1.729
17

Medewerker politieke zaken

Christian Mommers is organisatieantropoloog en sinds september 2009 als buitenpromovendus verbonden aan het Instituut voor Immigratierecht. Hij was eerder werkzaam bij VluchtelingenWerk Nederland, het Ministerie van Justitie en de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), alsmede bij het Refugee Law Project in Oeganda, Africa and Middle East Refugee Assistance (AMERA) in Egypte en de Refugee Rights Clinic van Tel Aviv University in Israel. Sinds 2012 werkt hij als senior medewerker Politieke Zaken bij de Nederlandse afdeling van Amnesty International.

Grootschalige hervestiging Syrische vluchtelingen ook in ons belang

Syrische vluchtelingen in Libanon willen een toekomst voor hun kinderen

Niet alleen humanitaire overwegingen, maar ook welbegrepen eigenbelang maakt grootschalige hervestiging van Syrische vluchtelingen uit de regio naar andere landen, waaronder Nederland, een absolute must. Als we dit dan niet doen uit betrokkenheid bij het lot van de vluchtelingen, dan toch in ieder geval vanwege de zorgen over de internationale veiligheidssituatie en de stabiliteit van de regio.

Tijdens gesprekken met vluchtelingen, hulpverleners en officials die ik deze week op verschillende plaatsen in Libanon heb, komt steeds weer hetzelfde thema naar voren: de enorme impact die de Syrische vluchtelingencrisis heeft op het land en de bevolking. Op elke vier Libanezen is er nu één Syrische vluchteling. Ter vergelijking: een zelfde verhouding zou ontstaan als Nederland op dit moment vier miljoen vluchtelingen zou huisvesten.

De internationale respons is onvoldoende gebleken. Nederland heeft financieel nog een aardig steentje bijgedragen (€ 70 miljoen in 2013), maar tegen de maatschappelijke effecten in de opvanglanden valt allang niet meer op te doneren. Op zijn best ledigt het de meest urgente humanitaire nood, maar de sociale ontwrichting van Libanon wordt hiermee niet veel verminderd.

Ironisch genoeg was het precies die ‘ontwrichting’ die hét (gelegenheids)argument was van Nederland om dit jaar niet meer dan 250 plaatsen te bieden aan Syrische vluchtelingen voor hervestiging. Uiteindelijk leidt het Nederlandse hervestigingsprogramma er toe dat er per 67.000 Nederlanders één Syrische vluchteling dit jaar de kans krijgt in veiligheid een nieuw leven op te bouwen. Voor een stad als Amsterdam, zou dat naar rato betekenen dat er twaalf Syriërs, drie doorsneegezinnen, zouden komen. Assen zou welgeteld één Syriër moeten verwelkomen. En ja, dit bovenop de kleine 4.000 Syriërs die op eigen kracht Nederland bereiken en gelukkig veelal mogen blijven. Ook dit is geen aantal waar we van hoeven schrikken.

Ondanks dat Nederland makkelijk meer zou kunnen doen, hebben humanitaire redenen om Syrische vluchtelingen op te nemen het de afgelopen jaren steevast afgelegd tegen populisme en angstgevoelens. Maar de situatie in Libanon en de rest van de regio laat zien dat het al lang niet meer alleen om humanitaire overwegingen gaat. De fragiele regionale stabiliteit is in het geding. De enorme offers zijn door Libanon en andere landen in de regio niet meer op te brengen. De spanning loopt op. Woonruimte en werk zijn schaars geworden. Niet voor niets voorspelt de VN-vluchtelingenorganisatie dat volgend jaar minimaal 100.000 hervestigingsplaatsen voor Syrische vluchtelingen nodig zullen zijn, om de druk op Libanon wat te verlichten. De jaren daarop waarschijnlijk nog meer.

Hoewel met de ontwikkelingen in Oost-Europa en in het Midden-Oosten de internationale veiligheid weer een centrale plaats is gaan innemen in het Nederlandse denken over de wereld, is dit tot nu toe niet doorgetrokken naar het vluchtelingenvraagstuk. Libanon, decennialang het zorgenkind bij uitstek in de Arabische regio, heeft zich de laatste jaren – hoe onvoorstelbaar ook – ontpopt tot een van de relatief stabielste staten. Een kortzichtige benadering van het vluchtelingenvraagstuk kan eraan bijdragen dat Libanon en ook Jordanië, dat andere grote opvangland, steeds instabieler zullen worden. Het mogelijk maken van hervestiging op grote schaal is daarmee ook een zaak van welbegrepen eigenbelang, van de internationale gemeenschap en van Nederland. 

Door te investeren in flinke aantallen hervestigingsplaatsen kan de Nederlandse regering ook haar andere gelegenheidsargument, dat dit maar ‘een druppel op een gloeiende plaat’ zou zijn, ondergraven. Zowel op niveau van de individuele vluchteling die haar leven kan oppakken alsook internationaal gaat het om aantallen die zin hebben en die bovendien noodzakelijk zijn. De vluchtelingen in Libanon zal het overigens niets uit maken dat wij dit doen vanuit internationale strategische overwegingen of omdat wij nu eenmaal begaan zijn bij hun lot. Zij willen een toekomst voor hun kinderen.

Christian Mommers is senior medewerker Politieke Zaken van Amnesty International Nederland.

Geef een reactie

Laatste reacties (17)