888
16

Copywriter/ columnist

René van der Kroon (1980) studeerde Bedrijfskunde en Media & Journalistiek aan de Erasmus Universiteit. Sindsdien komt hij als copywriter bij arbeidsmarktcommunicatiebureau Maximum over de vloer bij de grootste werkgevers van Nederland. Daarnaast schrijft hij columns voor het Utrechtse stadsmagazine NL30.

Geen woorden

We communiceren steeds meer, maar we zeggen steeds minder

Hoe langer het leven duurt, hoe minder ik er van begrijp. Een 19-jarige jongen die uit verveling 23 zeehondjes doodknuppelt. Een man van mijn leeftijd die met een bom en automatisch geweer bijna 100 mensen vermoordt. Een muzikaal megatalent dat zichzelf zo toetakelt dat ze mijn leeftijd nooit zal halen. Alle drie individuen die in meer of mindere mate geestelijk gestoord zijn, en die je misschien niet moet willen begrijpen. Mijn onbegrip richt zich dan ook op hoe wij met z’n allen op zulke gebeurtenissen reageren. Of eigenlijk: niet reageren.

Ergens vindt een tragedie plaats, en wat doen wij? We plaatsen onze ‘social condoleance’ om te laten zien dat we een goed mens zijn, en gaan vervolgens over tot de orde van de dag. Waar slechts stilte past, kiezen wij er liever voor om te laten weten dat we ergens ‘geen woorden voor’ hebben. Uiteraard voorzien van de juiste hashtag, om het bereik van onze nietszeggende boodschap te maximaliseren. Terwijl de lijken bij het eiland Utoya nog uit het water werden gevist, maakten wij ons meer druk over het aantal likes op ons empathische bericht daarover.

Morgen zullen de krantenkoppen reppen over ‘gruwelijkheden’, ‘tragedie’ en ‘horror’. Journalisten zullen proberen meer achtergrond aan de gebeurtenis te geven, foto’s te brengen die nog niemand gezien heeft, interviews met betrokkenen die nog niemand heeft gehoord. Maar wij zijn er eigenlijk al een beetje klaar mee. Toen het net gebeurd was, en het nieuws nog vers, toen doken we er massaal bovenop. Als een uitgehongerde groep hyena’s op een weerloos hertenjong. We beten ons vast in het vlees van het verhaal, zogen de bloedige beelden in ons op, totdat onze buik en hersens vol zaten. Een paar uur later zijn de brokken informatie al verteerd, morgen zit niemand nog te wachten op uitgekauwde, opgewarmde kliekjes.
Ondertussen wordt de wereld steeds gekker, omdat wij alles steeds normaler gaan vinden. Als we zaken echt zo ‘erg’ vinden, waarom voegen we dan niet de daad bij onze overvloedige woorden? Hoeveel protestmarsen tegen het verstrekken van wapenvergunningen zijn er na het drama in Alphen geweest? Waar we elkaar online om de oren slaan met ‘schande’ hier en ‘onbegrijpelijk’ daar, komen we zelf niet uit onze luie stoel om de barricaden op te gaan. We uiten ons ongenoegen liever in de beschermde omgeving van onze social networks, dan dat we voorbij onze eigen voordeur medestanders proberen te vinden. Onze invloed zal daarom ook niet verder reiken dan slechts die virtuele wereld.

Zonder dat we het misschien beseffen, ruilen we onze rol van actor in de wereldgeschiedenis in voor die van commentator bij wereldschokkende gebeurtenissen. Life is what happens to you while you’re busy making other plans, zei John Lennon. Inmiddels bestaat ons leven uit hetgeen ons overkomt terwijl wij nog druk zijn met praten over hetgeen ons vlak daarvoor is overkomen. Willen we echt dat onze kinderen ons straks wegzetten als de generatie die erg goed was om zaken van zich af te communiceren? Want dat is wat we doen: we communiceren steeds meer, we zeggen steeds minder. En we doen helemaal niets.

Geef een reactie

Laatste reacties (16)