343
1

Oorlogsverslaggever De Pers

Arnold Karskens kreeg de afgelopen vijfentwintig jaar bekendheid als een van Nederlands beste en volhardendste oorlogsverslaggevers. Hij werkte voor Nederlandse en Vlaamse radio- en tv-zenders en is nu oorlogsverslaggever voor dagblad De Pers.
Karskens is auteur van onder andere: Pleisters op de ogen, over de geschiedenis van de Nederlandse oorlogsverslaggeving van Heiligerlee tot Kosovo. In oktober 2009 verscheen ‘Rebellen met een Reden’, verhalen over idealistische Nederlanders in de oorlog.
http://www.arnoldkarskens.com/

Hole in one

'Through early morning fog I see my golf ball'

Met een tank als bewaker op een nabijgelegen heuveltop is golfen in Kabul mijn leukste vakantie-uitje van 2010. De enige golfcourse van Afghanistan ligt zo’n half uur rijden uit Kaboel over een smalle asfaltweg in westelijke richting. Het terrein ligt in een strategische vallei en was jarenlang het slagveld van Russen, Mudjahedeen, regeringssoldaten en taliban. Overal lagen explosieven.

‘Ik heb er eerst schapen laten grazen, toen honden laten snuffelen en vervolgens met mijndetectors alles afgelopen’, verzekert uitbater Abdul Afzal als ik om een risicoanalyse vraag.

De viermaal nationaal kampioen van Afghanistan zweert dat alles op de fairway is geruimd maar zijn olijfgroene combatpak met talloze opgenaaide zakken doet de wenkbrauwen fronsen. ‘Outfit is hier niet nodig. Dit is Kaboel’, vergoelijkt Shrini, een Indiase diplomaat in Kaboel en een van de 55 adviseurs van president Hamid Karzai. Met diens partner, de Nederlandse zakenvrouw Mary Munnik, melden we ons om zeven uur bij het clubgebouw.

Hier dus geen trendy blazer en witleren schoeisel. Bergschoenen zijn praktischer voor deze prairie, overwoekerd met vetplanten en distels op een keiharde kleiondergrond. De Green Fee bedraagt 30 dollar, 10 dollar voor de ballen en sticks en 7 dollar voor de caddie en de ballenspotter. We kunnen aan de slag. De eerste hole is heuveltje af, maar door tegenlicht van de zon is het lastig richten en zwaait de bal in een greppel. De ‘par’ staat op vier, maar 6 strikes zijn nodig voordat de bal, de ‘tope’ in Dahri, in het gat verdwijnt midden in de ‘green’ die normaliter bestaat uit kort geknipt gras maar hier pikzwart ziet. ‘Het is zand vermengd met verlopen olie’, weet de diplomaat.

De tweede hole is weer heuvel op. Een vlak stuk veld valt nauwelijks te ontdekken. Terrassen, kloven, bobbels, beekjes, struiken, alle hindernissen zijn ruim voorhanden. Bunkers zijn echte bunkers. Zoals een droge waterput van 20 meter diep zonder afrastering richting derde hole. Klagen heeft weinig zin. Mary Munnik: ‘Wat denk je dat dit is? Een speeltuin?’ Na de vijfde hole steken we de drukke weg over die leidt naar het stuwmeer Qargha, een toeristische dagbestemming voor de inwoners van Kaboel.

Het ontmijnen blijkt niet goed uitgevoerd. Richting hole zes toont een ballenjongen een 75mm luchtdoelgranaat. Het wapentuig staat op scherp. Een misslag en zo’n ding gaat af voor je voeten. Nu ik goed rondkijk, liggen er best veel hulzen van de AK-47, lokaal speelgoed bij uitstek. Shrini lacht verlegen. Hij vermaakt zich opperbest en neemt de hardships op de koop toe. ‘De golfbaan is een van de weinige sportontspanningen voor de internationale gemeenschap.’ We banen ons verder door het kurkdroge terrein terwijl de temperatuur tegen de 40 graden hikt. De war must go on, realiseer ik me bij de zevende hole als Isaf-helikopters met veel geraas overvliegen richting taliban. Ik neurie de titelsong van de film M*A*S*H*, ‘Through early morning fog I see / Visions of the things to be…’ Oorlog wordt pas leuk in zijn meest decadente vorm.

De baan telt tweemaal negen holes en de ‘bar’ staat op 36 strikes ( ‘strokes’ corrigeert trouwe lezeres Ellen ten Bruggencate, maar ik denk  in luchtaanvallen). Daar ga ik ver over heen. Het is tijd voor de hole no. 19, een ijskoud blikje Heineken, aangereikt door Abdul Afzal die gretig vertelt. ‘Onder de Russen zat ik 6 maanden gevangen en onder de taliban 2 maanden. Ze wilden niet dat er werd gegolfd. Ze vonden het maar een decadente en goddeloze sport.’ Nu lijkt alles oké, maar twee politieagenten bewaken angstvallig de ingang van de Kabul Golf Club. Je weet het immers nooit in Afghanistan.

Dit verhaal is eerder verschenen op de website van Arnold Karskens

Geef een reactie

Laatste reactie