967
10

Zanger/ambassadeur War Child

Er is veel meer aandacht nodig voor psychosociale zorg in oorlogsgebieden

Met eigen ogen hebben we gezien hoe deze steun helpt bij het herstel van kinderen

Dagelijks mogen wij doen waar wij ontzettend veel energie van krijgen. Wij zingen, presenteren en maken muziek. Dat doen wij in het veilige en vreedzame Nederland. Dat is wel eens anders geweest. Vorige maand stonden we uitgebreid stil bij het feit dat ons land 70 jaar geleden bevrijd werd. Terecht. De Tweede Wereldoorlog liet diepe sporen na in ons land. Al heeft geen van ons deze periode zelf meegemaakt, de verhalen uit de overlevering maken nog steeds diepe indruk op ons. Toch blijft het soms moeilijk om er een voorstelling van te maken. Totdat we onlangs zelf in oorlogsgebied waren.

Speciaal voor War Child zijn wij afgereisd naar conflicthaarden. Libanon, een land dat worstelt met de blijvende instroom van vluchtende Syriërs vanwege de oorlog die hun land al meer dan vier jaar in de greep houdt. Meer dan 1,1 miljoen Syriërs zijn er al geregistreerd, waarvan ruim een half miljoen kinderen. Libanon zelf heeft zo’n 4,5 miljoen inwoners. Politieke spanningen, onrust en overvolle scholen zijn het gevolg.

We reisden naar Colombia, het land dat al vijftig jaar het toneel is van gewapende conflicten. Tussen rebellenlegers, het regeringsleger, gewapende milities en criminele bendes. Vechten in plaats van praten is in Colombia helaas op veel plekken normaal. Er is een cultuur van geweld waar ook veel kinderen mee geconfronteerd worden. Miljoenen kinderen zijn door het geweld verdreven van hun thuis.

Ter plekke hebben Rasha, Habib, Camila en Maria hun verhaal met ons gedeeld. Oorlogservaringen die door merg en been gaan. Bombardementen, schietpartijen en ontvoeringen. “De lijken lagen langs de weg”, vertelden ze. Dit zijn geen zaken die kinderen horen mee te maken. Zij en hun leeftijdsgenootjes leven in continue angst, hebben nachtmerries en kunnen niet naar school. Bijna alle kinderen in conflictgebieden laten heftige veranderingen zien in hun emoties en gedrag. De oorlog laat zichtbare en onzichtbare littekens na. War Child helpt ze hun heftige ervaringen te verwerken en leert ze op een veilige plek weer kind te zijn. Om plezier te hebben en weer naar de toekomst te kunnen kijken. Omdat we zelf vader, moeder, oma en kind zijn, weten we hoe belangrijk dat voor een kind is. Kijk in je eigen hart: niets doen is geen optie.

Helaas is er bij de hulp die in oorlogsgebieden gegeven wordt veel te weinig aandacht voor het psychosociale welzijn van kinderen. Terwijl psychosociale zorg voor kinderen in conflictgebieden een eerste levensbehoefte is. Zonder die hulp blijven de kinderen slachtoffer van hun ervaringen en is de kans op herhaling van geweld groot. Wij pleiten er daarom voor veel meer aandacht voor psychosociale zorg te hebben bij noodhulp en wederopbouw. Met eigen ogen hebben we gezien hoe deze steun helpt bij het herstel van kinderen. Bovendien heeft de internationale gemeenschap in 1989 afgesproken dat alle kinderen die slachtoffer zijn van oorlogsgeweld recht hebben op bijzondere zorg: psychosociale steun. Beloofd is beloofd.

Eenmaal weer thuis merkten we dat we bozer, maar ook gemotiveerder waren om aandacht te vragen voor het lot van de ruim tweehonderd miljoen kinderen die wereldwijd in conflictgebieden leven. Zij zijn de dupe van uitzichtloos geweld. Morgenavond geven we hen een stem. Deze kinderen vragen niet veel meer dan gewoon te mogen doen waar ze energie van krijgen en vrolijk van worden. Net als wij in Nederland. Rasha, Habib, Camila en Maria en hun vriendjes en vriendinnetjes hebben onze structurele steun meer dan ooit hard nodig.

Marco Borsato schreef dit stuk samen met Tooske Ragas

Geef een reactie

Laatste reacties (10)