Laatste update 11:55
2.786
60

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Hoe je racisme behandelt op de middelbare school

Teken de petitie van Lakiesha Tol en Sohna Sumbunu

Lakiesha Tol en Sohna Sumbunu zijn ontevreden over de manier waarop hun leraren racisme in de klas aan de orde stelden. Of liever gezegd negeerden. Omdat ze denken dat hun eigen ervaring  maatgevend is voor heel Nederland, startten zij een petitie waarin zij vragen  racisme in alle lagen van het onderwijs  tot een verplicht onderdeel te maken. Toen Fernando Halman, gevierd disc jockey bij FunX, zich achter hen schaarde, kreeg het initiatief vleugels. Binnen een dag of wat knalde het aantal ondertekeningen door de veertigduizend heen. Nu is de Tweede Kamer wettelijk verplicht er een debat aan te wijden.

De petitie van Lakiesha en Sohna verdient alle steun. Racisme is zo’n belangrijk verschijnsel in het menselijk bestaan dat het een plaats onder de leerdoelen ten volle verdient. Je kunt de wereld niet goed begrijpen als je het negeert.

Ik had de schoolmeester in mijn ziel 42 jaar geleden te ruste gelegd maar nu is hij ontwaakt om zijn plaats voor de klas weer in te nemen. En net als vroeger is hij niet te stuiten.

Racisme kan beter niet worden ondergebracht in aparte lessen. Het treedt niet geïsoleerd op. Racisme  is altijd een factor in een (vaak veel) groter geheel en je weet om zo te zeggen van te voren niet in welk vak het opduikt. Lakiesha en Sohna  noemen levensbeschouwing, maatschappijleer en geschiedenis. Geografie of hoe ze dat tegenwoordig noemen en economie horen er net zo goed bij. Om te beginnen.

Kern bij dit alles moet zijn: de werking en de effecten van racisme op de ontwikkeling van de maatschappij.

Dan moet je eerst een behoorlijke definitie hebben. Het is jammer dat het Nederlands middelbaar onderwijs in tegenstelling tot het Franse geen filosofie op het leerplan heeft staan, maar levensbeschouwing is een goede tweede. Dat geeft veel openingen voor een meer theoretische beschouwing.

Het begrip racisme is in het licht van de wereldgeschiedenis niet erg oud. Het heeft pas in de loop van de negentiende en de twintigste eeuw serieus vorm gekregen. Voor die tijd was het niet bekend. Er zijn tal van omschrijvingen maar die hebben bijna allemaal het volgende gemeen:  racisme is een reeks onderling samenhangende overtuigingen die tezamen tot het slotsom leiden dat positieve en negatieve eigenschappen van afzonderlijke mensen in overwegende mate worden bepaald door hun huidskleur en/of hun etnische afkomst en dat mensen derhalve op grond van die gegevens moeten worden behandeld. Wij brengen racisme automatisch in verband met achterstelling en discriminatie maar het is net zo goed racistisch om je eigen volk het beste ter wereld te wanen zoals de Grieken dat in de klassieke oudheid deden en de Duitsers tijdens het Derde Rijk.

Er bestond een belangrijk verschil tussen de Nazi’s en de oude Grieken. De eerstgenoemden baseerden zich op een uitgewerkte rassenleer. Daarvan was in de klassieke oudheid geen sprake. De Grieken maakten verschil tussen mensen die hun eigen taal spraken en de anderen, de barbaroi of barbaren. De Romeinen barstten van de vooroordelen met betrekking tot de volkeren die hun immense rijk bewoonden. Die vooroordelen – zeer herkenbaar voor mensen uit onze tijd – waren nooit op huidskleur gebaseerd. Ook speelden ze geen enkele rol als het ging om het tot slaaf maken van mensen.

Wacht even: wat gebeurt nu? We passen een twintigste-eeuws begrip toe op een wereld van 2000 jaar terug toen men van dat begrip nog geen notie had. Mag dat wel? Als het erom gaat om de maatschappij ten tijde van het Romeinse Rijk beter te begrijpen, dan is dat juist een goed idee. In de derde eeuw na Christus had het rijk een enorm probleem met inflatie. De mensen die het meemaakten, hadden er geen idee van hoe het kwam dat alles steeds maar duurder werd. Wij met de kennis van nu wel. Zo kun je ook het begrip racisme gebruiken om de ontwikkelingen en de verhoudingen in het Romeinse Rijk beter te begrijpen. Je gaat in de fout als je vervolgens rechter gaat spelen over het verleden. Zo kom je tot een veroordeling in plaats van een beoordeling. Dat is nergens goed voor. Het gaat er immers om wat je voor het heden doet met die wetenschap over de aard van de samenleving ten tijde van het Romeinse Rijk. En niet om gasten die al twee millennia dood zijn, in het schandblok te zetten.

