397
3

Directeur Both ENDS

Daniëlle Hirsch is directeur van Both ENDS. Door ze te verbinden met nationale en internationale beleidmakers, wetenschappers en met andere organisaties, ondersteunt Both ENDS duurzame initiatieven die lokale gemeenschappen in ontwikkelingslanden zelf ondernemen ter bestrijding van armoede en ter verbetering van hun leefomgeving.

Hulp is nodig omdat handel faalt

Ons leiderschap is nodig om de wereld te veranderen

De afgelopen weken is de discussie rond nut en noodzaak van ontwikkelingssamenwerking volop losgebarsten. De focus ligt op het al dan niet vasthouden aan de internationale norm van 0,7% van ons BNP. Maar de discussie gaat voorbij aan waar het werkelijk om gaat in armoedebestrijding: het anders inzetten van de overige 99,3%.

Als politici, ondernemers en burgers er van overtuigd zouden zijn dat het binnen onze mogelijkheden ligt om de wereld te verduurzamen, zou ontwikkelingssamenwerking overbodig zijn. Daar is die 0,7% nu nog voor nodig. Met dat geld kunnen organisaties als Both ENDS, samen met maatschappelijke organisaties in ontwikkelingslanden, blijven tonen dat Nederlands ondernemerschap veel meer kan bijdragen aan verduurzaming en sociale rechtvaardigheid in de hele wereld.

Laten we niet vergeten dat Nederland als handelsnatie en als 16de economie ter wereld via haar eigen economische ontwikkeling veel invloed kan uitoefenen op de manier waarop het geld en de rijkdom in deze wereld wordt verdeeld. Dat vereist eerlijker ondernemen.

Een voorbeeld: Nederlandse bedrijven betalen minimaal belasting in veel ontwikkelingslanden. Daarmee ondermijnen ze de mogelijkheden van die landen om via eigen belastinginkomsten hun onderwijs, gezondheidszorg of infrastructuur te verbeteren. Als bedrijven gewoon belasting betalen aan de landen waarin ze ondernemen, zou een deel van de bilaterale hulp die deze landen nu ontvangen, stopgezet kunnen worden.

Een ander voorbeeld: Nederland is een van de landen die bij discussies over handelstarieven dwars ligt. We stemmen tegen de invoering van tarieven die de export van grondstoffen minder aantrekkelijk maken. Die tarieven stimuleren dus de ontwikkeling van een eigen industrie in de landen van oorsprong. Nederland stemt tegen uit puur eigenbelang; als landen zelf grondstoffen gaan bewerken krijgen onze verwerkende industrieën met meer concurrentie te maken. Ondertussen ontnemen we veel landen de mogelijkheid zich economisch te ontwikkelen.

Nederland heeft het zelf voor het kiezen: zetten we duurzaamheid en armoedebestrijding wel of niet op de agenda? In Brazilië bijvoorbeeld werkt de haven van Rotterdam samen met snel groeiende lokale havenbedrijven. Als het Ministerie van EL&I en de Rotterdamse haven zich breed willen inzetten voor duurzame ontwikkeling, vinden ze aan Braziliaanse kant genoeg mensen –ondernemers, maatschappelijke organisaties, gemeenten- die mee willen werken. Maar Nederland moet wel zélf het initiatief nemen en met de mensen daar werken aan een duurzaamheidsagenda. Ons leiderschap is nodig om de wereld te veranderen. Die 0,7% zijn essentieel om de discussie over duurzame en rechtvaardige ontwikkeling aan te slingeren en aandacht te krijgen voor alle mogelijkheden die traditioneel economisch handelen nu laat liggen.

Geef een reactie

Laatste reacties (3)