Laatste update 16:25
9.262
98

eindredacteur Joop

Francisco van Jole is journalist en eindredacteur van Joop.
Verder is hij politiek commentator bij De Nieuws BV en presentator van Draad, een politieke talkshow in Arminius te Rotterdam.

Ieder1 en de azijnpissers van social media

Twitter is een magneet voor haters. Wie iets sympathieks post, wordt nu bijna automatisch beschimpt.

tweet
Op sociale media circuleert een foto van Hillary Clinton die tegen een muur staat terwijl iedereen haar de rug heeft toegekeerd om zo een selfie te kunnen maken. Het beeld, gemaakt door Barbara Kinney gaat even snel rond als een mazelenvirus op een kinderdagverblijf voor orthodoxe gelovigen en wordt voorzien van bijtende commentaren, op Clinton en het tijdsgewricht. “Deze foto, dat kan gewoon bijna niet echt zijn. Het is een soort kritiek op 2016,” schrijft bijvoorbeeld de populaire scenarist Willem Bosch.

De ironie ontgaat Bosch wellicht, net zoals andere schermstaarders die via Twitter commentaar leveren op het – vermeende – langs elkaar heen leven van mensen. Als iets immers een exponent van die vervreemding is, dan is het wel Twitter zelf. Het is alsof je al rokend iemand maant toch vooral om de gezondheid te denken.

De mensen die met hun rug Hillary Clinton poseren zijn in ieder geval bij haar, ze zijn de deur uit gegaan om de wereld te verkennen en elkaar te ontmoeten. In voorbije tijden werd dan om het idool gedrongen en een handtekening gevraagd, maar sinds de digitale revolutie heeft afgerekend met het verschil tussen kopie en origineel doet zo’n aandenken er niet meer toe. Het enige dat nog in waarde telt is je eigen aanwezigheid en de selfie is de ultieme manier om dat vast te leggen. De selfie is het Kodak-moment van de 21e eeuw. Dat idee van Kodak, foto’s als middel om bijzondere persoonlijke gebeurtenissen vast te leggen, stamt overigens uit het einde van de 19e eeuw.

Zondagmiddag op het Museumplein zag ik Nasrdin Dchar een selfie maken terwijl hij op het podium stond, met achter hem de 10.000 mensen die hij op de been had weten te krijgen met zijn oproep. Teken van vervreemding? Juist niet. Toen hij en zijn team het idee voor Ieder1 maanden geleden opperden, zag ik het totaal niet zitten. Het gaat nooit lukken om zoveel mensen te verzamelen. En dan sta ja daar straks met hooguit 1500 man hield ik hen voor. Gelukkig luisterden ze niet en gingen door.

Op Facebook zag ik m’n scepsis bewaarheid. Vrijdag hadden nog geen 3000 mensen zich aangemeld voor het evenement. Je weet hoe dat gaat op Facebook, dacht ik bij mezelf. In de praktijk komt nog geen 10 procent echt opdagen. Driehonderd mensen, arme Nasrdin. Op Twitter zag het er al even somber uit. Oproepen werden nauwelijks geretweet en onder de hashtag #Ieder1 verscheen voornamelijk een constante lozing van zure commentaren. Toen ik zondag in de trein op weg naar Amsterdam hoorde dat er slechts een paar honderd mensen bij de Arena in de Bijlmer aan de mars begonnen waren dacht ik ‘zie je wel’, de zelfbevredigende gelijkzoekerigheid waar social media gebruikers maar geen genoeg van kunnen krijgen.

Aangekomen bij station Amstel om me bij de lopers te voegen was de menigte al uitgegroeid tot minstens tweeduizend, en het werden er al gaande meer en meer. Het was een mooi, bont gezelschap, niet vrolijk maar wel goedgemutst. Mensen die niet alleen twitteren maar ergens in geloven en er vervolgens aan gaan werken om het te realiseren. Want in de werkelijke wereld is dat toch echt de enige manier om iets voor elkaar te krijgen.

