3.043
120

Politiek filosoof

Mathijs van de Sande (1984) is politiek filosoof en als promovendus verbonden aan de KU Leuven. Vertrekkend vanuit een breed scala aan radicale politieke tradities (jong-hegelianisme, anarchisme, (post-)marxisme), richt zijn onderzoek zich met name op het raakvlak tussen filosofie, politiek activisme en discoursanalyse. Hij publiceerde bij verschillende tijdschriften en blogs over uiteenlopende onderwerpen: anarchistische en marxistische filosofie, ‘prefiguratieve politiek’, (de geschiedenis van) extreem-rechts, taal en politiek, populisme, etc. Mathijs is lid van de linkse basisorganisatie Doorbraak.

Een paar kritische (peper)noten

Het debat rond Zwarte Piet wordt ieder jaar dominanter en omvattender, en dat is een goed teken: blijkbaar voelen toch veel Nederlanders aan dat er hier iets goed verkeerd zit

Toen ik mij een jaar of vijf geleden aansloot bij Doorbraak, was dat een van de weinige linkse organisaties die zich expliciet en zichtbaar verbond met het toenemende protest tegen Zwarte Piet. Eerlijk is eerlijk: destijds vond ik het een verspilling van tijd en energie. Weliswaar hadden Doorbraak en andere critici gelijk, maar ik zag niet direct de meerwaarde of het politieke belang ervan. Nu sinds een paar jaar het debat in alle hevigheid is losgebarsten (en ieder jaar de gemoederen verder lijken op te lopen), ben ik overtuigd. Het debat rond Zwarte Piet is juist nu van onmetelijk belang. Niet in de laatste plaats omdat er veel meer op het spel staat dan alleen de knecht van Sinterklaas.

Maar eerst een andere anekdote: twee jaar geleden woonde ik rond deze tijd van het jaar in Engeland. Talloze keren werd me daar gevraagd wat dat fenomeen “black Pete” nu precies was. Het googelen van een paar foto’s was vaak al genoeg om mijn Engelse vrienden ervan te overtuigen dat er iets goed mis was. “Maar dat is gewoon een slaaf!”, zo reageerde werkelijk iedereen. Britten kunnen zich niet voorstellen dat het in een land met zo’n historische rol in de slavernij en slavenhandel (dat hebben Groot-Brittannië en Nederland immers met elkaar gemeen), normaal is om ieder jaar en masse dit beeld op te roepen: een oude, witte man met dito baard, omgeven door een horde zwarte knechten.

VOC-mentaliteit
Let’s face it: Zwarte Piet ís een slaaf. Zijn typische klederdracht is die van de achttiende-eeuwse Moorse page (een huisslaaf, met andere woorden). En ja: Zwarte Piet ziet er ook uit als een ‘Moor’. Al klim je duizend keer door een schoorsteen, een grote bos kroeshaar en dikke, rode lippen zal je er niet van krijgen. Overigens, tot ver in de jaren tachtig sprak Zwarte Piet op de Nederlandse televisie met een zwaar Surinaams accent. Ook dat zal hij niet uit Spanje hebben meegenomen.

Zwarte Piet verwijst naar een verleden dat veel Nederlanders eigenlijk bedroevend slecht kennen. Eeuwenlang werden economische groei en voorspoed mogelijk gemaakt door de handel in – en uitbuiting van – slaven. Miljoenen mensen zijn door “ons” vermoord, ontvoerd, gevangen gehouden, op alle mogelijke manieren misbruikt en stelselmatig gereduceerd tot last- of werkdier. Ik zeg het zonder greintje ironie: “wij” gaan vandaag beter om met onze varkens dan destijds met “onze” slaven (en dat zegt meer over dat laatste, maar dat terzijde). Vandaag de dag hebben we het daar liever niet meer over. In plaats daarvan beroepen we ons in tijden van crisis op “onze VOC-mentaliteit”, en rehabiliteren we koloniale schurken als Michiel de Ruyter of Maarten Tromp, die hier nog altijd als “zeehelden” te boek staan.

Dus, resumerend: Zwarte Piet heeft alle uiterlijke kenmerken van een ouderwetse Moorse slaaf, en Nederland heeft op z’n zachtst gezegd een problematisch verleden in de verspreiding en instandhouding van de slavernij. Zwarte Piet appelleert aan een tijd dat het normaal was om zwarte mensen te zien als middel, als productiebron die naar believen verhandeld, verscheept, verkracht en vermoord mocht worden.

