3.197
21

Emeritus hoogleraar Gezondheidszorg

Ivan Wolffers (1948) studeerde af als arts. Sindsdien schrijft hij over medische onderwerpen, variërend van medicijnen tot zijn eigen prostaatkanker. Hij promoveerde in de medische antropologie en werd in 1989 benoemd tot buitengewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam waar hij tot zijn emeritaat in 2014 Gezondheidszorg en Cultuur doceerde.

Gezond eten bestaat, superfoods niet

Matigheid is de sleutel tot gezonde voeding

De meeste mensen beginnen te denken aan voedsel als het al op hun bord ligt. Dan is het te laat. Dan wordt het een kwestie van wegschuiven wat je niet wilt eten en naar binnen schuiven wat je wel wenst.

Een stap eerder kun je ook over je dagelijks voedsel nadenken: op het moment dat je je inkopen doet. Dan scheid je daar als het ware de dingen die je niet wilt eten van de dingen waarvan je denkt dat ze lekker, goed houdbaar, goedkoop en gezond zijn. Je hebt dan iets meer greep op  wat je kiest, maar wordt te vaak in de war gebracht door de aantrekkelijke verpakkingen en aanmoedigende teksten in tegenstelling tot de povere informatie achterop.

Verschil met oermens?
Wanneer je ook begint te denken over wat je gaat eten, in allebei de gevallen kies je op basis van afzonderlijke voedingsproducten. Je ziet niet het grotere plaatje waar wat je eet in past: De persoon die jij bent en hoe je werd wie je bent. Daarin verschillen we niet veel van de oermens: die koos ook zonder al te veel fundamentele kennis van hoe lichaam en geest bij voedselkeuzen werken. Fel gekleurde bessen en vruchten trokken de aandacht en werden als eerste geplukt en zoet en vet bevatten veel energiestoffen die je nodig had voor zware tijden, dus zodra je zenuwstelsel merkt dat je die in je mond hebt gestopt reageert het met een dopamineprikkel als beloning. “Lekker,” dacht de oermens en dat denken we nog steeds.

We leven in een wereld waarin je zult moeten begrijpen hoe dat lichaam werkt om door te krijgen wat er werkelijk aan de hand is en je niet blind staren op wat je eet. Anno 21ste eeuw gaat het, bij het nadenken over voeding die goed voor je is, om een radicaal verstoorde balans tussen wat je aan energiestoffen binnenkrijgt, wat je daarvan verbruikt en hoeveel stress je lichaam moet verwerken. En dat is voor een groot deel van de wereldbevolking iets dat hun gezondheid ernstig bedreigt. Net als met alles in het leven loopt er een grote scheidslijn op basis van opleiding, inkomen, beroep, toegang tot informatie en culturele achtergrond.

Daarbij moet je je dan bedenken dat je het lichaam nooit zult kunnen veranderen, ook al droomt iedereen over de maakbare mens. Ons lichaam is in de loop van de evolutie nauwkeurig afgestemd op de omgeving waarin we leven. Daardoor overleven we van alles. De mens beschikt over een breed pallet van genetische eigenschappen om alle bedreigingen het hoofd te bieden en omdat je nooit van één verdedigingsmechanisme afhankelijk mag zijn, beschikken we over meerdere genetische eigenschappen voor die bedreigingen. Het gaat dus niet om één gen als het aan de relatie gezondheid voeding aankomt maar om duizenden en ieder mens heeft daar een eigen combinatie van.

Aanloop van miljoenen jaren
Dat is niet over een tienduizenden jaren ontstaan, maar over miljoenen jaren. Veel van de mechanismen om met de omgeving om te gaan delen we met fruitvliegjes, ratten, muizen en andere levende wezens. Vandaar dat die voor fundamenteel onderzoek gebruikt kunnen worden als we iets willen weten dat misschien ook bij mensen speelt.

Die genen veranderen niet zo snel, want dat zou het systeem erg instabiel maken. Dat duurt tienduizenden jaren. We zullen het met wat we nu hebben daarom nog een flinke tijd moeten doen.

De snelst denkbare aanpassing van ons lichaam aan de omstandigheden gaat via het principe van de epigenetica. De zwangere vrouw komt in omstandigheden die biologisch gezien bedreigend zijn en in haar lichaam zal overexpressie van de genen die daarbij bescherming bieden plaats vinden. Ondervoede moeders produceren dus de eigenschappen die nuttig zijn om met honger om te gaan voor hun kinderen en die zullen in de periode erna die bescherming hebben.

‘Hongerwinter-paradox’
Maar als die in tijden van overdaad moeten overleven hebben ze een behoorlijke handicap. De ‘hongerwinter-paradox’ werd dat in ons land genoemd: die kinderen worden gemiddeld het dikst. En dat zie je ook in Brazilië, China, India: landen die arm waren, waar veel honger geleden werd kampen nu ze zich zo snel ontwikkelen met een obesitas-epidemie.

Dus terug naar ons bord: wat moet er op liggen? Wel koolhydraten of juist niet? Vetten of juist niet? Welke vetten? We raken in de war en zoeken hulp bij mensen die met duidelijke en eenvoudige oplossingen komen. Of het nu echte artsen zijn of kwakzalvers, wantrouw altijd de simpele oplossingen voor een ingewikkeld probleem.