(tekst gaat verder onder de video)

Was het alleen voor eigen parochie? Alsof je daar niets van kunt leren. Op het podium verscheen de 12-jarige Samia die een pakkend verhaal hield over hoe mensen met elkaar om zouden moeten gaan, door elkaar in hun waarde te laten bijvoorbeeld. Ik zag haar hoofddoek, zwarte kleding en betrapte mezelf er op dat ik dacht ‘meisje, wat doe je jezelf toch aan’ en toen realiseerde ik me dat ik het nooit gedacht zou hebben als ze als punk, corpsballerina, Hare Krishna of Barbie was uitgedost. Mijn wereldwijze blik bleek net zo bekrompen als de boer die niet wil vreten wat hij niet kent. Zo gaf de slimme 12-jarige me nog een extra wijze les tolerantie mee.

Er werden veel goede speeches gegeven, eigenlijk was er geen enkele saai of voorspelbaar, ook daarin verschilde de demonstratie ernstig van andere protestmanifestaties. Erg sterk was bijvoorbeeld Angela Groothuizen die twee vrouwen mee het podium op nam. De een was ooit als Iraans vluchtelingenkind naar Nederland gekomen en nu documentairemaakster, de ander een bewoonster van Geldermalsen die actievoert tegen het azc. Ze hadden elkaar tijdens het maken van een documentaire over protest tegen vluchtelingen letterlijk en figuurlijk gevonden en toonden het publiek hoe je prettig met elkaar om kunt gaan, ondanks grote meningsverschillen. Ook de vrouw uit Geldermalsen, die stelde dat ze niet van mening was veranderd maar wel van houding, kreeg een daverend applaus. Wederom een verschijnsel dat je zelden aantreft bij andere manifestaties waar meestal veel gelijk wordt geëist en weinig begrip gegeven.

Ondertussen ging de tsunami van haat en afgrijzen door op Twitter. Allemaal mensen die het beter weten. Niet eens van het type ‘beste stuurlui’ maar meer ‘boze buurman’. Nasrdin Dchar kreeg het verwijt dat zijn verhaal nooit echt kan zijn, want hij is immers acteur. Die kritiek is dan afkomstig van mensen die pochen over bingewatchen, als voorbeeld van hun echte leven. Vaak is de zogenaamde ‘kritiek’ ronduit bespottelijk. Twitter is wat dat betreft een beetje als een EO-programma over religie, als je het tot je neemt als satire wordt het plots erg vermakelijk.

Daar kun je om lachen maar Twitter is ook op een andere manier een spiegel voor het fenomeen Ieder1, dat de twitteraars zo gretig bekritiseren. Toen Twitter op kwam in 2007 was ik vrijwel meteen enthousiast over het nieuwe medium. Het was een plek voor discussie en ontmoeting. Maar het was vooral een inspirerende omgeving. Twitter stak me aan om te gaan hardlopen, om concerten te bezoeken, om andere mensen te leren kennen. Er waren veilingen voor goede doelen, picknicks, borrelavonden. We hadden lol en maakten plezier, ondanks alle verschillen. Het was het soort wereld dat Ieder1 voorstaat.

In de loop der jaren veranderde dat. Het sociale medium werd om allerlei redenen een magneet voor haters. Wie iets sympathieks post, wordt nu bijna automatisch beschimpt. Het is gedrag dat niets meer met de werkelijkheid te maken heeft. Als ik door mijn timeline ga, zie ik alleen maar mensen al dan niet gevat commentaar geven op wat anderen doen. Het is een soort in azijn dan wel wierook gedrenkte rss-feed. Ik doe er tot mijn spijt ook aan zelf aan mee, vaak zonder dat ik het zelf door heb of zo bedoel, zoals dat ook voor mijn mede-twitteraars zal gelden.

Er wordt op Twitter weinig tot niets meer geboren, er komt niets meer mee tot stand, behalve zuur, haat en zelfingenomenheid. Het gaat dan ook niet goed met het medium. De groei is er uit, het optimisme verdampt, de aandeelhouders zijn ontevreden en de totale teloorgang is niet meer onvoorstelbaar.

Ieder1 ziet een soortgelijk proces zich ook in de echte samenleving voltrekken. De haters voeren steeds luider de boventoon, proberen alles kapot te maken en besmetten het debat. Dat maakt de wereld voor iedereen minder aangenaam en het leven minder prettig. We worden allemaal chagrijniger, lijkt het. Daarom wilden de initiatiefnemers van Ieder1 laten zien dat je ook op een andere manier met elkaar om kunt gaan. Met respect, tolerantie, acceptatie en levensvreugde. Begrippen die in het huidig debat 19e-eeuws klinken maar net zo eigentijds zijn als het Kodak-moment.

Geef een reactie

Laatste reacties (98)