Folklore
Is het dan zo gek dat niet-witte mensen in het Nederland van vandaag zich oprecht beledigd en bespot voelen, zodra onze jaarlijkse verkleedpartij van start gaat? Is het zo ontzettend raar dat men zich stoort aan de onkritische manier waarop wij een relikwie uit een problematisch verleden onkritisch in stand houden? Veel Nederlanders die zich momenteel tegen dit fenomeen keren, zijn afstammelingen van slaven die uit Afrika werden ontvoerd en op plantages overzee gedwongen te werk werden gesteld. Voor hen is het terecht problematisch dat de enige breed gedragen verwijzing naar dit slavernijverleden niets meer is dan een stompzinnig stukje folklore. Maar ook andere (“witte” en “niet-witte”) Nederlanders zien in Zwarte Piet vooral een stukje populaire cultuur waarin de maatschappelijke verschillen tussen mensen van verschillende afkomst (lees: tussen “wit” en “zwart”) worden gelegitimeerd. De een is wit en de rijke baas, de anderen zijn allemaal zwart en zijn ondergeschikten. Natuurlijk is het problematisch dat onze kinderen (“wit” én “zwart”) met dat beeld worden opgevoed. Je hoeft echt niet “zwart”, “allochtoon” of “buitenlander” te zijn om dat te zien.

Aan de andere kant: ik kan me wel voorstellen waarom veel Nederlanders (opnieuw: zowel “wit” als “zwart”) zich moeilijk kunnen indenken waar iedereen zich toch zo druk over maakt. Uiteindelijk is het Sinterklaasfeest toch vooral een feest voor kinderen, een onschuldige traditie waarin het delen van cadeaus en lekkernijen of het samenzijn met vrienden en familie centraal staan? Is dat niet waar het ons allemaal om zou moeten gaan? Waarom moet daar dan zo nodig weer een probleem van worden gemaakt?

En dus richt men Facebook-pagina’s op (“Het Sinterklaasfeest moet blijven” met zo’n 55 duizend likes, en “Zwarte Piet moet zwart blijven” met zo’n zesduizend likes), hoont men de critici weg en verkondigt men dat (zoals Rita Verdonk het eens verwoordde) “ze ons Sinterklaasfeest af willen pakken”. Of men kiest voor meer subtiele argumenten, bijvoorbeeld door de vergelijking te trekken met “blanke vla” of “jodenkoeken” (“is dat dan ook racistisch?”), om vervolgens te stellen dat er momenteel wel belangrijkere thema’s zijn om ons mee bezig te houden.

Blanke vla
Maar we zien hoe op deze manier een interessante en legitieme discussie op simplistische wijze tot een non-issue wordt gereduceerd. De “argumenten” die voorstanders van het fenomeen Zwarte Piet aandragen, doen op geen enkele manier recht aan de kritiek van hun tegenhangers. Ten eerste: niemand heeft er ooit voor gepleit om het Sinterklaasfeest af te schaffen of zelfs “af te pakken”. Nooit wordt gezegd dat we maar van de goedheiligman zelf af moeten. Maar kunnen we niet op zoek naar alternatieven voor Zwarte Piet? Zou de Sint niet eenvoudigweg een andere knecht kunnen krijgen? Of waarom klimt hij zelf niet door de schoorsteen? De Kerstman draait er immers zijn handen ook niet voor om.

Ten tweede: ja, het Sinterklaasfeest is een gewaardeerde traditie. Maar tradities veranderen nu eenmaal. Sterker nog: tradities bestaan slechts bij de gratie van verandering. Gebruiken en culturele fenomenen die zich niet aan de tijdsgeest kunnen aanpassen, ruimen vaak vroeg of laat het veld. Soms is dat maar beter, soms is het de moeite waard om bepaalde waardevolle elementen uit die tradities te behouden en de meer problematische of vervelende aspecten achter ons te laten. We vieren toch ook carnaval zonder nog te vasten? Of Kerst zonder naar de kerk te gaan?

Ten derde: de vergelijking tussen Zwarte Piet en “blanke vla” of “jodenkoek” trekt op niets. Het probleem is immers niet dat Zwarte Piet verwijst naar een kleur of afkomst op zich, maar om de relatie tussen Zwarte Piet en zijn witte baas. Bovendien: wat levert die vergelijking met “blanke vla” ons nu echt op? Is het echt een argument of meer een drogreden waarmee het werkelijke probleem omzeild kan worden? Overigens: de vergelijking met de “negerzoen” is daarentegen wel degelijk terecht: “neger” is immers een woord dat eveneens verwijst naar hetzelfde slavernijverleden, en wordt door “zwarte” Nederlanders (terecht) als diep beledigend ervaren. Dus hebben we de naam veranderd. Is de “negerzoen” echt anders gaan smaken nu hij “chocoladezoen” of simpelweg “zoen” heet? Ik dacht het niet.

In de ogen van zijn trouwe fans is Zwarte Piet een minderwaardig soort mens, getuige ook dat ze hun tegenstander Gario in deze racistische spotprent als Zwarte Piet afbeelden.

