8.250
179

Universitair docent en onderzoeker

Dr. Karim Bettache is gepromoveerd in de cross-culturele psychologie en werkt als universitair docent en onderzoeker.
Hij houdt zich voornamelijk bezig met zaken als moraliteit en racisme.
Zijn doel: een inclusieve samenleving.

Gesprek over racisme nog steeds taboe in Nederland

Dit is ook de reden dat er een tsunami aan volksmenners is opgestaan die een ontluisterend gebrek aan empathie hebben, en derhalve iedereen die anders is dan zijzelf willen zien verdwijnen.

In De Groene Amsterdammer las ik laatst het ontluisterende relaas van Marion Bloem (kan ik u aanraden, echt lezen). Marion deed als afstammeling van Indonesiërs uit ’s lands koloniale tijd uit de doeken wat haar familie en andere Indonesiërs overkwam. Denk aan de hartverscheurende uitbuiting en seksuele slavernij van jonge Indonesische meisjes door Nederlandse soldaten. Mannen die de meisjes onder het bed van hun barak lieten wonen, en ze als persoonlijk slaafje gebruikten. Het stuk raakte me diep. Ook omdat ik het niet eens wist. Dit kregen we niet op school.

Ons land is helaas een van de landen waar het gesprek over racisme nog steeds taboe is. Bij het woord schieten velen van ons gelijk in een stuip. Hetzelfde geldt voor de discussie over politiegeweld, slavernij en kolonialisme. Allemaal zaken die vooral elders, zoals in Amerika, plaatsvinden of -vonden. Zulke dingen gebeuren hier niet, niet bij ons in de polder.

Een mooie gelikte film over Max Havelaar of een trotse beschrijving van de Gouden eeuw en daarmee houdt de geschiedenisles op. Het lijden van de ander, daar sluiten we vaak liever de ogen voor. Dit is ook de reden dat er een tsunami aan volksmenners is opgestaan die een ontluisterend gebrek aan empathie hebben, en derhalve iedereen die anders is dan zijzelf willen zien verdwijnen. Of op zijn minst: in een minderwaardige positie wil behouden.

Toegeven aan de pijn van mensen die onschuldig hebben geleden, of nog dagelijks lijden in ons land, is iets dat de status quo aan het wankelen brengt. Diep daarbinnen willen we dat simpelweg niet. Stel je voor dat een Mohamed of Fatima, of een pikzwarte neger, straks op gelijke voet staat met ons. En wat als zo iemand onze baas wordt, of manager, minister-president of zelfs een aangetrouwd familielid in het koningshuis. Ziet u het voor u? Een negerin als koningin?

Cc-foto: Wendy Corniquet

Vast niet. En dat is het probleem. Racisme is niet de schuld van een individu, of een groep aso’s ergens uit een achterbuurt. Racisme is een ingekapseld cultureel probleem. Het is onderdeel van onze geschiedenis en daarmee ook ons dagelijkse leven. Van sollicitatie-ongelijkheid tot politiegeweld. Van enkel witte wetenschapsdepartementen tot een educatief curriculum dat met geen woord rept over niet-westerse voorgangers van onze beschaving (bijvoorbeeld het Arabische, Chinese, of Mongoolse rijk), en dat vooral lovend spreekt over de (relatief korte) Europese geschiedenis en zelfs onze beschamende daden in andere landen.

Sinds we rond de 17de eeuw mensen begonnen te categoriseren op een uiterlijk kenmerk, namelijk huidskleur, is dat hardnekkige culturele systeem er niet meer uit te slaan. Terwijl historische teksten laten zien dat men gedurende de Romeinse en Egyptische oudheid bewust was van kleurverschillen tussen mensen, bestond er geen dedain jegens donkerder of lichter gekleurde mensen. Mensen van alle kleuren mengden met elkaar (men had zelfs een esthetische voorkeur voor een middelmatig-bruine huidskleur). Het Europees imperialisme heeft echter een systeem over heel de wereld geïntroduceerd dat ons nu in enorme problemen heeft gebracht.

Wij zijn namelijk visuele wezens. Mensen verschillen in persoonlijkheid veel meer van elkaar maar omdat men dat niet kan zien is de mens iets volledig arbitrairs (zoals sproeten, of een grote neus) gaan gebruiken als categorisatiesymbool. Terwijl wetenschappelijk onderzoek telkens weer aantoont dat individuen in bijvoorbeeld Afrika onderling meer van elkaar verschillen dan als groep gebaseerd op geografische ligging (bijvoorbeeld Afrikaan ten opzichte van Europeaan), zitten we nog steeds te categoriseren gebaseerd op dit absurde en achterhaalde systeem bedacht door onze racistische voorouders. Een categorisatiesysteem gebaseerd op de gradatie pigmentcellen in de huid. Denk daar even over na.

Het probleem moet dan ook niet achter etnische of ‘rassenverschillen’ gezocht worden. Nee, de kern van het probleem is het categoriseren zelf. In de psychologie heet dat ‘Minimal Group Paradigm’: een experiment waarin je een groep mensen op totaal absurde en arbitraire kenmerken categoriseert (bijvoorbeeld mensen die een lijntje op een scherm als lang versus kort zien). Je deelt ze vervolgens samen in een groep en noemt ze de Overschatters versus Onderschatters. Vanaf dat moment, je gelooft het niet, beginnen de groepen meer affiniteit te tonen met de eigen groep en de andere groep als negatiever te zien – en dus ook zo te behandelen. Zie daar, een evolutionaire reactie van in-groep favoritisme, gebaseerd op nonsenskenmerken.

Dat is dan ook waar we nog steeds onder lijden. Vierde en vijfde generatie multi-etnische Nederlanders zijn niet anders omdat ze een kleurtje hebben. Willen we racisme bij de wortel aanpakken, dan zullen we eerst moeten toegeven dat het geen gevalletje rotte appel, of uitzondering is. Het gaat hier om een hardnekkig cultureel systeem van categorisatie dat tot in alle gelederen van onze samenleving is geslopen: de politie, politiek, educatie, de wet en de manier waarop getinte mensen in hun dagelijkse leven worden behandeld, vaak zonder dat u het doorheeft.

Geef een reactie

Laatste reacties (179)