Een zondagochtend in bed is de beste manier om aan de zomertijd te wennen. Omdat er toevallig geen sportevenement plaats vond, waren er bovendien interessante programma’s op de televisie. Eerst kwam WNL op zondag. Daarna werden wij begroet door Iovanca, die een bijdrage leverde aan de ondergang van de westerse cultuur door atonale en uitheemse muziek bij ons in te leiden. Dan waren er interviews met schrijvers die op hun manier onze beschaving ondermijnden, – wellicht gesubsidieerde – twintigste eeuwse kunstenaars als zij waren. Tenslotte volgde na een kort Journaal Buitenhof dat volgens de aanhangers van Baudet een linkse agitatieshow is terwijl daar toch steeds vaker met eerbied rechtse denkers aan het woord gelaten worden zoals deze lentezondag de agitator Douglas Murray, Brexiteer pur sang. Het viel op dat deze Murray op dezelfde manier lacht als kapelaan Antoine Bodar.

In een dergelijke atmosfeer krijgen politici als Menno Snel, de D66 staatssecretaris voor belastingen en de christendemocraat Wopke Hoekstra, minister van Financiën, de kans hun boodschap zonder hinderlijke vragen naar voren te brengen. Nederland is géén belastingparadijs, beweerden zij, respectievelijk bij WNL op Zondag en bij Buitenhof. Nee hoor, helemaal niet. Helemaal niets van waar.

Als het om de witwaspraktijken van onze oranje bankiers ging, dan wilde minister Hoekstra toch wijzen op het voortreffelijke toezicht, zoveel beter als in andere landen (echo van zijn geestverwant oud-DNB-president Nout Wellink in 2008), het feit dat het buiten onze grenzen ook erg was, en dat men deed wat men kon. Staatssecretaris Snel onderstreepte van zijn kant eveneens dat Nederland geen belastingparadijs was. Het was iets heel anders, namelijk een doorvoerhaven. Daar had hij gelijk in.

Nederland is op wel meer gebieden een doorvoerhaven. Zo kun je met behulp van containers die in Rotterdam worden overgeladen, je cocaïne heel gemakkelijk de rest van Europa in krijgen. De Zuidas blijkt het Rotterdam van de witwassers en de belastingontwijkers. Via de brievenbussen gaat net zo ongezien het geld naar de Kaaimaneilanden.

Toch maakte Snel een scherp onderscheid tussen de vervoerders en de ontvangers. Verrek: wat zie ik daar onderdeks ? Driehonderd tot slaaf gemaakten? Heel erg allemaal voor die mensen en in het geheel niet comme il faut maar wij verzorgen slechts het transport.

Nee, zo heet werd de soep écht niet gegeten, meenden Hoekstra en Snel. Ze keken zorgelijk, elk in hun eigen time slot die zondagochtend. Apart toch, dat een man als Paul Tang, die in Brussel ook het Nederlandse belang moest behartigen, dat die zijn eigen land zo als belastingparadijs te kijk zette. Wat moesten we daar nu van denken?

Hoe schril was het contrast met de algemene woede, het schuimbekken, de oudtestamentische toorn, de niet aflatende publiciteit op Nieuwsuur, toen duidelijk werd dat Poolse werknemers hun ww-uitkering meenamen naar Polen om daar “vakantie te vieren” in plaats van te solliciteren. Aan dit misbruik moest men onmiddellijk paal en perk stellen. Wat een frivoliteit en wat een desinteresse van de bevoegde instanties, wat een labbekakken waren dat. Zo werd de verzorgingsstaat ondermijnd.

Het land was te klein. Weliswaar voegen Poolse werknemers per jaar ongeveer een miljard aan premies toe aan de kassen van het UWV, die bij hun ontstentenis niet binnen zouden komen, maar dat werd geenszins aangemerkt als verzachtende omstandigheid voor een misbruik, dat als je het allemaal optelde ‘de belastingbetaler’ 310 miljoen euro kostte.

Een heel bedrag, maar peanuts vergeleken met de zestienduizend miljoen per jaar die bedrijven met behulp van Nederlandse brievenbusfirma’s aan de fiscus van hun eigen land onttrekken. Toch gaan Snel en Hoekstra met fluwelen handschoenen te werk want ja, je wilt toch dat Nederland een gunstig investeringsklimaat houdt. Anders kost het werkgelegenheid. Dan lopen die bedrijven weg en dan mogen de werklozen bij Klaver gaan vragen waar hun banen gebleven zijn, toch…

Niet zo bij die Poolse arbeiders, terwijl zij door hun werkkracht toch hele sectoren van het Nederlandse bedrijfsleven zoals de tuinderijen in het Westland overeind houden. Blijven zij weg, dan zouden die Westlanders zich gedwongen zien om met hun bedrijven naar Polen te verhuizen omdat dáár de handjes zijn. En hier niet meer.

Wat kóst dat aan teruglopende economische groei en dalende belastinginkomsten? Nou?

Geen misverstand: wat een aantal Poolse werknemers doet met uitkeringen, moet gestopt worden. Het is belangrijk dat er een weg wordt gevonden om deze vorm van legaal misbruik aan te pakken. Daar niet van. Maar pak dan de banken en de financiële transportbedrijven even hard en even consequent aan zonder te jeremiëren over het vestigingsklimaat en dat gelul meer. Want dat doen ze met gesjochten Poolse migranten die ergens een voordeeltje zien ook niet.

Gelijke monniken, gelijke kappen. Ik rekte mij nog eens uit en legde een extra kussen in mijn schouders. Straks ontbijt op bed. En mijn vader zei altijd: “Dit is een land van likken naar boven en trappen naar beneden”.

Geef een reactie

Laatste reacties (99)