Ten vierde: ook al is men het niet eens met bekende tegenstanders van Zwarte Piet (zoals Quinsy Gario), dan nog is het frappant hoe ongelooflijk heetgebakerd en agressief er op dit debat gereageerd wordt. Misschien is het voor veel witte Nederlanders inderdaad moeilijk voor te stellen wat er nu eigenlijk echt mis is met deze “traditie”. Maar betekent dat ook meteen dat het standpunt van Gario en anderen per definitie illegitiem is? Kunnen we ons echt niet voorstellen dat “witte” mensen nu eenmaal andere associaties hebben bij Zwarte Piet dan “zwarte” mensen? Ik denk dat er iets anders aan de hand is: men voelt zich wel degelijk door de kritiek aangesproken. Men ziet dat de samenleving verandert, en haar tradities en culturele gebruiken veranderen mee. Dat is niet altijd even gemakkelijk, en daarom houdt men met toenemende agressiviteit aan die oude tradities vast. In dit geval gaat dat niet zelden samen met onverholen racistische oprispingen. Het feit dat men Gario massaal afschildert als een “jankneger” die “terug moet naar zijn eigen land” en die “weer een eigenaar moet krijgen” laat eens te meer zien dat onze samenleving nog altijd niet van dat diepgewortelde (en vaak onderhuidse) racisme is gevrijwaard.

Debat
Dat brengt mij tot mijn laatste punt: Zwarte Piet is wel degelijk een belangrijk politiek thema. Het gaat hier namelijk om veel meer dan alleen de knecht van Sinterklaas. Het gaat zelfs om veel meer dan het Nederlandse slavernijverleden. Wat hier in wezen ter discussie staat, is de manier waarop we anno 2013 kunnen praten over discriminatie en maatschappelijke verschillen op basis van huidskleur of afkomst. Wat hier ter discussie staat, met andere woorden, is niet zozeer het fenomeen Zwarte Piet op zich, maar het debat rond deze en vergelijkbare thema’s zelf. Hoe gaan we om met de impliciete en onderhuidse vormen van racisme die onze samenleving nog altijd kenmerken? Hoe maken we – in een samenleving waarin (bijna) niemand zichzelf nog als racist ziet – thema’s als racisme tóch bespreekbaar? En vooral: waarom ís dit thema voor veel mensen zo ontzettend onbespreekbaar?

Men zou daar tegen in kunnen brengen dat Gario zijn doel voorbij schiet door zijn toevlucht te nemen tot bezwaarschriften en juridische procedures. Maar door in te zetten op een verbod op de intocht van Sinterklaas, weet Gario wel degelijk een nieuwe impuls te geven aan het lopende publieke debat. Dat is niet onbelangrijk. Het debat rond Zwarte Piet wordt ieder jaar dominanter en omvattender, en dat is een goed teken: blijkbaar voelen toch veel Nederlanders aan dat er hier iets goed verkeerd zit. Het frame “Zwarte Piet is racisme” wordt ieder jaar sterker, in weerwil van haar tegenstanders. Het is een hoopvol teken dat het Sinterklaasfeest er over tien of twintig jaar misschien wel anders uit zou kunnen zien dan nu.

Maar er is nog een andere reden om dit debat gaande te houden. Ik wil leven in een samenleving waarin er niet alleen geen plaats is voor racisme, maar waarin ook oprecht wordt afgerekend met het (Nederlandse) slavernijverleden. Bovenal prefereer ik een samenleving waarin plaats is voor een publiek debat over dit soort gevoelige thema’s, waarin mensen als Gario zich kunnen uiten zonder bespot, gediscrimineerd of zelfs gearresteerd en mishandeld te worden. Het is, meer in het algemeen, vooral dit laatste – de publieke ruimte en ons recht om te protesteren – dat momenteel sterk onder druk staat. We zullen het met alle macht moeten verdedigen. Ook daarom is het debat rond Zwarte Piet zo belangrijk.

Dit artikel staat ook op Doorbraak.eu

Opinies over Zwarte Piet:
Francisco van Jole: Het kwartje van Zwarte Piet
Vincent Patty: Ook al ben ik bruin als poep, ik meen het wel goed
Aart G. Broek: Gekleurde lessen uit Curaçao
Han van der Horst: Zwarte Piet, wie kent hem niet?
Christopher Houtkamp: Zwarte Piet-discussie leidt aandacht af van urgentere zaken
Dylan van Rijsbergen: Sinterklaas, zwarte piet en onze beleving
Mathijs van de Sande: Een paar kritische (peper)noten
Enzio Bakker: ‘Ja maar het is traditie’
Christian Jongeneel: Sinterklaas is het probleem, niet Zwarte Piet
Sandew Hira: De schaamte afwezig
Çilay Özdemir: Sinterklaasfeest: Kitsch toneelstuk voor één dag
Han van der Horst: Zwarte Piet en het hoofddoekje
Yorgis Mayenburg: Zelfs als Zwarte Piet geen neger is, is Zwarte Piet een neger
Jan Rot: Kleurenpiet
Bart Schut: Zwarte Piet is dood

Geef een reactie

Laatste reacties (120)