatregel neemt die later “Verfassungswidrig” blijkt, schaamt hij zich publiekelijk diep.

Engeland heeft geen geschreven grondwet, en juist daarom houdt iedereen zich stipt aan de door de eeuwen heen ontstane liberaal-democratische principes (“our Constitution”). In Nederland beschermden de erfenis van verzuiling, Hitler en de Flower Power ons lange tijd voor antirechtsstatelijke maatregelen, maar nu deze erfenis is vervlogen komt pijnlijk bloot te liggen dat het ons aan zo’n gedeeld positief beeld ontbreekt van “hoe wij dingen doen”. Uw dienaar was laatst bij een bijeenkomst over de kwaliteit van de Nederlandse rechtsstaat, en vond daar bijval voor de opmerking dat heel Nederland gesocialiseerd moet worden op dit punt. Want het gebrek aan constitutionele cultuur begint flinke gaten te slaan in onze rechtsstaat, en dat is schade die al gauw een zichelf versterkend proces wordt.

De regering heeft principes als tolerantie, vrijheid en gelijkheid aangemerkt als de kern van onze gedeelde cultuur. Misschien is er daarom een politieke voedingsbodem om op scholen constitutionele principes er enthousiaster in te hameren en om (als laatste Westerse land, samen met
Finland) rechters het recht te geven om ongrondwettelijke wetten te vernietigen. En politici kunnen zich nog eens achter de oren krabben of ons grondwettelijk bestel wel voldoende gerespecteerd wordt in hun handelen, zowel bij voorgestelde maatregelen als bij kritiek op politici die onze rechtsstaat in het vizier hebben. Misschien lukt het ons dan op termijn om foute voorstellen of politici tegen te gaan door ze af te doen als “on-Nederlands”.

Geef een reactie

Laatste reacties (9)