Slavernij had bij de Romeinen, de Grieken, de Arabieren en de Turken weinig tot niets met racisme te maken. Kleur en etnische afkomst waren geen criteria. Bij de trans-Atlantische slavernij, zoals bedreven door Europeanen was dat anders: alleen mensen met Afrikaans bloed mochten tot slaaf gemaakt worden. Dat roept de volgende vraag op: stond racisme aan de basis van de trans-Atlantische slavenhandel of was het juist het gevolg daarvan?

Wie zich in de materie verdiept, ontdekt al gauw dat een éénduidig antwoord op deze vraag niet zo gemakkelijk te geven is. In het laatste kwart van de achttiende eeuw ontstond in Engeland een groeiende maatschappelijke weerzin tegen slavernij. De actie kwam tegelijkertijd uit de kringen van de Verlichting én uit die van zeer orthodoxe protestanten. Tegelijkertijd maakte de trans-Atlantische slavenhandel een laatste periode van groei door. Dat kwam door de industriële revolutie. In Manchester en andere steden werden textielfabrieken gebouwd waardoor de vraag naar ruwe katoen enorm steeg. Dat leidde weer tot een uitbreiding van het aantal plantages in het zuiden van de Verenigde Staten en daarmee groeide de behoefte aan nieuwe slaven navenant. Die werden geleverd door de toenmalige koninkrijken op de westkust van Afrika. Conclusie: je kunt slavernij niet afdoen als een ouderwetse vorm van uitbuiting die vanzelf verdwijnt als je de boel maar voldoende moderniseert. Pas  in 1808 hadden de anti-slavernijbewegingen voldoende politieke kracht ontwikkeld om het overbrengen van slaven uit Afrika naar Amerika op humanitaire gronden  door het Britse parlement te laten verbieden. Het duurde tot 1833 voor de slavernij  zelf in de Engelse koloniën verboden werd. De overige Europese machten volgden dat voorbeeld in de loop van de negentiende eeuw na. In de Verenigde Staten vond zelfs een bloedige burgeroorlog tussen voor- en tegenstanders van slavernij plaats. Er is wel geprobeerde om die strijd tegen de slavernij en ook de hele Amerikaanse burgeroorlog te verklaren op grond van economische tegenstellingen en concurrentie maar dat is nooit echt op een waterdichte manier gebeurd. Morele overtuiging speelde een wezenlijke rol bij de tegenstanders.

Je zou denken dat met het algemeen en principieel afwijzen van de slavernij in Europa en Amerika het wel afgelopen zou zijn met de ontwikkeling van racistische leerstellingen. Het tegendeel was waar. Geleerden, politici en journalisten ontwikkelden hele theorieën over de heilige taak van het blanke ras om de rest van de wereld te beschaven. Tegelijkertijd ontstonden er allerlei racistische opvattingen over het denkvermogen van mensen met een andere huidskleur dan de blanke, waarbij het criterium gold: hoe zwarter, des te lager de trap van mogelijke ontwikkeling. In samenhang hiermee kreeg het antisemitisme een nieuw gezicht. Haat jegens joden was een integraal onderdeel van de westerse geschiedenis. Ze kregen het verwijt godsdmoordenaars te zijn die nog eeuwen na de kruisiging en de hemelvaart des heren de christenen probeerden te beschadigen. Dat godsdienstige element verdween in de negentiende eeuw bij veel antisemieten naar de achtergrond. Zij definieerden de joden als leden van een parasitair volk dat van andermans arbeid en inzet profiteerde. Dat had met godsdienst niets te maken. Je was en bleef jood door geboorte. En dus parasiet. Zo kreeg het antisemitisme een onmiskenbare biologische component en dat gold net zo goed voor racistische overtuigingen die zich op anderen richtten, zoals Afrikanen, Aziaten of Slavische volkeren.

In het licht van de moderne wetenschap is dat natuurlijk volstrekt achterhaald, op verkeerde uitgangspunten gebaseerd en niet meer dan flauwekul. Zo ontstond een krachtig mengsel van imperialistische opvattingen waarmee Europese mogendheden met in hun kielzog de Verenigde Staten een groot deel van de wereld aan zich onderwierpen. Ook in de leerstof van biologie mag racisme dus niet ontbreken.

Tegelijkertijd echter kwamen in Europa en Amerika andersoortige denkbeelden tot ontwikkeling en die bleken krachtiger dan de racistische leerstellingen: over mensenrechten, gelijkheid, wereldbroederschap, vrouwenemancipatie, sociale rechtvaardigheid, democratie en het zelfbeschikkingsrecht van volkeren. Haast alle bevrijdingsbewegingen in Azië, Afrika en Latijns Amerika zijn ideologisch op deze denkbeelden gebaseerd.

