2.441
54

Onderzoeker fac. Rechtsgeleerdheid EUR

Wouter de Been is sinds 2008 postdoctoraal onderzoeker aan de Faculteit der rechtsgeleerdheid van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 2009 werkt hij hier aan een onderzoeksproject over conflicten in de multireligieuze samenleving. In dit project wordt geprobeerd tot een meer dynamische en open interpretatie te komen van klassieke idealen als neutraliteit, scheiding van de kerk en staat, godsdienstvrijheid, gelijkheid en vrijheid van meningsuiting.

Griekenland, wij eisen ons pond vlees

Griekenland is voor politici een bliksemafleider voor alle onvrede onder kiezers

De hardvochtigheid waarmee Noord-Europese landen als Nederland en Duitsland vast blijven houden aan de harde lijn, aan de terugbetaling van iedere geleende euro van Griekenland, doet een beetje denken aan een van de klassieke figuren uit de westerse literatuur, de joodse geldschieter Shylock in Shakespeares toneelstuk The Merchant of Venice.

In The Merchant of Venice vraagt Shylock ‘a pound of flesh’ als onderpand voor het geld dat hij uitleent aan de koopman Antonio. Als Antonio het geld niet kan terugbetalen houdt Shylock voet bij stuk en wil hij dat letterlijk een pond vlees uit het lichaam van Antonio wordt gesneden. In de Engelstalige wereld wordt er tot op de dag van vandaag gesproken over zijn ‘pound of flesh’ opeisen, als op een onredelijke en wrede manier wordt geëist dat mensen zich exact en letterlijk aan een afspraak houden, ook als die excessief en onbillijk is. 

Greek peopleWakker Nederland zal nu ongetwijfeld roepen dat deze vergelijking niet opgaat. Onze onbuigzaamheid is terecht, zullen ze zeggen. We moeten niet als Gekke Henkie op willen draaien voor de Club-Med lifestyle van de Grieken. Op dit beeld is wel wat af te dingen. Zeker, de Grieken hebben geen wijs beleid gevoerd en ze hebben ― overigens met de hulp van ‘nette’ zakenbank Goldman Sachs ― de omvang van hun financiële tekorten verborgen voor hun Europese partners om toe te kunnen treden tot de Euro. Maar daartegenover staan ook wel wat fouten van de Europese partners.

Bedrijfsrisico
Om te beginnen waren de schulden van Griekenland aanvankelijk helemaal niet aan Europese belastingbetalers, maar vooral aan private partijen waaronder veel banken in Duitsland. De zorg van Europa in 2010 was vooral dat deze banken om zouden vallen als Griekenland de afbetaling van zijn schulden zou opschorten. Je zou kunnen zeggen dat dit gewoon het bedrijfsrisico is van de mensen die op de hogere rendementen van Griekse staatsschuld hebben gegokt.

Sinds 2008 weten we evenwel dat de financiële sector wel de winsten van hun investeringsrisico’s opstrijken, maar dat de verliezen gewoon op de belastingbetaler afgewenteld kunnen worden. Zo is het ook gegaan. Het geld waarmee de Europese partners Griekenland hebben gesteund is met kerende post gelijk weer teruggestuurd om private schuldeisers in de diverse lidstaten af te betalen.

Deze oplossing van het Griekse probleem ging bovendien gepaard met een totaal onrealistisch plan om de Griekse economie te saneren en weer nieuw leven in te blazen. Volgens de raming van de in Griekenland zo gehate ‘trojka’ in 2010 zou Griekenland na een korte, scherpe dip een aantal jaren geleden al weer zijn gaan groeien. In werkelijkheid zwelde de malaise aan tot wat alleen nog een volledige economische depressie genoemd kan worden. De werkeloosheid zou volgens de voorspellingen van de trojka pieken op 15 procent, maar groeide in werkelijkheid door tot de huidige 28 procent.

Ineenstorting
De soberheidskuur die Griekenland kreeg opgedrongen leidde niet tot hernieuwd vertrouwen en bedrijvigheid, maar tot een ineenstorting van de economie. De lagere belastingsinkomsten die dat tot gevolg had, leidde vervolgens weer tot nog hardere bezuinigingen om aan begrotingseisen te kunnen voldoen, en dat leidde weer tot nog meer economische ontwrichting. De Griekse staatsschuld is na alle opofferingen die van het Griekse volk gevraagd zijn alleen maar gegroeid. Dat is de neerwaartse spiraal waar Griekenland, niet geheel ten onterechte, uit wil ontsnappen.

Nu weten de meeste bestuurders en politici in Noord-Europa natuurlijk ook wel dat de lopende aanpak een totale mislukking is die geen enkele kans van slagen meer heeft. Waarom blijven ze dan toch vasthouden aan hun beleidsafspraken en blijven ze hun pond vlees van Griekenland eisen? Ze willen dat vooral om het als rauwe biefstuk aan hun kiezers toe te kunnen werpen. Ze hebben de kiezers voorgehouden dat Griekenland iedere euro zal terugbetalen en willen niet op hun schreden terugkeren. Griekenland is bovendien politiek tot een symbool gemaakt van alles wat er fout is met (Zuid-)Europa. Griekenland is een bliksemafleider voor alle onvrede onder het electoraat over de hardnekkige en voortdurende malaise. Schelden op de Grieken lucht op, ook al lost het niets op.

Toch zou iedereen erbij gebaat zijn als een oplossing wordt gevonden voor het Griekse probleem en als wordt voorkomen dat Griekenland de Eurozone uitknalt. Martin Wolf schreef in de Financial Times dat de tijd is aangebroken dat politieke leiders in West Europa laten zien wat ze waard zijn. Zijn ze louter politici die meedeinen op de golven van de publieke opinie, of zijn ze staatsmannen en staatsvrouwen die het electoraat mee kunnen nemen en de maatregelen kunnen doorvoeren die nodig zijn om het Griekse probleem echt op te lossen. Je moet optimistisch blijven, maar ik vrees dat Europese leiders ook deze kans weer zullen aangrijpen om teleur te stellen.

cc-foto: Threepenny-photos

Geef een reactie

Laatste reacties (54)