Laatste update 21:23
896
4

Tekstschrijver

Ingeborg Baumann is freelance tekstschrijver en journalist

Geniale gekke genen

Mijn opa is in Neuengamme overleden

Foto: ANP

Ik heb hem nooit gekend maar hij zit in mijn DNA. En hoewel opvoeding en eigen karakter een persoon maken tot wie hij of zij is, ben ik overtuigd dat erfelijkheid daar ook mee te maken heeft. Soms helaas, dat wel. Want het zou zo fijn zijn als ieder mens met een schone lei kon beginnen. Zo zit de schepping dus niet in elkaar.

Vorige week was ik bij mijn moeder. Dat doe ik niet vaak en daar voel ik me schuldig over maar ik kan het nauwelijks opbrengen. Maar toen dus wel, na veel aandringen. Ze wilde dingen met me doornemen want ze is al oud. Tussen de spullen lag een enveloppe met daarop in haar handschrift: te openen na mijn dood.

Ik vroeg waarom dat was. Ze zei niets maar liet me de enveloppe openen. Er zaten krantenartikelen in over mijn opa van vaders kant. Een schok van herkenning. Er vielen zaken op hun plaats. En ik schrok me het leplazarus.

“Hij was groot en grofgebouwd, een reus. Van karakter impulsief, opvliegend en driftig. Hij was een ruwe bolster, blanke pit. Een arts tot in zijn tenen, dat was ie. Hij trok desgewenst je rotte kies. Hij kwam ook voor je huisdier of je vee. Een patiënt bij wie een negenoog moest worden uitgedrukt maar jammerde dat het zo’n pijn deed sloeg hij half bewusteloos, die voelde dus niets. Een moeizaam gesprek eindigde hij door een stoel door het raam te smijten. Is het nu duidelijk! De gemeentesecretaris kreeg een kurk mee tegen de diarree. Hij mocht die man niet.”

Maar ook: “Hij was er altijd en overal. Toen de molenaar onder de tram verongelukte. Toen een mof te vroeg uit de tram stapte en zichzelf onder een paal vermorzelde. Toen er steeds meer doden en gewonden zijn garage binnen gebracht werden na de vele aanslagen op de treinen en de spoorweg achter zijn huis. En vooral toen er geallieerde vliegtuigen omlaag gehaald werden en de gewonde piloten moesten worden verzorgd.”

Hij is in Neuengamme overleden. “Driftig als hij was en nooit een blad voor de mond nemend, weigerde hij botweg voor de Duisters te werken, als arts. Als hij het wel had gedaan had hij zijn leven kunnen redden.”

Mijn vader, ik, mijn zoon. We zijn niet wie hij was. We zijn onszelf. Maar de bloedlijn is duidelijk en in onze gevallen herkenbaar. Of ik daar trots op ben? Ja, heel erg. Of ik daar bang van word? Ook dat heel erg. Zo veel gedrevenheid, overtuiging en drift. Waar onbezonnen gedrag uit voortkomt. Maar ook, zo veel gedrevenheid en liefde en eerlijkheid. Ook daar komt gedrag uit voort. We zijn drie generaties verder. Mijn vader was driftig en een doorzetter. Soms. Hij reed een paar Elfstedentochten uit op pure kracht en kende een boek binnen een uur uit zijn hoofd. Hij was niet erg goed in dingen als banen houden en verslavingen bedwingen. Ik snap dat nu als geen ander. Over mezelf heb ik het even niet. Over mijn dochter ook niet, die is zo uniek en fantastisch en hoewel ze erg op mij lijkt is ze vooral zichzelf. In mijn zoon herken ik veel in dit verhaal. Ik vertrouw erop dat hij die geniale gekke genen goed gebruikt.

Dit artikel verscheen eerder op de website van Ingeborg Baumann

Geef een reactie

Laatste reacties (4)