Even recapituleren: We zijn nu van levensbeschouwing overgestapt naar geschiedenis. Daar zit een stevig stuk economie doorheen gemengd. En we zijn op de biologie gestoten. Als racisme onderscheid tussen mensen wil maken op grond van huidskleur en afstamming dan is biologische kennis essentieel om zulk vooroordeel te ontkrachten. Ook hebben wij ontdekt dat er geen eenvoudige en eenduidige verklaringen bestaan. Hoe wezenlijk het is om dit steeds te blijven beseffen. Eenvoud is nooit het kenmerk van het ware.

Uit dit alles komen pertinente vragen voort over het heden. De belangrijkste zijn: wie profiteren er van racisme? Wie worden er beter van? Bestaan er in het heden racisten die zich in hun eigen vlees snijden en pionnen zijn van hogere machten? Poppen in een wajangspel en zo ja wie beheerst dan het spel? Wie is de dalang? Zijn er vormen van uitbuiting in onze tijd die  lijken op de Romeinse en/of de trans-Atlantische slavernij? Wat zijn de overeenkomsten en wat de verschillen? Welke gevolgen heeft het bestaan van racisme voor mijn persoonlijk leven, negatief maar misschien ook positief? Welke omstandigheden vormen een gunstige voedingsbodem? Dit zijn essentiële thema’s bij maatschappijleer en sociale geografie om verouderde maar haarscherpe aanduidingen voor schoolvakken te maken. Je loopt dan tegen een heel specifiek probleem op: racisme heeft een slechte naam gekregen. Wie nu nog met droge ogen beweert dat huidskleur en afstamming de aard en de intelligentie van mensen in wezenlijke mate bepalen, geldt als een excentrieke extremist. Racist is een belediging geworden. Dit betekent dat racistisch gedrag in het algemeen wordt veroordeeld. Je zegsman verklaart gevraagd en ongevraagd racisme te verafschuwen. Niemand zal in Nederland dan ook officieel om zijn afkomst of huidskleur een baan ontzegd worden. Die past dan niet in het team of iemand anders bleek op grond van opleiding en ervaring meer gekwalificeerd. Vaak ook stel je vast, dat godsdienst opnieuw in de plaats treedt van biologie. Het is heel verhelderend om de verwijten die moslims tegenwoordig worden gemaakt te vergelijken met wat men in de eerste decennia van de twintigste eeuw de joden aanwreef. Of hoe aan de andere kant Israël wordt beschreven als een parasitaire natie. In de kroeg wordt mensen met een Afrikaanse achtergrond nog steeds afgeschilderd als dom en lui. Ze zijn goed in sporten, dansen en feest vieren maar daar blijft het wel bij. Geen mens is bereid dat bij wijze van spreken op de televisie te herhalen maar die gedachten leven wel. Het zijn de categorie argumenten die slavenhouders in de negentiende eeuw gebruikten om hun praktijk te rechtvaardigen: alleen zo – onder strakke controle – komen die mensen tot hun recht. Ze worden ongelukkig als je ze aan hun lot overlaat. Google ¨Ik ben geen racist maar¨ en kijk wat je vindt.

Alleen met verifieerbare kennis zijn mensen te wapenen tegen racisme. Je hoort dat dan ook regelmatig uit de mond van de Black Lives Matter beweging: je moet jezelf educaten. Met dit onbeholpen vernederlandste Engelse werkwoord bedoelen zij dat je jezelf ervan moet overtuigen dat racisme een kwaad is en dat het in je woont. Daarom is zelfonderzoek nodig net als vóór je de biechtstoel betreedt in de katholieke kerk.

Dat is te weinig. Zo werkt het niet. Het gaat niet om een bekering. Of om boetedoening. Of om het zien van het licht. Het gaat om het doorgronden van maatschappelijke processen.  Niemand koopt er wat voor als de mythe van het zegenrijk kolonialisme met zijn beschavingsmissie wordt vervangen door een zwarte legende die even ideologisch gemotiveerd is en even ver staat van de complexe werkelijkheid. Zo ontdek je nooit het raffinement in de werking van  racisme. Dan verlies je de strijd.

Lees dit onverbiddelijke artikel van Peter Nabokov over slavernij, racisme en de oorspronkelijke bevolking van Noord- en Zuid Amerika.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Zwarte Jaren

    Nederland in de Tweede Wereldoorlog

    2020


Geef een reactie

Laatste reacties (60)