955
7

Activist

Activist. Schreef tot nu toe pittige artikelen over wapenhandel, onduurzame voedsel en kleding, tax injustice, racisme en het disfunctioneren van het maatschappelijk middenveld. Tot juli 2011 directeur van Fairfood International (www.fairfood.org). Frank was tevens tot juli 2011 bestuurslid van de brancheorganisatie voor ontwikkelingsorganisaties Partos (www.partos.nl). Voor Fairfood was Frank werkzaam voor Amnesty International en Fairtrade Original. Hij komt uit het bedrijfsleven waar hij jarenlang werkzaam was als management consultant.

Hulporganisaties verbeteren marketing na kritiek

Het is nog steeds onduidelijk hoeveel van het door de SHO ingezamelde geld daadwerkelijk bij de slachtoffers is aangekomen

Vorige week rapporteerdende Samenwerkende Hulporganisaties (SHO), bestaande uit onder andere OxfamNovib, Cordaid en ICCO, over de voortgang van de Syrië-actie. ‘Dit rapport is een antwoord aan cynici’, stelt voorzitter Jan Bouke Wilibrandi in het voorwoord. Als criticus van de SHO en in bredere zin de ontwikkelingssector voel ik me aangesproken. Na het grondig bestuderen van de rapportage is mijn cynisme dat de sector na elk schandaal met name de marketing verbetert en niet de problemen aanpakt alleen maar verergerd.

De SHO kwam na eerdere schandalen recentelijk twee keer slecht in het nieuws. In april berichtte Nieuwsuur over de verdeelsleutel die gehanteerd wordt binnen de SHO. Niet primair op basis van de noden van de hulpbehoevenden in Syrië, maar op basis van de omvang van de aangesloten organisaties in Nederland, wordt het geld van de inzamelingsacties onder de organisaties verdeeld. Organisatiebelangen boven de belangen van de slachtoffers dus. In lijn met deze kritiek onthulde Femke Halsema op 20 juni naar aanleiding van haar tiendaagse reis door Syrië eveneens over de veel te grote organisatiebelangen aldaar. En de te grote focus op ‘zichtbare hulp die makkelijk te fotograferen is’.

De reactie van de hulpsector is inmiddels voorspelbaar. ‘Ik werp deze kritiek verre van me’ liet René Grotenhuis van Cordaid direct na de aantijgingen van Halsema weten zonder überhaupt eerst goed naar de kritiek te hebben geluisterd. In de rapportage van vorige week probeert de SHO de kritiek verder te pareren. Niet door in te gaan op de kritiek, maar door bijvoorbeeld een mooi laag goed communiceerbaar percentage neer te zetten. ‘Mede doordat verschillende bedrijven en media gratis diensten aanboden, zijn de actiekosten beperkt gebleven tot 183,779 euro (3,8%).’ Hierdoor wordt gesuggereerd dat de rest bij de slachtoffers terecht komt. Niets is minder waar. Veel organisatiekosten vallen buiten de 3,8%. Barbara Bosma van SHO kan me per email naar aanleiding van mijn kritische vragen ook niet anders mededelen dan dat ‘De rapportage inderdaad geen inzicht [geeft] in de hoeveelheid geld/hulp die daadwerkelijk bij de slachtoffers is aangekomen.’ Een mooi staaltje marketing dus.

De hulpindustrie kan het tij alleen keren door twee zaken radicaal aan te pakken.

1. De burger veel breder te betrekken bij haar acties en niet als dom en onwetend te beschouwen. De Nederlandse burger snapt best dat hulp bieden in Syrië ongelofelijk moeilijk is en dat veel geld moet worden geïnvesteerd in transport en coördinatie. En ja, dat zelfs veel projecten mislukken en geld verloren gaat. Door het publiek voor- en achteraf breder en diepgaander te betrekken (wat ook geld kost uiteraard), kunnen ook de achterliggende oorzaken zoals ongebreidelde wapenexport aan de orde worden gesteld.

2. De gehele hulpstructuur grondig te reorganiseren, waarbij de belangen van de slachtoffers, de hulpbehoevenden volledig centraal gesteld worden. Op grote afstand moeten de organisatiebelangen komen.

Deze radicale veranderingen zullen niet uit de sector zelf komen, ook niet van de radicale vernieuwers. Echte vernieuwers worden buitengesloten en je eigen positie en die van jouw organisatie komt in het gedrang. De sector gaat ver om criticasters in te tomen. Zo ben ik recentelijk nog formeel gesommeerd mijn mond te houden na bepaalde uitspraken op mijn website.

De burger kan de impasse doorbreken door niet meer te geven, maar het is wel erg bot om de slachtoffers extra te laten lijden omdat we in eigen land niet in staat zijn orde op zaken te stellen. Daarom pleit ik ervoor dat de overheid ingrijpt. De overheid kan in theorie harde randvoorwaarden opstellen aan Nederlandse maatschappelijke organisaties. Of ze daartoe bereid is, is afhankelijke van de politieke wil. Die politieke wil is er nog niet, maar komt vanzelf als de schandalen blijven komen en de kritiek blijft aanzwellen.

Geef een reactie

Laatste reacties (7)