7.520
54

Economiedocent

Alexander Beunder (1987) heeft een Msc in economie (Universiteit Utrecht), werkt momenteel als economiedocent aan een middelbare school in Den Haag en blogt op www.economielinks.wordpress.com

Het ongezonde leven van de laagopgeleide is geen ‘keuze’

Ze worden gemakkelijk beschuldigd van roken, drinken en ongezond eten maar er zijn meer oorzaken voor de kortere levensduur

Lager opgeleiden (gemiddeld uit lagere inkomensklassen) leven korter, gebruiken meer zorg maar betalen minder zorgpremie dan hoger opgeleiden (gemiddeld uit hogere inkomensklassen), zegt de Volkskrant. Reden voor het CPB om te adviseren het basispakket in de zorg te verkleinen en de eigen bijdrage te vergroten. Maar het idee hierachter – dat (on)gezondheid vooral een eigen keuze is – is te betwijfelen. Over luchtverontreiniging, vochtige woningen en stress.

Onlangs meldde de Volkskrant dat hoger opgeleiden – die gemiddeld meer bijdragen aan zorgpremies – de zorg betalen van de lager opgeleiden die minder aan zorgpremies betalen maar meer gebruik maken van zorg. De krant zei erbij: “Dat de lager opgeleiden vaker een beroep doen op de zorg, heeft te maken met een minder gezonde manier van leven.” Het advies van de CPB hierop was een kleiner basispakket of een hogere eigen bijdrage in de zorg (een “politieke stellingname” die kort daarop gehekeld werd door de SP).

Maar leven lager opgeleiden (die gemiddeld 2x zo weinig verdienen als hoger opgeleiden volgens het CBS) wel zoveel ongezonder, en is hun kortere levensverwachting te wijten aan een individuele, ongezonde manier van leven, zoals de Volkskrant zegt?

Jurist Kees van Oosten – al jaren actief tegen luchtverontreiniging – schreef vorig jaar in zijn nieuwsbrief dat “vooral mensen met een laag inkomen te lijden hebben van luchtverontreiniging en daardoor een korter leven hebben. Dat ligt erg voor de hand: mensen die het betalen kunnen, verhuizen naar stadsdelen en gemeenten waar minder luchtverontreiniging is, de mensen die het niet betalen kunnen, blijven achter en zitten met de luchtverontreiniging (en het lawaai) van het groeiende wegverkeer”. Er is volgens Van Oosten zelfs uitvoerig onderzoek naar gedaan, in België:

De universiteiten van Brussel, Gent, Antwerpen, Leuven en Maastricht onderhouden samen met enkele andere instituten een steunpunt Milieu en Gezondheid. In de literatuurstudie “Sociale ongelijkheid en humane biomonitoring” (2008) hebben zij de resultaten samengebracht van internationaal onderzoek. De voor de hand liggende verklaring dat mensen met een laag inkomen het meest worden blootgesteld aan emissies (fijnstof, stikstofdioxide en zwaveldioxide) wordt daarin bevestigd.

Ook is de beschikbaarheid van groen (parken, bos waar je uit kunt waaien) voor mensen met lage inkomens veel minder. Daarnaast krijgen mensen met een laag inkomen minder goede gezondheidszorg, wonen ze vaker in vochtige woningen (zonder cv) en staan ze meer bloot aan stress. Dat mensen met een laag inkomen er een minder gezonde leefstijl op na houden, is ook het geval, maar blijkt slechts één van de vele factoren. […] Waarschijnlijk wordt het verschil in gezondheid en levensverwachting veel sterker bepaald door milieufactoren als verkeerslawaai, luchtverontreiniging en slechte woontoestanden dan door leefstijlfactoren.

Als gezondheidsuitgaven wél volledig afhankelijk zouden zijn van individuele keuzes van lager-opgeleiden / lagere-inkomensklassen (zoals roken, etcetera), zou dat natuurlijk nog steeds een slecht argument zijn voor het CPB voorstel. Een grotere eigen bijdrage en een kleiner basispakket zou enorm denivellerend zijn aangezien dit vooral de lagere inkomensklassen meer zou gaan kosten. Maar aangezien dit voorstel gebaseerd is op een argumentatie waar nogal wat gaten in lijken te zitten, lijkt het logischer om eerst een breder plaatje te krijgen van de fundamentele oorzaken van onze gezondheidsproblemen, inclusief de sociaal-economische dimensies ervan.

Geef een reactie

Laatste reacties (54)