814
38

Voormalig GroenLinks-statenlid ZH

Alfred Blokhuizen (Leiden, 1955) was van 2007 tot april 2015 voor GroenLinks lid van de Provinciale Staten in Zuid Holland.

Hij volgde ITO onderwijs metaalbewerking (1968-1972) en was korte tijd fabrieksarbeider. Daarna werd hij o.a. ondernemer in de omroepwereld van Vlaanderen. Daar was hij radiopresentator en mede-eigenaar van een regionale omroep in Gent. Sinds 1992 houdt hij zich bezig met de politiek. Van 1994 tot 2008 was hij fractievertegenwoordiger/gemeenteraadslid/fractievoorzitter/commissievoorzitter in de gemeente Spijkenisse.

Geef de provincie terug aan de politieke partijen

Opeens staat daar dan weer één partij op, zonder leden, die zegt dat alles terug moet naar de burgers

Het is weer verkiezingstijd en dan vliegen de kreten om de oren. Een van de meest opvallende kreten is die van de PVV. Deze eenmansbeweging komt met de meest pittige van alle partijen. De PVV gaat de provincie ‘teruggeven aan de burgers.’ Dat klinkt goed, om niet te zeggen: super! Daarom ben ik maar eens aan het analyseren gegaan.

De provincie teruggeven aan de burger suggereert dat ze is afgepakt van diezelfde burgers. Ik zou niet weten hoe je dat doet, maar goed. Het zijn tenslotte verkiezingen, dus dan mag je wel wat overdrijven. Zeker als je een flinterdun programma hebt, moet je toch wat extra nadruk leggen op iets dat je onderscheidt. Dus ik ga even mee in het idee van de PVV om de provincie terug te geven aan de burger, gewoon even filosoferen over wat er dan gebeurt.

Laten we Zuid-Holland eens als voorbeeld nemen, dat is makkelijk omdat ik er zelf woon. Daar wonen 3,5 miljoen burgers. Na de verkiezingen krijgt de PVV de meerderheid, even denkbeeldig hoor. Dan gaat deze partij de provincie aan die 3,5 miljoen burgers teruggeven.

Tja, daar sta je dan als burger. Heb je de provincie plotsklaps teruggekregen op je bordje. Je wist niet eens dat deze van jou was. Een groot stuk grond met steden, wegen, rails, waterwegen, stranden, boerderijen, jeugdzorginstellingen, vliegvelden en nog veel meer. Daar moet je dan wel heel erg over nadenken hoe je dat allemaal gaat beheren. Dat is knap lastig, want je bent maar 1 van die 3,5 miljoen burgers.

Je praat er eens over met je buurman en je collega’s, want die hebben ook opeens allemaal die provincie teruggekregen. Dat levert leuke gesprekken op in het café. Zo van: heb jij de provincie al teruggekregen? Ja, ik ook, leuk hè? Wat ga jij ermee doen? Ik weet het nog niet, misschien weet mijn schoonzus wel wat, biertje?

Behalve dat zij het eigenlijk ook allemaal ingewikkeld vinden hoe ze de provincie moeten beheren, zijn ze het niet met elkaar eens over hoe zaken moeten worden aangepakt. Er ontstaat bijna ruzie, want iedereen wil iets anders of heeft een ander belang. Het vliegveld wil meer herriemakende vluchten, de ander een rustige woonwijk. De boer wil meer land, maar de stedeling wil recreëren. En zo zijn er nog tal van belangenconflicten te bedenken.

Gelukkig komen een paar van de burgers op het idee om een advertentie te zetten in de krant. Daar roepen ze mensen op om hun ideeën te steunen. Want ja, als de boeren helemaal hun zin krijgen kun je nergens meer recreëren en is alle grond bestemd voor megastallen. Als je de luchthaven z’n zin geeft kun je niet meer slapen in de nacht, vanwege de kabaalmakende vliegtuigen. Aan de andere kant willen de boeren en de eigenaren van de vliegvelden omzet maken en werkgelegenheid scheppen.

Die advertenties leveren veel reacties op en ze komen dan ook in verschillende zaaltjes, op een mooie zaterdag, bijeen om met elkaar te praten. Hoe kunnen we het het beste aanpakken? Hoe komen we het beste voor onze belangen en ideeën op?

Gelukkig staat er iemand op en neemt het woord. “We richten een vereniging op. Dan maken we een vuist en groeperen we onze ideeën en oplossingen. Dat zetten we in de krant en we vragen de burgers van de provincie om ons te steunen. Ook roepen we mensen op om lid te worden van onze vereniging. Zo kunnen we meer betekenen en hebben we ook wat geld om onderzoek te doen en bijeenkomsten te organiseren.”

Wel heel slim van deze burgers om dat zo te doen. Alleen er ontbreekt nog een naam voor deze groepen. Van Daele’s woordenboek gaf een mooie oplossing. Het worden politieke partijen en ze laten alle burgers in de provincie de keuze, iedere 4 jaar. De partij met de meeste stemmen mag dan, samen met de andere groepen, de provincie namens alle burgers besturen. Die huren dan weer deskundigen in die het werk gaan doen. Dat zijn dan ambtenaren.

Dat is nog eens een praktische oplossing. Als burger hoef je niet meer je hoofd te breken over allerlei ingewikkelde problemen en plannen. Dat doen de politieke partijen dan voor de burgers.

Maar ja… Opeens staat daar dan weer één partij op, zonder leden, die zegt dat alles terug moet naar de burgers.

Geef een reactie

Laatste reacties (38)