959
30

Schrijver

Caspar Visser ‘t Hooft is de auteur van de romans Koningskinderen (IJzer,
2010), Feniksbloem (IJzer, 2012) en Waldenberg (IJzer, 2014). Caspar Visser 't Hooft woont en werkt in Frankrijk.

En als het eens in Frankrijk begon?

Wanneer duidelijk wordt dat het vrije-markt dogma ons in de afgrond zal storten, dan zal Hollande soepel genoeg blijken om de keuzes te maken die nodig zijn en Sarkozy niet

In Nederland bestaat een tendens om Frankrijk af te schilderen als een land waarin het centrale staatsgezag alles overheersend is. Hierdoor ontstaat het beeld van een starre maatschappij zonder souplesse. Een dergelijke karakterisering van Frankrijk is in de regel niet flatteus bedoeld.

Centraal gezag
Sinds het verdwijnen van de communistische staatssystemen in het Oosten, is er in ons collectieve bewustzijn een leegte ontstaan. Wanneer het geen duidelijke vijand meer heeft, dan zal het vrije markt-denken, dat zich als een vloedgolf over de wereld heeft verspreid en dat na 1989 ook de ‘leeg’ geworden gebieden (Rusland, Oost-Europa) onder water heeft gelegd, als vanzelf verdampen.

Een denken dat zich bij gebrek aan tegenspraak niet meer hoeft te verantwoorden vervluchtigt, al is het alleen al uit pure lamlendigheid en verveling. Zou dat de reden zijn waarom velen hard op zoek zijn naar een realiteit waartegen ze zich op een zelfde wijze, met dezelfde argumenten, kunnen afzetten als destijds tegen het Sovjetblok?

Een staat met een sterk centraal gezag is natuurlijk hoe dan ook verdacht in de ogen van de neoliberale bonzen en hun horden brave mannetjes, maar zolang dat gezag door een van de hunnen wordt vertegenwoordigd is er geen reden tot grote bezorgdheid. Want Sarkozy is zo’n braaf mannetje, hij dwingt de Fransen er netjes toe ‘offers’ te brengen aan de markt teneinde deze afgod ‘gerust’ te stellen. Ja, maar wanneer nu opeens een socialist president wordt ? Je zult het zien, dan wordt Frankrijk opeens een nieuwe Sovjet Unie, met een nieuwe Lenin genaamd François Hollande. Oude angstbeelden worden uit de kast gehaald en afgestoft : ha eindelijk– we hebben weer een vijand !   

Schijn
Dat Frankrijk wordt gekenmerkt door een sterk centraal gezag is een oud gegeven. Frankrijk is een groot, gevarieerd land. Een goed gevestigde autoriteit was altijd nodig om een samen-doen-leven van disparate elementen te bevorderen. Toch doen Nederlanders er goed aan zich niet blind te staren op wat soms maar schijn is. Franse gezagdragers en politici zullen elkaar nooit

‘doe toch normaal’ toeroepen (‘doe toch normaal – of gewoon – dan ben je al gek genoeg’). De symbolen van het Franse overheidsgezag zijn indrukwekkend. Op Nederlanders komen ze over als tekenen van machtswil, arrogantie en pronkzucht. Fransen nemen ze minder serieus. Ze zijn er al sinds zo lang mee vertrouwd. Wanneer ze ervoor buigen, schoppen ze er tegelijk tegenaan. 

Sterk centraal gezag – ja zeker. Maar laten we niet vergeten dat een gezag dat zich ‘gewoon’ en benaderbaar opstelt en een schijn wekt van voortdurende bereidheid tot ‘om de tafel zitten’, drukkender kan zijn dan een gezag dat eerlijk en fier voor zichzelf uitkomt. Zoals alles wat niet duidelijk is en zich in een brei van compromissen oplost mensen kan neerdrukken en hen ten hoogste frustreert. Niet dat er in Frankrijk niet om de tafel wordt gezeten. Maar het is waar, dit is misschien in meerdere mate dan in andere landen de zoveelste etappe van een verloop van zaken dat met grote, luidruchtige volksmanifestaties begint. En ook dit kan voor niet-Fransen een aanleiding zijn om Frankrijk te beschouwen als een samenleving waarin het nooit zoveel scheelt of de hamer en de sikkel worden op de vlaggenmast van het Elysée naar boven gehesen. Of op de Place de la Bastille, waar die andere, die eerste revolutie begon… Een zoveelste waanvoorstelling. In Frankrijk vervullen stakingen dezelfde rol als in Nederland de Elfstedentocht, ze scheppen verbondenheid. En het komt trouwens meer dan eens voor dat de eisen van de stakers terecht zijn.

Hollande en de crisis
Dit alles neemt niet weg dat François Hollande, die een goede kans maakt de volgende president van de Franse republiek te worden, een socialist is, en dat hij in zijn programma zulke noties als sociale gerechtigheid en gelijkheid inlijft, daar waar voor de andere kandidaat, Sarkozy, een ‘sterk Frankrijk’ niet meer is dan een Frankrijk dat er economisch bovenop komt. Nu zijn dit enkel mooie frazen (dit geldt voor beide kandidaten) wanneer ze niet worden getoetst aan de realiteit die vandaag de onze is : de schuldencrisis.

