1.130
3

Onderzoeksjournalist / programmamaker VARA

Sinan Can is onderzoeksjournalist bij de Vara

Geschiedenis kan een middel zijn om meer begrip te kweken voor de ander

Onderstaande tekst sprak Sinan Can uit in het kader van de Dodenherdenking op 4 mei in de St.Stevenskerk in Nijmegen. Aanwezig waren tal van veteranen, waaronder twee Engelse veteranen die mee hadden gevochten tijdens Operatie Market Garden.

 “Vertel een leugen vaak genoeg, luid genoeg en lang genoeg en het volk zal je gaan volgen.” Dit zijn niet de woorden van de Amerikaanse president Donald Trump, maar van een door het volk gekozen politieke leider van Duitsland, van Adolf Hitler. Een dictator die in tijden van economische crisis en armoede een gruwelijke beweging op gang heeft gebracht om grote groepen onschuldige mensen te vernietigen of uit te roeien.

Op 4 mei herdenken we alle omgekomen burgers en militairen in oorlogssituaties of vredesmissies sinds de Tweede Wereldoorlog. In heel Nederland en ook in Nijmegen; alleen al in deze stad zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog ruim 2200 stadsgenoten omgekomen en een groot deel van deze mooie stad heeft in puin gelegen.

Ik ben geboren en getogen in Nijmegen. Hier heb ik juist een uitzonderlijke en ongewone periode van vrede, stabiliteit, welzijn en welvaart meegemaakt. Toen ik ter wereld kwam, lag de Tweede Wereldoorlog alweer 32 jaar achter ons. Dat is ongetwijfeld van invloed geweest op mijn kijk op en gevoel van het leven, dat misschien vrolijker was dan mensen die in die tijd in Irak of Afghanistan zijn opgegroeid.

In mijn jeugd las ik de verhalen over de Tweede Wereldoorlog; over nazi’s, over verzetshelden, over operatie Market Garden en over de Holocaust. Het waren indertijd voor mij verhalen van lang geleden en de oorlogen die in jaren ’80 en ’90 woedden waren ver weg, ver van mijn bed. Als kind kon ik me er geen voorstelling van maken, het leek meer op fictie dan werkelijkheid. Het waren voor mij eerder verhalen uit romans of speelfilms. En dat komt denk ik ook vooral door de fijne jeugd die ik had in deze prachtstad, met zijn mooie mensen.

De ander

En dan word je ouder, beland je in de journalistiek en reis je naar conflict- en oorlogsgebieden. Gebeurtenissen waar je in je jeugd geen voorstelling van kon maken, worden een werkelijkheid voor je ogen. Beelden krijgen betekenis.

Het is misschien heel bizar, maar juist op dat soort momenten en plekken helpt kennis van het verleden je enorm, het zorgt ervoor dat je inzichtelijker gaat denken en dogmatische kreten en stugge generaliseringen laat voor wat ze zijn.

Het verleden gebruiken we vooral om onszelf beter te begrijpen. De huidige manier van denken wil dat we alles op onszelf en onze omgeving betrekken, maar we zouden de geschiedenis vooral moeten gebruiken om begrip te hebben voor de situatie van de ander.

De dag van de Nationale Dodenherdenking is van veel betekenis en voor mijzelf nog zó relevant en betekenisvol. De verhalen van de vele overledenen, verzetshelden en nabestaanden, die hier vandaag misschien wel tussen ons zitten, geven deze dag een diepere betekenis dan alleen terugkijken op het verleden.

In de huidige tijd zie je dat mensen die de Tweede Wereldoorlog bewust hebben meegemaakt veel meer begrip en empathie hebben voor de vluchtelingen van nu, bijvoorbeeld voor mensen uit het door burgeroorlog verscheurde Syrië. Mensen die dezelfde angsten, ontberingen en hetzelfde leed kennen. Op zoek naar vrijheid en hoop, naar een stad of plek waar het licht vredig brandt, waar hun toekomst ligt, waar ze begrepen worden en liefdevol opgevangen kunnen worden.

Lichtpuntje

Ik kwam twee jaar geleden een hoogbejaarde mevrouw tegen in het centrum van Nijmegen. Ze gaf een rondleiding aan Syrische vluchtelingen en vertelde hen over de Tweede Wereldoorlog. De vluchtelingen op hun beurt vertelden haar weer over de oorlog in Syrië.

