3.473
72

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

GeenPeil keert terug naar de Republiek

Jan Dijkgraaf is een jongen van Jan de Witt

Jan Dijkgraaf neemt met zijn keuze voor de Haagse politiek een duik in de zeventiende eeuw. Hij is in alle opzichten een jongen van Jan de Witt geworden

Echt waar.

Sinds maandagavond is de eigenzinnige opiniemaker met het rechtse hart overal te zien en te horen om het systeem uit te leggen van zijn nieuwe partij GeenPeil. De Kamerleden laten hun stemgedrag afhangen van enquêtes onder de leden over voorstellen die in de Tweede Kamer aanhangig zijn gemaakt. Of ze zelf ook nog met initiatieven uit de boezem van hun ledenbestand komen, is vooralsnog onduidelijk. Lid word je door twaalf euro vijftig per jaar te betalen. Jan Dijkgraaf en de zijnen zijn de marionet van de achterban. Die hoeft maar te kikken en zij komen in beweging.

800px-Johan_de_Witt_(1625-1675),_Grand_Pensionary_of_Holland,_by_Studio_of_Adriaen_HannemanIn de Gouden Eeuw werkte het ook zo. Er was natuurlijk nog geen sprake van democratie. Je kon evenmin stemrecht kopen door zeven schellingen per jaar te betalen op een of ander partijkantoor. De macht was in handen van een groot aantal patriarchale en adellijke families, die op het plaatselijk vlak machtsposities innamen. Zij wisten er in meestal wel voor te zorgen dat die overgingen van vader op zoon. Het is moeilijk te schatten hoeveel mannen – vrouwen kwamen er niet aan te pas – in die oude Republiek der zeven Provinciën de dienst uitmaakten, maar duizend is misschien geen gekke schatting.

Steden en landstreken zonden hun vertegenwoordigers naar de Provinciale Statenvergaderingen. Zij vaardigden weer mensen af naar het hoogste orgaan in den lande, de Staten Generaal, die op het Binnenhof vergaderde. Maar nu komt het: de leden van de Provinciale Staten en de Staten Generaal moesten de gedachten van hun achterban tot uitdrukking brengen precies op de manier die Jan Dijkgraaf nu voorstelt. Zo kwam het dat ze op het stadhuis van Purmerend, Hindeloopen of Harderwijk de gewenste buitenlandse politiek zaten te bepalen, waarna de vertegenwoordigers de standpunten uit gingen dragen bij de Staten in de provinciehoofdstad.

De Staten van Holland en West-Friesland zetelden net als de Staten Generaal op het Binnenhof in Den Haag. Hollandse steden hadden daarom een soort ambassade in Den Haag, die Herenlogement heetten. Dat van Amsterdam op het Plein was groot genoeg om er het Hele Ministerie van Buitenlandse Zaken te huisvesten. Schuin aan de overkant is het Herenlogement van Rotterdam waar nu nog Defensie in zit. Mijn zuinige stadje Schiedam had daartoe samen met Schoonhoven een pandje gehuurd op de Lutherse Burgwal, een net grachtje in de binnenstad maar wel achteraf. Ik geloof dat ze ook Gorinchem in huis hebben genomen maar daar wil ik af wezen.

De besluitvorming was traag en stroperig omdat het steevast voorkwam dat gedelegeerden in Den Haag eerst hun achterban wilden raadplegen voor zij hun standpunt wilden bepalen. Uiteindelijk muntte de Republiek vooral uit door onbestuurbaarheid.

Nu zegt U: dat was driehonderd jaar geleden. De jongens van Jan de Witt hadden geen internet. Nu gaat dat raadplegen allemaal in een vloek en een zucht. Was dat maar waar. Iedereen die in het kader van zijn sportclub of een andere vereniging wel eens vergadert, weet dat het zelden “ja” of “nee” is. De meeste sprekers komen met een “Ja maar” of een “nee tenzij”. Ook zijn er de nodige leden die de kool en de geit willen sparen zodat er uiteindelijk een oplossing uit de bus komt waar iedereen zich in kan vinden. Tegelijk worden de nodige ideeën ter verbetering geopperd. Dat gaat allemaal niet van een leien dakje en dat zal evenmin gebeuren als de discussies on line gevoerd moeten worden tussen de leden van de GeenPeil, die eventueel in dat onderwerp geïnteresseerd zijn. De zaak kan gemakkelijk ontaarden in een eindeloze gedachtenwisseling waar uiteindelijk niemand wat van snapt. Ook kunnen mensen met manipulatief talent de gesprekken in de door hen gewenste richting sturen, bijvoorbeeld door zitvlees te hebben en de anderen suf te lullen zodat zij afhaken. Nogmaals: op verreweg de meeste politieke en bestuurlijke kwesties valt niet met een eenvoudig “ja” of “nee”te antwoorden.

De roemrijke Republiek der zeven Verenigde Nederlanden is uiteindelijk aan daadloosheid en eindeloos gelul te gronde gegaan, aan alle kanten door de tijd ingehaald.. Vakbekwame vernieuwers uit alle politieke richtingen, zoals G.K van Hogendorp, Laurens van de Spiegel, Wibo Fynje of Cornelis de Gijzelaar (wel eens van gehoord, jongens en meisjes?) liepen vast in een moeras van meninkjes die niet te negeren vielen.

Vandaar dat der schepper van ons huidige politieke systeem, Johan Rudolf Thorbecke, in de grondwet van 1848 liet vastleggen, dat volksvertegenwoordigers beslisten zonder last of ruggespraak. Het hoorde niet om je achterban te raadplegen voor je tot een keuze kwam. Thorbecke meende dat de kiezers mans genoeg moesten worden geacht om kandidaten te selecteren op wier inzichten zij vertrouwden. Op grond daarvan gaven zij hun macht dan voor vier jaar uit handen. Anders, zo had het verleden hem geleerd, zou er van een behoorlijke besluitvorming niets terecht komen. De geschiedenis gaf hem gelijk.

Nu grijpt Jan Dijkgraaf terug naar de zeventiende eeuw. Het zal mij benieuwen hoe GeenPeil weet te voorkomen dat de hele boel straks vastloopt in eindeloze last en ruggespraak, flitscomputers of niet. Maar een jongen van Jan de Witt, dat issie.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (72)