Het heeft lang geduurd voordat tijdens de campagne duidelijk werd hoe de kandidaten hier concreet tegenover stonden. Velen hadden sterk de indruk dat ze dit heikele onderwerp bewust omzeilden. Eerst was er de heibel over het hallal-vlees, toen kreeg je de schokkende Merah-affaire, waardoor het thema van de veiligheid op de voorgrond werd geplaatst (wat Sarkozy ten goede kwam), nu zie je  – eindelijk! – de kandidaten zich toch steeds vaker op het terrein van de economische politiek begeven.

En dat niet alleen: een gegeven dat al sinds enige tijd door intellectuelen (met name intellectuelen verbonden bij zulke bewegingen als ATAC en de ‘économistes attérrés’ en bij vakbonden) als zeer problematisch werd beschouwd, begint in hun interviews en toespraken in steeds sterkere mate door te schemeren (al komt het bij de ‘grote kandidaten’ nog niet goed zo goed uit de verf als bij sommige kleintjes, zowel links als rechts): het thema van de onafhankelijkheid van de centrale banken, en met name de Europese centrale bank.

In plaats van tegen één procent aan privé-instellingen te lenen, die op hun beurt, tegen hogere rentes, aan staten lenen (en het verschil tussen die één procent en die hogere rente opstrijken) zou het geen zaak zijn dat de centrale bank direct tegen dat lage schimmetje aan de staten leende (anders gezegd de gelduitgifte regelde)? Ja zeker, op gevaar af van inflatie, maar is een zekere mate van inflatie niet een noodzakelijk bijverschijnsel bij economische groei?

In zijn toespraak op de Place de la Concorde van 15 april heeft zelfs Sarkozy, de discipel van Bush, de grote vriend van de inflatiefobe Mutter Merkel, op dit laatste toegespeeld. Schertsvertoning! Sarkozy wordt door steeds meer Fransen gezien als de man die de financiële privé-sector altijd de hand boven het hoofd heeft gehouden en vrij spel gaf. François Hollande, van zijn kant, heeft weliswaar een paar flinke knallers losgelaten, zoals zijn uitspraak waarin hij zei dat hij de strijd zou aanbinden tegen financiële wereld, maar voor de rest blijft hij op dit punt nogal sober in zijn uitspraken. Hoe hij precies de schuldencrisis wil aanpakken, wat hoognodig zal zijn wil hij zijn beloften gestand kunnen doen, is niet helemaal duidelijk.

De vooraanstaande socioloog Emmanuel Todd (neef van Claude Levi-Strauss) voorziet het volgende scenario: Wanneer hij eenmaal goed en wel in het zadel zit, zal van de zijde van de financiële wereld (de bankwerld, het IMF) en van de exponenten van het neo-liberale denken en handelen (met name de Brusselse technocratie) dusdanige druk op hem worden uitgeoefend dat de voor enigszins ‘week’ uitgemaakte Hollande in eerste instantie geneigd zal zijn naar hun kant over te hellen en het met hen op akkoordjes te gooien. Maar – zegt Todd – deze ‘weekheid’ van Hollande is de keerzijde van wat hij als een zekere soepelheid van geest omschrijft (en die Sarkozy ontbreekt).

Wanneer het voor iedereen duidelijk wordt dat het systeem dat op het vrije-markt dogma berust en dat onder andere in de Europese verdragen vaste vorm heeft gekregen, ons in afgrond doet storten, dan zal Hollande soepel genoeg blijken om bepaalde opties te overwegen en toe te passen waarop de brede linker vleugel van zijn electoraat al langere tijd bij hem aandrong. Bijvoorbeeld een grotere controle op de Europese economische politiek, waarbij de financiële sector onderhevig wordt gemaakt aan de volkswil. Meer precies: de nationalisering van bepaalde banken, een afhankelijk maken van de Europese centrale bank, een doorstrepen van de renteschulden, die de staatsschulden van sommige landen (en Frankrijk hoort er langzamerhand ook bij) zo hoog, en al maar hoger doen oplopen. Is het terecht dat de staten alleen bij privé-instellingen kunnen lenen, tegen meer of minder hoge rentes, wat ten goede komt aan de banken, de aandeelhouders, de renteniers, en wat ten koste gaat aan de ‘kleine man’ (die geen portefeuille heeft liggen bij de bank), omdat de aflossing van deze schulden (en renteschulden!) bezuinigingen en ‘offers’ vereist, anders gezegd een afbraak van de publieke sector, een ontmanteling van de sociale voorzieningen?

Nee, Frankrijk wordt niet gekenmerkt door het starre jacobijnse staatssysteem dat sommigen het land toeschrijven. Te vaak laten dezen zich door de schijn van symbolen verblinden. Nee, de Franse socialisten zijn geen duivelse sans-culottes. Wel zou het eens waar kunnen zijn dat in Frankrijk een beweging op gang is gekomen die ons uit het dilemma zal helpen waarin onze landen, ook Nederland, zo jammerlijk verstrikt zijn geraakt. En deze beweging doet eens voor de verandering geen cadeautjes aan de wereld van de geldspeculatie. Hoe dan ook, met Sarkozy komen we er nooit. Laten we Hollande een kans geven.


Laatste publicatie van Caspar Visser 't Hooft

  • Frankrijk in 50 klanken

    Verhalen

    2018


Geef een reactie

Laatste reacties (30)