635
11

Lobbyist en Politiek Filosoof

Robbert Baruch is Manager Public Affairs bij Buma/Stemra. Hij is op 12 oktober 1967 in Amsterdam geboren. Hij studeerde Politicologie (Politieke Filosofie) en Bestuurskunde in Leiden en Theologie in Amsterdam en Jeruzalem. Zijn studie politicologie rondde hij af met een scriptie over Vondel's Palamedes en de 17e-eeuwse Nederlandse politieke filosofie. Na zijn studie werkte hij achtereenvolgens als communicatiestrateeg bij een internationaal reclamebureau, communicatiemanager bij de ING Groep, bestuursadviseur, wethouder van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord en lobbyist voor het Verbond van Verzekeraars in Den Haag.

Het is geel en het piept: de NS als kanarie

Echt, ik heb oprecht medelijden met het personeel van de NS 

De afgelopen weken was ik om verschillende redenen in verschillende buitenlanden. Vooral New York was fascinerend. De vorige keer dat ik er was, heb ik met een aantal lokale politici gesproken over hun stad, en veel van wat ik hoorde heb ik later zelf gebruikt. Bijvoorbeeld aandacht voor buitenruimte. Een schone stad is een veilige stad. Wat me vooral opviel was het openbaar vervoer. De metro van New York is schoon, veilig en efficiënt. Als er vertraging is hoor je meteen wat er aan de hand is, en krijg je excuses voor het oponthoud.

De trein is al even prima. Niet goedkoop, maar schoon, goed geregeld, en met (in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Thalys) werkende wifi. En een winkeltje aan boord waar je lekkernijen kan kopen en de drank die in de Verenigde Staten door moet gaan voor koffie.

Het goed werkende en veilige metrostelsel van New York is op verschillende manieren belangrijk voor de stad. Om te beginnen stelt het mensen in staat om tegen een fatsoenlijk tarief elkaar te bezoeken. Met de metro kan je snel en veilig naar het centrum, theater, of je vrienden. Maar er is ook een ander aspect aan: voor burgemeesrer Giuliani was de metro voor New York wat de kanarie voor de mijnwerkers was: als het vogeltje dood is, is de mijn niet OK.

Voor Giuliani was de stad pas een beetje een succes als mensen op een veilige manier van A naar B vervoerd konden worden. Hij deed er dan ook alles aan om de metro veilig en comfortabel te maken. Mensen die zwartreden, zouden zich ook vast op andere manieren misdragen, dus die werden hard aangepakt. Bovendien ging er geen metrostel meer uit als er graffitti of andere viezigheid was. Kortom: de metro van New York is een symbool van hoe de stad voor zijn inwoners zorgt: door ze in een veilige en schone omgeving in staat te stellen andere mensen te ontmoeten.

Hoe anders is dat in Nederland. Ik schreef al eerder over de OV-chipkaart. Ik ben het nergens anders in de wereld tegen gekomen dat je telkens in- en uit moet checken, waarbij het risico voor jou is. Niet alleen het risico dat je niet uit kan checken omdat het ding toevallig kapot is (zoals vaak in Haagse bussen en trams), maar ook het eigenaardige systeem in Amsterdam en Rotterdam dat, als je moet overstappen op een internationale trein, eerst naar de uitgang moet lopen met je bagage om uit te checken. Dit is alleen maar uitgevonden om zakkenrollers een plezier te doen. In de meeste landen is een kaartje kopen en naar binnen lopen voldoende.

Daarnaast: de NS. Slecht voor mijn humeur. Vanochtend, terwijl mijn kinderen op me wachtten, vertrok de trein niet van Schiphol. Eerst vanwege een vertraging van 5 minuten, toen werd er omgeroepen dat het brutr juilt uhrgt freedrtt uiiifrt eeyeu (het is de NS nog niet gelukt speakerinstallaties aan te schaffen van waaruit het geluid verstaanbaar klinkt). In de trein zelf werd niets gezegd: de conductrice (aardig en empathisch, dat mag ook wel eens gezegd) werd niet door haar collega’s geinformeerd. Op internet las ik dat er rookontwikkeling was, en later veranderde die in een kapotte bovenleiding.

En dan die smerige trein. Je kon nog net zien dat er tevergeefse goedebedoelde pogingen waren geweest de graffiti weg te halen, maar het kwam niet in de buurt bij de New Yorkse metro.

Echt, ik heb oprecht medelijden met het personeel van de NS dat iedere keer maar weer geconfronteerd worden met de frustratie van de reizigers. Maar de “boven-leiding” van de NS is in veel opzichten symbool voor wat er mis is met Nederland: gebrekkige communicatie, gebrek aan passie en betrokkenheid en veel te veel verstandige mensen die ervoor geleerd hebben en verstandige beslissingen nemen, zoals het aanschaffen van een Fyra. De liefdeloosheid straalt er van af.

Passie, betrokkenheid en je telkens afvragen wat het voor je omgeving betekent. Doe het nou gewoon. Zo simpel is het.

Dit artikel is ook te lezen op de weblog van Robbert. Volg Robbert op Twitter.

Geef een reactie

Laatste reacties (11)