Laatste update 09:23
1.604
9

Docent en publicist

Pascal Cuijpers is docent beeldende vorming en faalangstreductietrainer op een middelbare school. Daarnaast is hij publicist en auteur. Hij schrijft columns en opiniestukken over onderwijs en de maatschappij voor o.a. de Nationale Onderwijsgids en Joop. Tevens verschijnen zijn artikelen regelmatig in diverse landelijke dagbladen en onderwijsmagazines. Van zijn hand verschenen eerder de educatieve scheurbundel '200 Dagen School & Scheuren!' en de onderwijsbundels 'Leraren hebben meer vakantie dan mensen die werken' en 'Leraren zijn net echte mensen' (uitgeverij Quirijn).

Goed plan: tussenjaar voor aanstaande studenten

In Amsterdam is op het ROC een pilot gestart voor leerlingen die een vmbo-diploma op zak hebben maar vervolgens nog geen idee hebben wat voor studie ze willen gaan volgen.

Het Nederlandse onderwijssysteem wordt onder andere gekenmerkt door de vroege voorselectie van leerlingen op de middelbare scholen. Waar dat in veel landen pas gebeurt rond de leeftijd van 14 tot 16 jaar, moeten Nederlandse kinderen op 11- of 12-jarige leeftijd al een keuze maken voor het volgen van een bepaald niveau binnen het voortgezet onderwijs. In de Volkskrant werd dit onlangs treffend omschreven als het ‘sjoelbakmodel’: je komt op jonge leeftijd in een bepaald vakje terecht en vervolgens is het lastig om in een ander vakje te komen.

cc-foto: nigelpepper

Enkele nadelen van deze vroege selectie zijn bijvoorbeeld dat het de verschillen in leerprestaties tussen de leerlingen vergroot en de afstroom van leerlingen naar een lager niveau relatief hoog is, evenals het aantal doubleurs. In landen waar men later selecteert zijn de verschillen in prestaties tussen leerlingen kleiner en is de doorstroom beter. Men krijgt daar simpelweg langer de tijd om bepaalde cognitieve vaardigheden aan te leren, zichzelf op sociaal-emotioneel vlak te ontwikkelen en bepaalde niveau- en studiekeuzes uit te stellen.

Net als na de basisschool volgt in ons land na de middelbare school ook weer een soort selectie. Zo zijn de meeste vmbo-leerlingen bijvoorbeeld pas 16 jaar als ze hun diploma behalen. Vervolgens wordt er van ze verwacht dat ze weten waar hun toekomst zal liggen en welke vervolgopleiding het beste bij ze past. Bij het kiezen van zo’n vervolgopleiding zijn er uiteraard nog veel meer mogelijkheden dan wanneer een leerling van het basisonderwijs naar de middelbare school gaat. Een haast onmogelijke opgave, met vaak uitval tot gevolg.

In Amsterdam is op het ROC TOP een pilot gestart voor leerlingen die reeds een vmbo-diploma op zak hebben maar vervolgens nog geen idee hebben wat voor studie ze willen gaan volgen. In een tussenjaar, ook wel een ‘Mind The Gap-jaar’ genoemd, volgen ze verplicht de vakken Nederlands, Engels en rekenen. Daarnaast mogen ze hun horizon gaan verbreden door vakken te volgen die ze nog niet eerder hebben gehad, zoals bijvoorbeeld Spaans of filosofie en wordt er een buitenlandreis georganiseerd met de leerlingen. Ook bezoeken ze bedrijven, waar de leerlingen mogen meekijken hoe het eraan toe gaat op de werkvloer. Het initiëren van zo’n tussenjaar voor vmbo’ers is een prachtig initiatief, dat inmiddels ook op een aantal ROC ’s in onze provincie vorm heeft gekregen. De leerlingen zijn hierdoor na een jaar breder georiënteerd, hebben op diverse manieren ervaring kunnen opdoen én zijn zelfverzekerder geworden.

In Nederland is het nemen van een soort tussenjaar, op welke manier dan ook, (nog) niet gebruikelijk. Het komt weleens voor dat leerlingen na het behalen van hun havo- of vwo-diploma een sabbaticaljaar nemen om een reis te maken, vrijwilligerswerk te doen, zich in alle rust te oriënteren op de mogelijke vervolgstudies of een jaar gaan werken om zo’n vervolgstudie überhaupt te kunnen betalen. In Engeland is het ‘gap-year’ van oudsher een traditie onder aanstaande studenten. Een gebruik dat al ongeveer stamt uit de zeventiende eeuw, toen jonge, rijke mannen langs culturele bezienswaardigheden trokken, meestal onder begeleiding van een privéleraar. Het wordt terecht gezien als een vorm van zelfontplooiing, zelfstandigheid kweken en volwassen worden.

Tijdens het inlassen van zo’n zogenaamd ‘gap-year’ kunnen de aanstaande studenten daarnaast even op adem komen. Ze hebben namelijk al twee verplichte opleidingen met goed gevolg afgerond in hun jonge leven: het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs. Om overtollige prestatiedruk en stress te voorkomen en om ervoor te zorgen dat ze uitgerust en gemotiveerd zijn voor het volgen van een passende nieuwe studie, kan het dus geen kwaad om in een functionele ‘gap’ te belanden. Een ‘sjoelbakmodel’ zijn kan immers altijd nog.

Pascal Cuijpers,
Docent VO, faalangstreductietrainer, publicist en auteur

Dit artikel werd op 2 januari 2020 gepubliceerd door het Parool


Laatste publicatie van PascalCuijpers

  • Leraren zijn net echte mensen

    ‘De kunst van onderwijs is mogen plaatsmaken voor verbeelding en durven openstaan voor verwondering…’

    September 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (9)