De boodschap
Gezond kiezen als je eet bestaat, superfoods niet. Heel simpel samengevat is de boodschap dit: voor de energieaanvoer heb je koolhydraten nodig en je hebt vetten nodig. Het is niet een kwestie van voor het een of voor het ander kiezen omdat je nu eenmaal energie binnen moet krijgen. Nee allebei. Veertig procent van de energie die je nodig hebt is voor je hersenen en die kunnen eigenlijk alleen iets met glucose (de door zoveel mensen giftig gevonden suiker ja). En dat is zò belangrijk bij het overleven dat onze biologie er de voorkeur aan geeft om die glucose voor de hersenen te garanderen boven allerlei andere processen, die zelfs schadelijk voor ons kunnen zijn. Je zou het niet geloven soms, maar onze hersenen worden als eerste gered.

En wat zit het leuk in elkaar. Het is zo flexibel omdat niet altijd duidelijk is wanneer je net veel kant-en-klare energie nodig hebt. De koolhydraten (die uit elkaar vallen in de glucose die nodig is) zijn handig bij de snelle levering van de brandstof voor ons lichaam. Er zit altijd wat in het bloed (voor de hersenen en nu voor mij nu zodat ik dit kan typen) en bij wat extra inspanning kan je lichaam de koolhydraatopslag (glycogeen) simpel omzetten in glucose.

Bij plotselinge stress heb ik om te vluchten of vechten ineens heel veel glucose nodig en de stresshormonen zorgen dat die snel beschikbaar komt. Het is een zeer flexibel systeem. Maar ja als je weinig beweegt, de hele dag naar een scherm kijkt, te veel geraffineerde koolhydraten binnenkrijgt en ook nog eens onder voortdurende stress staat, dan belast je zo’n fijn flexibel systeem wel erg hoor. Op den duur laat het je in de steek omdat je lichaam minder goed op het waakhormoon dat ervoor zorgt dat je  altijd het juiste niveau glucose in je bloed zit, het insuline, reageert. Ach, wat jammer, zo´n mooi mechanisme kapot gegaan door slordig gebruik. Dat ook nog eens niet door onszelf is gekozen, maar ontstaan is door de omstandigheden waarin we moeten leven.

Vetten
Intussen heb je natuurlijk ook vetten nodig. We kunnen niet zonder. Ze hebben enkele belangrijke functies voor het zenuwstelsel onder andere, maar zijn ook belangrijk voor de lange-termijnopslag van energie. Jammer genoeg zijn er bepaalde vetten die als ze in de opslag van je lichaam zitten minder gemakkelijk worden afgebroken. Er zitten namelijk in de vetzuurketen geen plaatsen waar ze gemakkelijk gesplitst worden. Dat is het verschil tussen verzadigde en onverzadigde vetten.

Vetten die nog niet ‘verzadigd’ zijn hebben 1 of meer plekken waar nog een breuk kan ontstaan. Die zijn wat gezonder dan de vetten waar niet zulke plekken in zijn (die verzadigd zijn). De verschillen zijn overigens niet zo absoluut als sommige mensen het doen voorkomen. De verzadiging van vet is namelijk een proces dat samenhangt met de meest effectieve manier van opslag, maar het uiteindelijke eindproduct van langdurige vetopslag is wel dat de vetzuren verzadigd zijn. En die zorgen voor chronische ontstekingen in je lichaam.

De oorlog tussen deskundigen die zeggen dat we suiker moeten beperken (of nog uitgesprokener koolhydraten uit ons eten weren) en de deskundigen die vetten uit ons voedsel weren is niet zo interessant.  Ten eerste gaat het om de vraag welke koolhydraten en welke vetten? Ten tweede gaat het om matigheid. Ten derde gaat het om de mensen waarin dat allemaal zit (gaat het om de atleet of om de televisiekijker). Ten vierde komt daar stress (dus dat is de men die we zijn in zijn drukke leventje) nog bij.

Praktisch gezien, krijg je dus de lulligste en weinig sexy boodschap die er is: Matigheid is de sleutel tot gezonde voeding, je hebt koolhydraten nodig (vooral volkoren producten) en je kunt niet buiten vetten (liefst in een balans met meer onverzadigde vetzuren), voeg daarom niet nog eens extra suiker toe aan je voeding (dan wordt suiker wel ‘giftig’), laat extra vetten links liggen en zorg dat je in beweging blijft.

Dan heb je geen garantie, maar een goede kans om te voorkomen dat het mechanisme dat je metabolisme automatisch regelt het opgeeft. Bijt je daarom niet vast in dat voedsel (pun intended), maar hou het grotere plaatje in de gaten.


Het laatste boek van Ivan Wolffers is ‘Als de tijd voor altijd stil zou staan

Volg Ivan Wolffers ook op Twitter
Ivan schrijft voor Joop regelmatig een Gezond Weetje: 
klik hier voor een overzicht


Laatste publicatie van IvanWolffers

  • Broer van God

    Oktober 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (21)