625
32

Lobbyist en Politiek Filosoof

Robbert Baruch is Manager Public Affairs bij Buma/Stemra. Hij is op 12 oktober 1967 in Amsterdam geboren. Hij studeerde Politicologie (Politieke Filosofie) en Bestuurskunde in Leiden en Theologie in Amsterdam en Jeruzalem. Zijn studie politicologie rondde hij af met een scriptie over Vondel's Palamedes en de 17e-eeuwse Nederlandse politieke filosofie. Na zijn studie werkte hij achtereenvolgens als communicatiestrateeg bij een internationaal reclamebureau, communicatiemanager bij de ING Groep, bestuursadviseur, wethouder van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord en lobbyist voor het Verbond van Verzekeraars in Den Haag.

Een Europa om van te houden

Te pas en te onpas wordt de Europese Unie er met de haren bijgesleept als een vervelend besluit moet worden verdedigd

De komende Europese verkiezingen moeten gaan over een sociaal Europa. Een hervorming van het Stabiliteitspact is daarvoor een harde voorwaarde, stelt Robbert Baruch, kandidaat lijsttrekker van de PvdA voor de Europese verkiezingen.

Jaar op jaar neemt de steun voor het Europese project af onder de Europese burgers, zo blijkt uit onderzoek. In de hele Europese Unie, maar vooral in de Eurozone vragen mensen zich steeds meer af: wat heb ik eigenlijk aan dat Europa? Waarom moet er worden bezuinigd op de zorg, het onderwijs, de pensioenen?

De Europese Unie lijkt voor steeds meer mensen een onbegrijpelijk doolhof waarin anonieme mannen en vrouwen vergaande beslissingen nemen over onze toekomst. De Unie is voor velen niet transparant, onzichtbaar en afstandelijk.

Laten ze taart eten
Recent nog deed ‘Brussel’ een duit in het zakje. Minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher riep de Europese Commissie op klachten over oneerlijke concurrentie op de Europese arbeidsmarkt serieus te nemen. Eurocommissaris Neelie Kroes deed Asscher af als een Hansje Brinker, een andere eurocommmissaris sprak van xenofobie.

De boodschap die luid en duidelijk overkwam: legitieme zorgen van burgers, die Asscher een stem gaf, worden in Brussel weinig serieus genomen. Laat het volk dan maar taart eten; de Europese Commissie als een moderne Marie-Antoinette. Veilig en vol onbegrip in een afstandelijk paleis, totdat het volk komt binnenstormen.

Nationale politici treffen ook blaam. Te pas en te onpas wordt de Europese Unie er met de haren bijgesleept als een vervelend besluit moet worden verdedigd. ‘Het moet van Europa’ klinkt het dan, als een vijgenblad voor het eigen falen. Terwijl men toch echt zelf deelnam aan de vergadering waar het besluit genomen werd. Niet zo raar dat je na jaren ‘het moet van Europa’ als burger minder zin krijgt in Europa.

Het waren ook de regeringsleiders die ijverden voor de komst van het Stabiliteits- en Groeipact, wat de eurolanden begrotingsregels met straffe sancties oplegde. De reden voor dat pact leek indertijd een juiste: om de stabiliteit van de euro te waarborgen als landen een potje maken van hun staatsfinanciën.

Naar een Sociaal Groeipact
Maar de afgelopen jaren is duidelijk geworden welke weeffouten gemaakt zijn toen landen als Portugal, Spanje en Griekenland toegelaten werden tot de Eurozone. Jarenlang werden deze fouten verhuld doordat de sterke euro voor goedkope leningen zorgde. Toen door de kredietcrisis echter de leencarrousel stokte, bleek hoe kwetsbaar bepaalde economische fundamenten werkelijk waren.

