980
23

Voorzitter FNV Jong

Docent, oud-voorzitter van FNV Jong

In het verleden behaalde resultaten…..

In de NRC van 15 januari jl. neemt Heleen Crul het op voor haar generatiegenoten door te stellen dat de babyboomgeneratie hard heeft moeten werken om de rijkdom te vergaren die zij momenteel hebben

Tegelijkertijd is Jan Nagel afgelopen week een politieke partij gestart om de belangen van deze generatie te verdedigen, omdat deze, volgens hem, onder druk staan.

De jongere generatie, die vooral op de mediale barricaden staan, doen exact hetzelfde. Niet zelden verschijnt er een artikel van hun hand dat de babyboomers graaiers zijn en dat de jeugd van tegenwoordig het o zo slecht gaat hebben. Het was nog geen jaar geleden dat BNN stelde dat er een jongerenpartij moest komen omdat de belangen van jongeren verkwanselt werden.

Zo zijn twee verschillende generaties aan het soebatten. Voor beide generaties lijkt voor niets de zon op te gaan. Twee generaties die verbaal met elkaar op de vuist gaan, waarbij de oude generatie claimt veel verworven te hebben voor de andere generatie. Vanuit hun loopgraven doen beide generaties wedstrijdjes verplassen en strijden erom wie het het zwaarste heeft. (overigens is dit enkel het elitaire deel van beide generaties. De rest van Nederland zit TV  te kijken.)

De politiek speelt hier natuurlijk een uitermate belangrijke rol. Een manier om je zin door te drijven is het hanteren van een verdeel-en-heers strategie. Deze strategie werd al in de oudheid benut door dictators en tirannen, maar is nu verpakt in een mooi opgesmukt omhulsel van nette taal en schijn van redelijkheid. Waar een type als Wilders verdeel-en-heers hanteert op het gebied van cultuur en religie, is een partij als D66 ‘de PVV van het generatieconflict’ geworden. Hoe meer olie op het vuur hoe beter, waarbij de troefkaart van “toekomstige generaties” maar al te vaak wordt gespeeld in het pokerspel van de politiek. Tegelijkertijd worden de andere partijen als conservatief en/of afwachtend neergezet.

Heleen Crul heeft inderdaad gelijk dat een grotere groep ouderen eerder begonnen is met werken. Heleen Crul heeft ook gelijk dat de huidige generatie makkelijker gebruik kan maken van onderwijs. Heleen Crul heeft ook gelijk dat deze oudere generatie in het eerste deel van hun leven in minder luxueuze omstandigheden heeft moeten leven.

Daartegenover: Als we naar de toekomstige generaties kijken, dan ontkom je er niet aan een glazen bol te gebruiken. Een glazen bol die, paradoxaal genoeg, gevuld is met de omstandigheden en verwachtingen uit het hier en nu. Wat zijn nu precies die omstandigheden en verwachtingen?

Één omstandigheid is dat Nederland met een enorme staatsschuld kampt, welke groeit met 25 miljard per jaar. Een andere omstandigheid is dat de oudere generatie (jij ook Heleen, maar ook mijn ouders) kwalitatief goede zorg moet krijgen. Nog een omstandigheid is dat er meer mensen van de arbeidsmarkt af gaan dan dat er op komen. Er zijn simpelweg meer ouderen dan jongeren. De verwachting is dat al deze omstandigheden (en dan laten we het milieu gemakshalve even buiten beschouwing) gaan leiden tot problemen in de toekomst.

Vergelijk de omstandigheden tussen generaties in het “hier en nu” en het blijkt dat de huidige generatie het beter heeft dan, laten we zeggen, 40 a 50 jaar geleden.

Echter, bij mij rijst steeds weer de vraag: Is het niet belangrijk dat we het huidige niveau van welvaart voor toekomstige generaties vasthouden? Is het niet belangrijk dat we ervoor zorgen dat op het gebied van zorg er voldoende middelen beschikbaar zijn om de babyboomers goede zorg te geven? Is het niet belangrijk om de staatsschuld niet verder te laten groeien? Is het niet belangrijk de wereld een klein beetje beter achter te laten dan je hem aangetroffen hebt, daarbij rekening houdend met verwachte en onverwachte omstandigheden?

Volgens mij wel, echter, ik ben niet van plan om mij op te laten zetten tegen een babyboomgeneratie. Ik ben niet van plan om mij op te laten zetten tegen mijn ouders. Wat gebeuren moet, bij beide partijen, is een houding van solidariteit. Een houding waarbij niet gezegd wordt: wat heb ik gedaan voor jou? Maar een houding die zegt: Wat kan ik voor je doen?

Nee, huidige opiniemakers in het debat laten zich makkelijk uitspelen. Ik wil graag dat mijn ouders goede zorg krijgen, ik wil graag dat er voldoende geschikte mensen zijn om die zorg te bieden, ik wil graag dat mijn kleine dochter goed onderwijs zal krijgen straks, maar mijn geldbuidel is niet oneindig diep. Was het maar waar. Als ik die toekomstige rekening zou kunnen betalen, dan zou ik met alle liefde doen.

Nee, waar het om draait in een solidair stelsel als het Nederlandse is wederkerigheid. Niet direct afvragen wat je terug kan verwachten, maar je afvragen wat je voor iemand kan doen. Een beetje pragmatiek is daarbij geen overbodige luxe.  Dus Heleen, en al die anderen, wordt het niet eens tijd om met goede oplossingen te komen die passen bij de tijd? Oplossing die de wereld een beetje beter achter laten dan dat je hem hebt aangetroffen? Oplossingen die zoeken naar andere vormen van solidariteit (tussen hoog- en lager opgeleid bijvoorbeeld, ook binnen de AOW hadden hoger opgeleiden bijv. langer kunnen doorwerken)?

Balkenende had ooit de woorden: “met de kennis van nu hadden we anders beslist.” Een dooddoener die voorkomt dat je ook maar een greintje verantwoordelijkheid dient af te leggen voor de gemaakte keuzes. Op z’n Hollands heet dat: “achteraf lullen” of “de koe in de kont kijken”.

Ik weet ook dat  in het verleden behaalde resultaten geen garantie zijn voor de toekomst.  Maar met de kennis van nu zou het zonde zijn om over 30 jaar te moeten stellen dat we al de verworvenheden van de babyboomers hebben moeten afschaffen omdat ze te kostbaar werden.

En dat zou betekenen dat babyboomers al dat harde werk voor niets hebben gedaan.

Geef een reactie

Laatste reacties (23)