2.570
55

Schrijver

Said El Haji (1976, Marokko) is schrijver. Hij won in 2000 de El Hizjra-aanmoedigingsprijs voor het korte verhaal “De kleine Hamid”. In hetzelfde jaar publiceerde hij zijn debuutroman De dagen van Sjaitan. Wat volgde waren vele lezingen en voordrachten op talloze podia en fora. Ook werkte hij als columnist voor tal van regionale en landelijke kranten en bladen. In 2006 stelde hij de bloemlezing 25 onder de 35 samen, waarvoor 25 van de nieuwste lichting Vlaams-Nederlandse schrijvers onder 35 jaar werden geselecteerd. In datzelfde jaar verscheen Goddelijke duivel, zijn tweede roman. Najaar 2011 publiceerde El Haji zijn derde roman, De aankondiging.

Het recht om niet te vasten

'Ongelovigen' vragen publiekelijk de aandacht in Marokko voor het niet-vasten

In Marokko hebben verschillende jongerenbewegingen aangekondigd om openbare lunches te organiseren tijdens de ramadan, die 20 juli 2012 begint. Met de actie “Wij vasten niet!” willen ze aandacht vragen voor het feit dat er in Marokko ook mensen leven die niet vasten. Volgens ene Rachid Touhtouh, een Marokkaanse socioloog, zijn er ‘altijd Marokkanen geweest die overdag eten tijdens de ramadan. Maar het is een nieuwe ontwikkeling dat nu wordt geprobeerd dit naar de publieke sfeer te trekken.’

Touhtouh is van mening dat het Marokkaanse regime (lees: koning Mohammed VI, politie en geheime dienst) de seculiere actievoerders geen duimbreed in de weg zal leggen, om zo de conservatieve moslimkrachten in de regering dwars te zitten.

Het valt te hopen dat Touhtouh gelijk heeft. Temeer omdat de Marokkaanse journaliste Zineb El Razzoui in 2009 ook zo’n openbare eetfestijn tijdens de vastenmaand wilde organiseren, maar zij werd gearresteerd nog voordat ze de actie tot uitvoering kon brengen.

Zo’n actie moet je eigenlijk ook niet aankondigen. Het beste is om hem in stilte te organiseren, zoals we dat ook doen wanneer we een jarige willen verrassen. Completer kan de verrassing niet zijn en er is geen weg terug meer. Het trekt hoe dan ook het nodige bekijks, en dat is precies wat je met zo’n actie wilt bereiken: aandacht voor de rechten van een andersdenkende minderheid.
Ik weet dit, omdat ik uit eigen ervaring spreek. Ik heb het grootste gezag getrotseerd. Dat is, anders dan sommigen denken, niet God of de Marokkaanse koning, maar mijn eigen vader. En dan heb ik het over die keer dat ik onomwonden tegen hem zei: ‘Ik vast niet.’

Ik was in Amsterdam en de zon was net onder gegaan. De telefoon ging. Het was mijn vader, die vroeg waar ik was. Ik zei dat ik in Amsterdam was. Hij vroeg wat ik in Amsterdam deed en of ik dan niet moest eten, aangezien de zon al onder was gegaan. In een seconde tijd besloot ik te doen wat ik mij al heel lang had voorgenomen te doen, maar waar ik nooit een geschikt moment voor had weten te vinden. Wat is een geschikt moment voor zulke ontboezemingen? Het komt erop neer dat je tegen je ouders moet zeggen dat je niet in hun wereld, en daarmee ook de opvoeding waarmee ze je hebben grootgebracht, gelooft. Dat is niets minder dan een drama, een familiekroniek waard. En nu deed zich, onaangekondigd, zo’n moment voor. Ik hoefde alléén maar eerlijk te zijn.

Dat is makkelijk gezegd, maar niet zo makkelijk gedaan. Mijn vader was een autoritaire man die gezag genoot in de Marokkaanse gemeenschap van het dorp waar we woonden. Hij was ook een trots man, die de naam had ‘van het Boek’ te zijn, dus iemand die de Koran kende. Veel van zijn opvattingen kwamen uit de Koran en uit de aan Mohammed c.s. toegekende overleveringen. Zijn idee van wat gehoorzaamheid betekent, bij voorbeeld, kwam van aartsvader Abraham, u weet wel: die grijsaard uit het Oude Testament die gehoor geeft aan de idiote opdracht van zijn God om zijn zoon te offeren, wat op het allerlaatste nippertje wordt verijdeld door de tussenkomst van – o wonder! − diezelfde God. Spannende lectuur, tikkeltje voorspelbaar, dramaturgisch uit het boekje, maar inhoudelijk niet van deze tijd. Iedere leider die absolute gehoorzaamheid eist, staat op dezelfde lijn als de meest gevreesde dictator. Nu houden orthodoxe joden, christenen en moslims graag vast aan eeuwenoude tradities en gebruiken, maar dan moet je als ouder ook eerlijk zijn en gewoon erkennen dat je eigenlijk niet wilt investeren in een vrije, democratische toekomst voor je kinderen.

Mijn vader vond dat ik als zoon dezelfde blinde volgzaamheid aan den dag moest leggen als de zoon van Abraham, zoals mijn vader op zijn beurt net zo onvoorwaardelijk loyaal aan God was als Abraham zelf. Het feit dat deze ideeën ouderwets zijn, scheen mijn vader alleen maar gezaghebbender te maken. Mensen, veelal analfabeten, zochten zijn raad. Zij kregen via mijn vader een inkijkje in een vergane wereld, en geloofden dat daar de eeuwige waarheid in zat. Oud is goed. Dat de wereld bijna drie duizend jaar verder is, en aan een complexiteit heeft gewonnen die Abraham misselijkmakende duizelingen zou bezorgen, is een inzicht dat maar niet wil postvatten. De wereld is niet complexer geworden in hun ogen, maar dolende.

En tegen deze even trotse als geliefde en religieus bevlogen man, tegen wie ik zowat mijn hele leven had opgekeken en gelogen, zou ik nu eens de waarheid vertellen?

Het antwoord is ja. Ik zei: ‘Nee, pa, ik vast niet.’ Ik liet een moment van stilte vallen om zijn reactie te horen.

Maar mijn vader hing op. En ik schrok, want ik wist: nu is er geen weg terug meer.
NB: Dit is het eerste deel. Het tweede  en laatste deel zal ik aan het einde van de ramadan, tegen het Suikerfeest aan, op deze site publiceren.
Said El Haji, schrijver van De Aankondiging publiceerde dit stuk eerder op zijn weblog. Volg Said ook op Twitter

Geef een reactie

Laatste reacties (55)