249
3

Journalist

Brenda Stoter is geboren en getogen in Rotterdam. Sinds 2010 is ze als freelancer werkzaam in de journalistiek en schrijft ze voornamelijk voor het AD, stichtingen en bedrijven. Eerder schreef ze artikelen voor de Elsevier, Roest, HP/De Tijd, stichting Music Matters en werkte ze mee aan het Hoofdboek. Ze is gespecialiseerd in de multiculturele samenleving, jongerencultuur, Rotterdam, Egypte en Rwanda.

Egypte kiest de beste uit de slechtste

Egyptische jongeren: 'Geen enkele presidentskandidaat is geschikt'

Het moet een keerpunt worden; de periode waarin de nieuwe president van Egypte wordt gekozen. Na alle ellende die de revolutie met zich meebracht, is het tijd voor verandering, stabiliteit en democratie. Egyptische jongeren denken hier anders over. Zij hebben weinig vertrouwen in de dertien presidentskandidaten. Niemand is geschikt.

Wanneer je revolutiejongeren vraagt naar hun favoriete kandidaat, valt de naam Hamdeen Sabahi opvallend vaak. Socialist Sabahi is één van de weinige kandidaten die geen banden heeft met het oude Mubarak-regime, het militaire apparaat of ‘ouderwetse ideeën’. En daar is het de jonge, liberale Ahmed Rashad nou precies om te doen. “Uit alle slechte kandidaten kies ik de beste”, zegt hij. “De andere kandidaten missen ervaring of hebben onder Mubarak gewerkt.”

‘Choosing the best out of the worst’ is een zin die jonge Egyptenaren gebruiken wanneer zij hun voorkeur voor een presidentskandidaat onderbouwen. Want eigenlijk is niemand geschikt. De revolutiejongeren zijn kritisch, en na alle demonstraties ook nog eens revolutiemoe. Het einde lijkt in zicht, zo met de verkiezingen voor de deur. Maar waar de rest van de Egyptische bevolking naar uitkijkt, zien zij beren op de weg. Het vertrouwen in een integere, democratische leider is weg. Of is er nooit geweest.

Amr Bassiouny is één ‘Tahrir-jongeren’, een jonge Egyptenaar die sinds het begin van de revolutie actief betrokken was. Zijn stem gaat op 23 of 24 mei ook naar de socialistische nasserist Sabahi, maar niet van harte.

Sabahi is een aanhanger van de oude president Nasser, die ervoor gezorgd heeft dat dit land tot op de grond toe verziekt werd. En hij haat Sadat, de enige politicus die wel iets goeds voor Egypte heeft gedaan.”

Toch zijn er ook goede punten. Zo is Sabahi volgens Bassiouny integer en betrouwbaar. Voorlopig is dat voor hem genoeg.

Dat Sabahi -of een andere kandidaat- na de eerste verkiezingen als winnaar uit de verkiezingsbus komt, is onwaarschijnlijk. Volgens de huidige planning volgt een tweede ronde op 16 en 17 juni, wanneer eind mei geen van de kandidaten meer dan de helft van de stemmen behaalt. Aboul Fotouh, eerder lid van de Moslimbroederschap, en oud-minister Amr Moussa gelden als de favorieten. Eerder gingen zij met elkaar in debat. Met het oog op de uiteindelijke strijd tussen deze twee kandidaten stemt Adam Maklad op basis van strategie, niet op voorkeur. “Ik ben voor Fotouh. Als hij wint, komt er een einde aan de militaire raad. Als Moussa wint, leeft de geest van Mubarak door.”

De keuze tussen een voormalig Moslimbroeder of een kandidaat uit het eerdere Mubarak-regime is volgens Maklad ‘kiezen tussen twee kwaden’. De overige kandidaten vallen automatisch af. Naast het feit dat het onmogelijk lijkt dat één van de minder populaire kandidaten een overwinning behaalt, schort er aan ieder persoon wel iets: ze zouden het militaire bewind steunen, contact hebben met Mubarak-aanhangers of op een middeleeuwse manier denken.

Iedere presidentskandidaat vormt een gevaar. Jammer genoeg moeten we degene kiezen die het minst gevaarlijk is”, aldus Maklad.

De sceptische houding van de Egyptische jongeren komt niet uit de lucht vallen. De maandenlange protesten, chaos en vechtpartijen zorgden voor instabiliteit. Caïro ligt al anderhalf jaar plat. Het is onveilig op straat, mensen zijn agressiever, velen raakten hun baan kwijt en corruptie is er nog steeds. Het leger, dat na het aftreden van Mubarak de leiding kreeg, heeft hier een aandeel in. Zij regeren het land met de harde hand. Iedere kandidaat die maar enigszins wil samenwerken met het leger, of banden met Mubarak had, mag volgens de revolutiejongeren weggebonjourd worden.

Karim El Wardany geeft zijn stem vooralsnog aan Amr Moussa. “Ik wil technologie, ontwikkeling en stabiliteit. Dit gedoe heeft lang genoeg geduurd. Tijd voor wederopbouw.” Of dat onder Moussa gaat gebeuren, durft hij echt niet te zeggen. “Misschien wel, misschien niet. In Egypte weet je het nooit.” En met die laatste zin slaat hij de spijker op zijn kop.

Egypte krijgt nooit een goede president, roepen de jongeren. Maar wat voor president ze wel willen, weten ze niet echt. Vergelijkingsmateriaal hebben ze niet. Mubarak regeerde dertig jaar. Hij werd herkozen in 1987, 1993, 1999 en 2005. Alleen de verkiezingen in 2005 kenden meerdere kandidaten, wat hem een dictator maakt. Er gaan heel wat jaren en kandidaten overheen voordat het Egyptische volk op basis van vergelijkingsmateriaal een bewuste keuze kan maken.

Wat de uitkomst ook zal zijn, een echte democratie zit er voor het Egyptische volk voorlopig niet in. De grondwet moet veranderd worden, en omdat de commissie uit elkaar gevallen is, krijgt de toekomstige president dezelfde macht als Mubarak. Veel macht dus. Hoe er met deze macht omgegaan zal worden, ligt aan de president. Het begin is er in ieder geval: ze gaan naar de stembus. Misschien dat de revolutiejongeren over dertig jaar terugkijken op de Arabische Lente, inmiddels al negen presidenten voorbij hebben zien komen, en tegen hun kleinkinderen zeggen: ‘Vanaf dat punt werd alles anders. Alleen wisten we dat nog niet.’

Dit artikel verscheen eerder op de weblog van Brenda Stoter

Volg Brenda ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (3)