1.297
6

Feest der zotheid

'Er waren dit jaar veel onesies. Hier waren de “boven-de-sloters” aan te herkennen. Lekker makkelijk. Ritsje dicht, snorharen op je gezicht en je hoort bij het gesticht'

“Was het maar altijd carnaváál, ja da willen we toch allemáál!?” Daar stonden we weer op elkaar als haringen in een ton hartstochtelijk mèj de muziek mee te blèren. Dat het zo druk was op straat was eigenlijk maar goed ook, dan konden we ten minste niet omvallen. Boven onze hoofden tolden de koppen van een rijk versierde carnavalswagen die het beste omschreven kan worden als een bad LSD/ ketamine cocktail trip. Een vrolijk uitgedoste kannibaal scheerde breed lachend over de toegestroomde feestvierders terwijl afwisselend zijn schedel en dan weer zijn manische gezichtsuitdrukking waren te zien. Voor de wagen dansten in blackface geschminkte mannen en vrouwen met speren en ringen door hun neus rond een goedgelijkende kookpot uit de Efteling waar om de zoveel tijd het mooist uitgedoste publiek in mocht verblijven. Kinderen in dierenpakjes werden op de schouders gehesen om het allemaal goed te kunnen zien.

Cc-foto: Ties Teurlings

Struik
Wij stonden met ons groepje, dat gedurende de dag steeds meer aanhang kreeg, in de zon voor café de Beyaard. Drie vriendinnen hadden zich verkleed als struik compleet met nestjes mét eieren en bijbehorende vogelpoepjes op de schouders. Ik was dit jaar als transgender. Ten minste dat heb ik er maar van gemaakt toen voor de zoveelste keer werd gevraagd wat ik was. Mijn moeders piraatachtige jas en bloemetjesjurk waren in mijn ogen een waardige carnavalsoutfit en als finishing touch had ook nog onze theemuts op mijn hoofd gezet. Er waren dit jaar veel onesies. Hier waren de “boven-de-sloters” aan te herkennen. Lekker makkelijk. Ritsje dicht, snorharen op je gezicht en je hoort bij het gesticht. “Ik schup ze allemaal terug over de Maas, allemaal terug over de Maas, waar ze lauwe biertjes tappen en van carnaval niks snappen, ‘k schup ze allemaal terug over de Maas!”

Ach, of je nou van boven of van onder de rivieren komt, als je meezingt hoorde d’r bij. “Derin, derèùt, ik parkeer hem as ik wil, in de gròzzie van mèn buurvrouw, sta de motor nôoit nie stil! Ik rij ‘m zôo nòr binnen, ook al is ie nie gekeurd. Mènne waoge is wèl toe, òn ’n grôote beurt! Vertaling: ik wil seks met de buurvrouw. Meezingen. De hele dag. Met alles. Hoe meer liedjes je kent hoe beter. Én niet te vergeten: lullen tegen iedereen die gè tegenkomt. Maakt echt niet uit waarover als het maar niet over het klimaat, Europa of de vluchtelingencrisis is.

Fanatiek
Carnaval gaat over het hier en nu. Over de mensen. En over hoe je gaat natuurlijk. Mijn favoriet was dit jaar toetsenbord-man die zichzelf met heel veel geduld en lijm had omgetoverd tot toetsenbord. Ook was ik erg gecharmeerd van een moeder verkleed als octopus waarvan ik eerst dacht dat dat ze als goedaardig gezwel door de straten van Breda sjouwde. Er zijn twee soorten vrouwen met carnaval. Mét en zónder humor. Vrouwen zónder humor dragen meestal een zo hoerig mogelijk pakje en lopen erbij als sneeuwwitje, piraat, pitspoes of in een laaguitgesneden Oktoberfest-Dirndl. Deze verschijnen meestal in de late uurtjes omdat ze overdag niet echt begrijpen wat er nou allemaal leuk aan is. Dan is er ook nog een hele hoop fanatieke ouwe mensen die wat mij betreft het hart vormen van de hele gebeurtenis. Zij zijn vaak als iets origineels of dragen een blauwe boerenkiel met speldjes en onderscheidingen en een sjaal in de kleuren van de stad. Wellicht zijn onder hen zelfs diegenen die de vastentijd nog hebben meegemaakt die officieel aan het vierdaagse feest voorafgaat. Dan is er ook nog een grote groep geile dertig- en veertigers die zich meestal in en rond café de Bommel ophouden. Zij zorgen voor de meeste carnavals-nakomelingen die over een paar jaar weer samen met hun vriendjes, suikerspinnen en vriendinnetjes over de markt van hot naar her rennen.

Samengevat: oud, jong lelijk, mooi, van boven of onder de sloot, iedereen doet mee. Zoals mijn oud-leraar zei toen we gezamenlijk met een friet en frikandel in onze handen voor de snackbar stonden: “Het gaat nergens over, maar het is wel gezellig.” En dan is het nu tijd voor aspirine.


Laatste publicatie van Ties Teurlings

  • Krentenkoppen

    2017


Geef een reactie

Laatste reacties (6)