Nu is de (jeugd-)werkloosheid in Zuid-Europa enorm en er wordt daar fors bezuinigd op de zorg, de sociale zekerheid, het onderwijs, de pensioenen. Het gevolg is een neerwaartse spiraal die generaties in armoede stort. Jonge Spanjaarden en Grieken worden de dupe van fouten van een vorige generatie: banken zonder geld, slecht functionerende overheden en een Europa dat éénzijdig zegt: “bezuinigen”.

Het Stabiliteitspact moet socialer. Leidende figuren als Commissievoorzitter José Barroso en begrotingscommissaris Olli Rehn vinden inmiddels ook dat het tijd is om het Stabiliteitspact aan te passen. “De grenzen zijn bereikt”, zei Barroso in april van dit jaar. “Er moet een sociale dimensie komen”, viel Rehn hem bij.

Ook om puur pragmatische redenen is een hervorming van het pact nodig. Het is uitgehold door alle uitzonderingen die de afgelopen tijd zijn gemaakt voor landen in moeilijkheden en de door Duitsland en Frankrijk afgedwongen versoepeling in 2005. Het pact kan niet op ad hoc-basis worden toegepast. Zo weet straks niemand meer waar hij aan toe is en wordt het pact op den duur een speelbal van belangen.

Een streng maar sociaal rechtvaardig Europa
Betekent dit dat het pact moet worden afgeschaft? Nee. De normen moeten blijven. Maar het pact moet socialer. Het moet meer rekening houden met de effecten van de sancties en pro-actiever zijn. Naast de begrotingscriteria (maximaal 3% begrotingstekort, maximaal 60% staatsschuld) moeten sociale pijlers komen. Er moeten even strenge normen bij komen om de werkloosheid te beperken en te investeren in onderwijs en innovatie.

Het rigide vasthouden aan 3% begrotingstekort en 60% staatsschuld is even dom als onhaalbaar. Natuurlijk, er moeten normen zijn. Tegelijkertijd zie je dat de Europese landen zich er niet aan houden. De vraag is: moet je ze dwingen, en ze zo dwingen tot het nemen van absurde bezuinigingsmaatregelen?

Nee. Juist waar al te rigide bezuinigingen een slechtere situatie oplevert voor de inwoners, moet je een midden vinden tussen de financiële en de sociale normen. Sterker nog: als je die sociale normen even zwaar laat meewegen, wordt het SGP als kader alleen maar sterker: je kan een betere afweging maken.

Dus nee, ik ben niet voor het loslaten van een norm. Maar alleen door de financiële norm uit te breiden met sociale, kan je een betere afweging maken.

En niet alleen voor de landen die nu in de problemen zitten. Juist in alle landen waar ‘Brussel’ en het Stabiliteits- en Groeipact gebruikt worden als reden om enerzijds mee te liften op de steeds groeiende kritiek op de Europese Unie, en anderzijds de eigen handen in onschuld te wassen, moet ervoor gezorgd worden dat er een balans gevonden wordt tussen het gezond maken van overheidsfinancien en het investeren in werk en onderwijs.

Een Europa dat naast je staat wacht niet tot het fout gaat, maar vraagt in een vroeger stadium: er lijkt iets fout te gaan, hoe kunnen we helpen?

En natuurlijk. Als de regering van een land er overduidelijk zelf een potje van maakt, moet de regering daarop aangesproken worden. Naming and shaming. Voorkomen moet worden dat men weg kan komen met het al eerder genoemde ‘het moet van Europa’-vijgenblad, om vervolgens de problemen af te wentelen op de bevolking.

Als politiek leider van de PvdA in Europa wil ik samen met de partners in de sociaal-democratische delegatie van het Europarlement optrekken om een hervorming van het Stabiliteitspact te bewerkstelligen, samen met de regeringsleiders en de Europese Commissie.

Het is tijd voor een Europa dat naast je staat, waar je trots op kunt zijn. Een sociaal Europa dat voor iedereen werkt is een Europa om van te houden.

Verschenen op Baruch2014Volg Robbert ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (32)