392
14

Campaigner IFAW

Rikkert Reijnen is zijn leven lang al gefascineerd door natuur en milieu. Als jonge student en Greenpeace vrijwilliger was hij betrokken bij acties tegen Shell en Franse kernproeven. Na zijn studie Sociale Psychologie kwam hij bij Stichting AAP terecht, waar hij als hoofd beleidsbeïnvloeding en lid van het managementteam zeven jaar heeft gewerkt aan een verbeterde uitvoering van CITES-wetgeving in Nederland, het terugdringen van de illegale handel in Berberapen uit Marokko, de lobby voor positieflijsten inzake particulier bezit van uitheemse dieren, en de lobby voor een nationaal verbod op het gebruik van wilde dieren in het circus.
In 2008 maakte Rikkert de stap naar het International Fund for Animal welfare (IFAW). De belangrijkste projecten in zijn portfolio concentreren zich op het Afrikaanse en Aziatische continent, met een focus op stroperij, illegale handel in wilde dieren en hun producten, en het terugdringen van de vraag naar deze producten. Ook de bescherming van walvissen, ijsberen en haaien staan op Rikkerts lijstje, meestal in de context van Europese besluitvorming.

Houd je bloederige zaakjes bij je!

Snap je het nu nog niet, meneer Loftsson? We houden van walvissen, niet van hun vlees

Gisteren doodde IJslands eenzame walvisjager, miljonair Kristian Loftsson, zijn eerste van de 180 bedreigde reuzen die hij dit jaar van plan is te schieten. Op dit moment is hij onderweg naar de haven van Hvalfjordur, met de dode walvis tegen de zijkant van de boot geklemd.

Het is drie jaar geleden dat meneer Loftsson zijn laatste vinvis doodde, het op één na grootste dier op aarde. Hij zal het vlees langzaam naar Japan exporteren, waar een deel gebruikt wordt om hondenvoer van te maken. In IJsland is namelijk geen markt voor walvisvlees. De eerste stop van het vlees is de haven van Rotterdam.

Meneer Loftsson claimt dat het jagen op de bedreigde walvissen, onderdeel uitmaakt van de IJslandse identiteit. Ik betwijfel het, maar wie ben ik om hierover te oordelen?

Als Nederlander kan ik wel zeggen dat het houden van walvissen een deel is geworden van de Nederlandse identiteit.

Afgelopen winter spoelde een enorme bultrug aan aan onze kust. Het hele land hoopte op een goed einde. In de kranten, op het journaal en op internet werd elke beweging van het reddingsteam nauwlettend in de gaten gehouden. Na dagen van vruchteloze reddingspogingen, bracht de minister hoogstpersoonlijk het nieuws dat het dier, Johannes genaamd, niet meer te redden was en ingeslapen zou worden. Dagenlang stond het land op zijn kop.

De mogelijkheid dat in de nabije toekomst het vlees van honderden vinvissen getransporteerd wordt via de haven van Rotterdam, is moreel onacceptabel.

We (en ik zeg niet vaak ‘we’, aangezien er over de meeste onderwerpen net zoveel meningen als mensen zijn in Nederland) willen dit niet! Het kan ons niet schelen of deze bloederige vracht legaal is of niet, we willen het gewoon niet binnen onze landsgrenzen hebben.

Als Nederlands staatsburger is er maar één ding dat ik kan doen en dat is mijn minister oproepen om alles te doen wat in haar macht ligt om deze boodschap over te brengen aan de verantwoordelijken in IJsland. Het lijkt me logisch dat de leider van een walvislievend land opkomt voor de wensen van zijn burgers.

Geef een reactie

Laatste reacties (14)