639
29

GroenLinks gemeenteraadslid Amsterdam

Evelien is geboren op 28 oktober 1984 in Bussum. Ze woont sinds 2003 in Amsterdam. In 2008 woonde ze een half jaar in Nairobi (Kenia) om te werken voor de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, daarna ging ze een jaar studeren in New York (2008/2009) waar ze ook werkte voor een organisatie in Harlem die Afrikaanse vluchtelingen bijstaat met sociale, medische en juridische kwesties. In deze periode van 540 dagen in het buitenland hield ze een blog bij. Vanaf juni 2009 is ze weer terug in Nederland. Op 1 januari 2010 begon ze als promovendus aan de Universiteit van Amsterdam, waar ze onderzoek doet op het gebied van internationaal vluchtelingenrecht en internationaal strafrecht. Daarnaast is ze sinds haar terugkeer uit New York ook lid van de gemeenteraad van Amsterdam voor Groenlinks. Op 3 maart 2010 werd ze opnieuw gekozen in de gemeenteraad. Ze publiceert op persoonlijke titel.

Foute keuzes

GroenLinks zou nu in EU verband erop moeten aandringen dat er haalbare doelen worden gesteld in Afghanistan

Heeft de GroenLinks-fractie in de Tweede Kamer de juiste keuze gemaakt, toen ze instemde met de nieuwe missie van Nederland naar Kunduz? Nee, dat hebben ze niet. Kwam het besluit dan uit de lucht vallen en is het daarmee onverwacht en onlogisch? Nee, dat is het ook niet.

Eén van de vele problemen in Afghanistan is de onmetelijke corruptie. Dat kan niet door het Westen worden opgelost, hoeveel geld we ook besteden, hoeveel soldaten we ook sturen. Vooral diegenen die voortdurend in interactie zijn met de samenleving, zoals politie en rechters, zijn gevoelig voor omkoping en afpersing. ‘No amount of legal training can helf a judge faced with drug lords who are prepared to kill his family. It is impossible for outsiders to reform this kind of system.’ Dat zei Rory Stewart, de jonge Britse Afghanistanexpert in Time magazine twee jaar geleden. Ik denk dat hij gelijk heeft.

De politiemissie die wij nu gaan steunen lijkt mij gedoemd te mislukken. Wellicht is het mogelijk om in 18 weken een redelijk adequate training te verzorgen, maar het belangrijkste moment is wanneer die politieman of -vrouw de poort uit loopt en aan de slag moet. Zonder een hervorming van het Afghaanse systeem, zonder de eliminatie van de corruptie, is zo’n training nutteloos.

Ook de Taliban kunnen we niet het land uit jagen. Daarvoor zijn honderdduizenden troepen nodig, en daarvoor is simpelweg geen draagvlak bij de Amerikanen en haar bondgenoten. Moeten we ons dan maar helemaal terugtrekken? Nee, dat denk ik ook niet. De infrastructuur opbouwen, een energienetwerk neerleggen, andere landbouw stimuleren: dat kunnen we wel. Ook heel belangrijk: opleidingen voor de jonge Afghanen – man én vrouw – verzorgen, wat een alternatief moet bieden voor de lok van de opium, voor de lok van de Taliban. Hier kunnen buitenlandse mogendheden ondersteuning bieden. De (cruciale) hervorming van het Afghaanse systeem kan echter alleen worden bewerkstelligd door de Afghanen zelf.

Het was me veel lief geweest als de GroenLinks-fractie bovenstaande had bepleit. Het verraste me echter niet dat dat niet is gebeurd: het verkiezingsprogramma uit 2010 noemt politietrainers onder Europese vlag dé manier om een bijdrage te leveren aan de opbouw van Afghanistan. Bovendien voelde de fractie zich moreel verantwoordelijk voor internationale betrokkenheid bij Afghanistan. Dat nu door enkele van mijn partijgenoten de fractie wordt verweten ‘de partij om zeep te helpen’ en dat er zelfs een motie van wantrouwen zal worden ingediend op het congres volgende week, is daarom grotesk. Ja, we steunen een regering die in vele opzichten verschrikkelijk is. Ja, we nemen afstand van ‘linkse samenwerking’ met PvdA en SP. Maar Afghanistan is niet het enige dossier: voor oppositie zal nog ruimschoots plek zijn de komende vier jaar, en voor samenwerking in de oppositie ook.

GroenLinks zou nu in EU verband erop moeten aandringen dat er haalbare doelen worden gesteld in Afghanistan. De Afghanen zijn zelf slim, energiek en competent genoeg om echt het verschil te maken in eigen land. Wij kunnen dat niet, en moeten dat ook niet pretenderen. ´We do not have the moral obligation to do what we cannot do.’

Geef een reactie

Laatste reacties (29)