Voor mij was dat een ontroerend moment. Zelf was ik net terug van mijn rondreis uit Irak en Syrië. Het leed en ellende van de mensen daar had ik nog niet los kunnen laten. Ik had weken in duisternis gereisd, op zoek naar lichtpuntjes.

Het lichtpuntje waar ik op zoek naar was, vond ik uiteindelijk in deze prachtige stad. In mijn Nijmegen, liet een oude dame vol levenservaring het licht schijnen over deze stad waar een toekomst ligt voor hen die vrij recent de duisternis hadden verlaten. Het nieuwe lichtpuntje was niet alleen Nijmegen als hun nieuwe “thuis”, maar ook het wederzijdse begrip voor elkaar.

Het verleden is van ons allemaal, ook al hebben we dat niet altijd door. We zijn allemaal aan elkaar gekoppeld op deze wereld, als een keten van harten. Het leed van een ander ver weg zou ons altijd moeten raken.

Het beste wat de wereld heeft ligt in de vele werelden die de aarde omvat, de vele melodieën van het bestaan, zijn treuren en kleuren, de duizenden manieren van leven en praten, geloven en scheppen, eten, werken, spelen, liefhebben en ook lijden. En helaas ook de vele oorlogen die in de voorbije duizenden jaren zijn gevoerd. Maar zolang er liefdevolle en gewetensvolle mensen op deze aardbol rondlopen, die zich verzetten tegen onmenselijkheid en onrecht, zal menselijkheid en hoop nooit vergaan.

Menselijkheid

Met een bijzondere ontmoeting, opgedaan in Irak, kom ik tot een afronding van mijn verhaal. Vorig jaar toen het tweeluik ‘In het spoor van IS’ werd gemaakt, de documentaire over de opkomst en ondergang van deze gruwelijke organisatie, gebeurde er het volgende: In een klein eethuis in de stad Arbil in Irak, ontmoette ik Hassan, een man van een jaar of vijftig schat ik, mager, klein van stuk, met diepe groeven in zijn gezicht. Hij zat aan een tafeltje te roken.

Mijn begeleider in Irak zei; dat is hem. Dit is de man die meer dan driehonderd kinderen uit handen van IS heeft gered, anderhalf jaar lang, elke week, met gevaar voor eigen leven, heeft Hassan kinderen uit het Kalifaat gesmokkeld.

Een soort Nicholas Winton, de man die tijdens de Tweede Wereldoorlog 669 Joodse kinderen van de dood had gered. Ook bekend als de ‘operatie van het Tsjechische kindertransport’. Deze verzetsdaad was decennialang een geheim. Zijn vrouw vond in 1988 op hun zolder een uitgebreid plakboek met foto’s en namen van de kinderen die hij destijds had gered.

De hedendaagse Winton heette Hassan en zat vooraan een klein tafeltje. Hassan was ontspannen en begreep mijn opwinding niet. Ik wilde hem heel graag interviewen, de wereld moest Hassan kennen, hij moest uit de anonimiteit gehaald worden. Hij verdiende alle lof, alle credits en alle schouderklopjes, hij moest beloond worden voor zijn bovenmenselijke daad. Maar hij wilde niet, hij vond het raar dat ik het zo groot maakte.

Eén ieder die een stukje menselijkheid in zich had, zou dit toch moeten doen, zei Hassan. ‘Dit was toch niet buitengewoon?! Dit zou ieder normaal mens moeten doen, als hij de kans ervoor zou hebben. Hij wilde geen heldendom, het gaat niet om mij’, zei hij. ‘Het gaat om de daad. Een daad van verzet! Die zal door echoën, die overtreft en overleeft mij. Deze kinderen zullen ouder worden, kinderen krijgen en hopelijk worden het liefdevolle, barmhartige en gewetensvolle mensen.’

Deze kinderen, gered door Hassan, zullen hopelijk weer anderen helpen die in nood en gevaar verkeren. En dit is hopelijk ook wat wij gaan nalaten aan de komende generaties in Nederland, doorgeven wat ons geboden is door de moedigen; vrijheid, vrede, liefde en respect voor alles waar leven in zit.


Laatste publicatie van SinanCan

  • De Arabische Storm

    Vijf jaar na de lente

    2016


Geef een reactie

Laatste reacties (3)