Laatste update 19 december 2016, 11:38
3.338
46

Universitair hoofddocent, UvA

Joost van Spanje is universitair hoofddocent politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in onderzoek naar de reacties van de gevestigde orde op nieuwe politieke partijen. Dit omvat juridische reacties (bijv. strafvervolging), politieke reacties (bijv. cordons sanitaires) en media-reacties (bijv. doodzwijgen). Joost is winnaar van de Jaarprijs Politicologie 2010, van een NWO Veni-onderzoeksbeurs in 2012 en van een NWO Vidi-onderzoeksbeurs in 2015.

Geert, kool en geit: kiezersreactie op vonnis Wilders

Schuldig, maar geen straf. Het vonnis dat de rechtbank Den Haag vorige week velde over PVV-leider Geert Wilders lijkt het beste van twee werelden: zij die een veroordeling wilden werden tevredengesteld en zij die geen straf wilden ook. Maar onderzoek laat een ander beeld zien.

cc-foto: Blotrepeneur
cc-foto: Blogtrepeneur

“Deze uitspraak is geweldig.” De advocaat van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland, Lucien Nix, zei tegen de Volkskrant het handig te vinden dat de rechters geen straf hebben opgelegd:  “Zo vermijden ze een discussie over de vraag: welke straf is passend? Daar gaat het niet om, en daar heeft iedereen een ander idee over. Het gaat erom dat er nu een duidelijke norm is gesteld.”

Is dit inderdaad zo’n handige, geweldige uitspraak? Om geweldig te zijn zou een uitspraak in elk geval het vertrouwen in onze democratische rechtsstaat niet moeten schaden, zou je zeggen. En ook het vertrouwen in de eerlijkheid van strafprocessen niet moeten verlagen. Maar juist deze twee effecten blijken uit onderzoek dat ik heb uitgevoerd samen met onderzoeksbureau Kantar Public.

In de week voorafgaand aan de uitspraak trok Kantar Public een steekproef, representatief voor alle volwassen Nederlanders. Vervolgens confronteerde ik deze 1.070 personen elk met één van zeven mogelijke uitspraken in het Tweede Wildersproces. Sommigen werd wijsgemaakt dat Wilders zou worden vrijgesproken, anderen dat hij zou worden veroordeeld tot een geldboete, enzovoorts.

Schuldigverklaring zonder strafoplegging was ook één van de zeven scenario’s. Aansluitend stelde ik vragen over politiek vertrouwen. Analyse van de antwoorden leidt tot twee conclusies. De eerste conclusie betreft kiezers die nooit op de PVV zouden stemmen. Dat is ongeveer de helft van de steekproef.

In die specifieke groep zien we beide genoemde effecten: afname van het vertrouwen in onze democratische rechtsstaat en afname van het vertrouwen in de eerlijkheid van strafprocessen. Zo is het aantal niet-PVV’ers dat onze rechtsstaat wantrouwt 23% bij schuld zonder straf, tegenover gemiddeld 14% bij andere uitspraken; wat betreft wantrouwen in strafprocessen is dat 19% tegen 16%.

Zo handig en geweldig vinden niet-PVV’ers de uitspraak blijkbaar niet. Het effect is het grootst onder twee groepen kiezers die een PVV-stem uitsluiten: kiezers die in 2012 VVD stemden en kiezers die toen thuisbleven. Het vertrouwen onder VVD-kiezers is laag in scenario’s waarin Wilders schuldig wordt bevonden; het vertrouwen onder thuisblijvers is laag zolang Wilders geen fikse straf krijgt.

Schuld zonder straf lijkt dus twee groepen in de kou te laten staan: zij die graag vrijspraak hadden gezien en zij die graag een straf hadden gezien. Door de kool en de geit te willen sparen lijken de rechters het vertrouwen in onze democratische rechtsstaat onbedoeld te schaden – althans tijdelijk. Maar aan de andere kant kan het afzien van strafoplegging ook wantrouwen voorkomen, zo blijkt.

De tweede conclusie luidt namelijk: Onder fervente PVV-aanhangers – een tiende van het electoraat – is het vertrouwen beduidend lager bij strafoplegging. Dit geldt niet alleen voor het vertrouwen in de rechtsstaat, maar ook in rechters. Niet verrassend, maar toch van belang. Door geen straf op te leggen heeft de rechtbank dat vooralsnog voorkomen. Totdat Wilders weer over de schreef gaat.

Nu is dit maar één onderzoek, en is elk onderzoek beperkt. Maar de twee conclusies passen bij twee eerdere. Eén: de vervolgingsbeslissing in 2009 maakte multiculturalisten die van de beslissing hadden gehoord tevredener met de wijze waarop onze democratische rechtsstaat werkt, en anti-multiculturalisten ontevredener. Niet verbazingwekkend dat een vonnis soortgelijke effecten heeft.

Twee: het eerste Wildersproces had ook een klein effect. Vertrouwen in rechters daalde niet onder hen die het proces volgden en rechters kregen hoge cijfers voor hun rol. Vertrouwen in de rechtsstaat daalde licht door de media-aandacht maar herstelde zich na de vrijspraak in 2011, volgens onderzoek van Jan Kleinnijenhuis en Wouter van Atteveldt (VU). Opnieuw een soortgelijk effect.

Tot dusver werd Wilders geen straf gegeven. In andere gevallen werden politici wel bestraft voor hun uitspraken: Kamerleden Theo Joekes (VVD), die in 1980 een boete moest betalen, en Hans Janmaat (Centrumdemocraten), die in de jaren ’90 boetes plus voorwaardelijke celstraf kreeg. In Duitsland, Wallonië en Frankrijk is de leiders van de destijds grootste anti-immigratiepartijen straf opgelegd.

Afgelopen week wilde de rechtbank Den Haag kennelijk niet zover gaan en kwam de rechtbank met deze genuanceerde uitspraak. Een uitspraak die voor sommige kiezers niet het beste van twee werelden in zich verenigt, maar het slechtste. En als Wilders doorgaat met dit soort uitspraken, zoals hij aankondigde – en zoals vaak bij overtuigingsdaders – zal er een moment komen dat hij straf krijgt.

Opnieuw staat dan het vertrouwen in de rechtsstaat op het spel.

 

Graag bedank ik Koen de Groot en Tim de Beer (beiden Kantar Public) alsmede Rachid Azrout (UvA) voor hun medewerking aan de totstandkoming van dit onderzoek.

Geef een reactie

Laatste reacties (46)