378
4

oud-hoofdredacteur NOS Journaal

Nico Haasbroek werkte voor VARA en VPRO onder andere als correspondent in Duitsland en New York, was hoofdredacteur van Radio en TV Rijnmond en van het NOS-Journaal.

Groeten uit Benin

Voor het eerst van mijn leven zit ik  achter op de motor en we scheuren door Porto Novo. Mijn opdracht is om te onderzoeken of er in Benin een webcentrum kan worden opgezet.

Ik ben in Benin.
De eerste ochtend. Zit op een comfortabele bank van het terras van Hotel Beaurivage. Voor me een mooie moerasachtige lagune die door hevige regen besprenkeld wordt.

Ik eet stokbrood met oranje jam. Geen idee wat mij vandaag te wachten staat, Waar ik straks beland? Wie ik ontmoet? Geen idee.
Toen ik benaderd werd om als vrijwilliger voor PUM ( een netwerk van ex-ondernemers die ondernemers overal ter wereld met raad en daad terzijde staan) naar Benin te gaan moest ik eerst zoeken waar dat land lag.

Gisteravond landde ik kort na zeven uur op het vliegveld van Cotonou.  Het was al pikkedonker. Door een Afrikaanse jongen, die met een bordje op me stond te wachten, werd ik pijlsnel door de douane geloodst. Na een korte kennismaking met mijn contactpersoon Marijke Gnonlonfoun bracht  een van mijn opdrachtgevers, Diogo Pelu Christophe, mij naar mijn hotel. Onderweg opvallend veel motoren, hobbels, onverlichte voertuigen en heel weinig verlichting. Enigszins romantisch.

Benin ligt in West-Afrika, ingeklemd tussen Togo en Nigeria. Vroeger heette het Dahomey. Ik herinner met dat ik daar ooit nog op de middelbare school een inzamelingsactie voor heb georganiseerd onder de naam 10 X 10 voor Afrika. Ik zal eens nagaan of het geholpen heeft.

Ibrahim haalt me op en voor het eerst van mijn leven zit ik  achter op de motor en we scheuren door Porto Novo. Ik dacht dat er langs de kant van de weg grote flessen olijfolie stonden, maar dat blijkt illegale benzine te zijn.

Mijn opdracht is om te onderzoeken of er in Benin een webcentrum,  door mij WC genoemd, voor internet-praktijk-onderwijs kan worden opgezet. Als activiteit van de Association pour la Promotion des Médias, APM.

Ik begin de stad te verkennen. Ik zie een leven op straat. Mensen die stuk voor stuk met kleine handeltjes bezig zijn.

Straatarm is hier wel heel letterlijk. Ik zie hagedissen voor me  wegspringen, op straat lopen geiten en kippen, geen honden. En Ik zie veel vrolijke mensen. Maar ik zie geen fietsen, agenten en – ondanks de regen – paraplu’s. Ik weet dat eerste indrukken belangrijk zijn, maar ook kunnen bedriegen.

Eerst probeer ik de communicatie te organiseren. Wireless kennen ze  hier niet, mijn Apple laptop spoort ook niet met andere systemen op  het APM kantoor. Maar om de hoek vind ik een van de weinige  open internetcafé’s en daar maak ik snel contact met de rest van de wereld. Misschien kan ik hier ook een tolk vinden. Ik koop een goedkope mobile om apart lokaal te kunnen bellen. Het werk kan beginnen.
Ik bedenk een programma, bekijk het gebouw, praat met de medewerkers  en ik lees de basisinformatie omtrent APM. Op de bovenste verdieping is een vue panoramique en op de begane grond een heuse kleine drukpers om de eigen krant te drukken. Het ziet er allemaal goed georganiseerd uit, maar er is nog weinig leven in de brouwerij. Langs de boulevard drinken we wat. Je krijgt hier hele grote flessen. Voor mijn onderzoek verzin ik eerst een heleboel vragen. Hoe korter, hoe dodelijker doorgaans. Zoals: Van wie is het idee van die webopleiding? Hoe is de internet penetratie in Benin? Hoe zou uw idee gefinancierd moeten worden? Hoe komt u aan uw cursisten? Welke bedrijven zouden uw plan willen steunen? De receptionist van het hotel zegt dat er in Porto Novo geen taxi’s en bussen zijn. Wel motortaxi’s. Er staan er twee voor de deur. De ene motorrijder staat midden op straat te plassen. Bij hem moet ik achterop.
Ik ga een kijkje nemen bij de univiersiteit. Andere koek dan wat ik in Amsterdam gewend ben. De professor geeft  in de halve open lucht college met zo’n versterkte toeter die de politie bij ons soms gebruikt.

Na twee dagen Bénin (Franse benaming) besef ook ik hoe opgefokt we in Nederland leven. Ik ga op een muurtje zitten, in de schaduw, en laat het dagelijkse leven rustig op mij inwerken. Voorbij razende motoren, vrolijke ondeugende kideren en een grote mooie vouw. Op de hoogte van haar borsten staat in grote letters LOVE. Ze kijkt me onderzoekend aan en zegt op klaarlichte dag ‘Bon soir’. ‘Bon quoi?’ vraag ik retorisch bedoeld. Ik ben gek op contrasten: vrouw-man; oud-jong: mooi-lelijk.

We moeten allebei lachen. Wat zouden ze bij de APM met een webcentrum voor praktijk-onderwijs in Godsnaam bedoelen?, vraag ik me al mijmerend af. In mijn notitieboekje noteer ik enkele trefwoorden:

1)  Algemene informatie over de nieuwe media
2) Hoe gebruik je internet?
3) Wat kun je als nieuwe journalist met je mobile doen?
4) Hoe om te gaan met de sociale media? en
5) Hoe maak je de beste nieuwssite?

Misschien is dat een begin. Ik weet het nog niet. Kunnen die motorrijders niet met hun mobiles nieuws gaan opsporen?

Geef een reactie

Laatste reacties (4)