2.163
97

Hoogleraar Openbare Financiën

Professor Harrie Verbon is econoom en momenteel werkzaam als hoogleraar Openbare Financiën en Sociale Zekerheid aan de Universiteit van Tilburg. Zijn onderzoek behelst onder meer de volgende terreinen: de macroeconomische effecten van vergrijzing, migratie, herverdeling en economische groei, overdrachten tussen generaties (inclusief pensioenen) en verhandelbare emissierechten. Professor Verbon is daarnaast lid van het bestuur van het Rathenau Instituut. Hij was eind jaren '90 lid van de programmacommissie van het CDA, maar heeft inmiddels het lidmaatschap van die partij opgezegd.

Is Van Agt de ‘right’ Forum man?

Van Agt wil met zijn Rights Forum een onpartijdig en rechtvaardig Midden-Oosten beleid bevorderen. De website van zijn Forum bevat echter gekleurde informatie die twijfel zaait over zijn eigen onpartijdigheid.

Op 10 december jl. heeft Van Agt ‘The Rights Forum’ (RF) gelanceerd. Op de website lezen we dat het RF “een stichting (is) die zich inzet voor een rechtvaardig Midden-Oosten beleid”, en zich ook verzet tegen het partijdige Midden-Oosten beleid van de Nederlandse regering. Prachtig. Het zou de discussie in Nederland goed doen als er eens op een objectieve manier over het conflict en de geschiedenis ervan wordt bericht.

Meestal bestaat die discussie uit wederzijdse scheldpartijen waar de ene kant van antisemitische sympathieën wordt beticht en de andere kant van steun aan een misdadig regime dat in strijd handelt met het internationale recht. Dus, enige afkoeling en nuchterheid in die discussie zou geen kwaad kunnen.

Wat opvalt is dat deze stichting, middels een Raad van Advies, wordt gesteund door een groot aantal juristen, bijvoorbeeld: de oud-politici Mr. Hans van den Broek, Mr Frans Andriessen, Mr. Laurens-Jan Brinkhorst, Mr Hans van Mierlo en daarnaast ook nog veel actieve juristen tot en met hoogleraren en (voormalige) rechtsheren die zich vierkant achter Van Agts initiatief hebben geschaard. Ik ga er altijd van uit dat juristen heilig ontzag hebben voor de feiten en wars zijn van enige niet door feiten ondersteunde suggesties. Hans van den Broek verwees inderdaad op 10 december bij Pauw en Witteman naar de website van het Rights Forum voor objectieve achtergrondinformatie. Ik neem aan dat alle heren en dames juristen deze informatie hebben goedgekeurd alvorens hun adhesie te betuigen.

We gaan het advies van Van den Broek opvolgen en de website van RF bekijken. Eerst schetst het RF de ‘achtergrond’ van het Israëlisch-Palestijns conflict. Het bestaan van de Palestijnen, aldus het RF, is volledig ontwricht geraakt en dat gaat terug tot de tijd van het Britse mandaat (1917-1948). Tot zover nog alle lof voor de informatie Weliswaar was in deze periode vrijwel nergens in de wereld de economische groei zo hoog als in Palestina, maar er zijn zeker ook levens in Palestina ontwricht geraakt, bijvoorbeeld door de grote Arabische opstand tegen Joodse immigratie die in 1936 begon. De term ‘Palestijnen’ die de website hanteert is enigszins verwarrend, vooral als het over de periode voor de Tweede Wereldoorlog gaat. Er bestond toen wel een regio die Palestina heette, maar er was geen staat Palestina. Een onafhankelijke Palestijnse staat was er al minstens vijf eeuwen niet meer geweest. Palestijnen waren evenveel Palestijnen als Brabanders Brabanders zijn. Ze wonen in Brabant (of Palestina) en zijn daarom Brabanders (of Palestijnen).

De RF gaat verder: “Rond 1920 bestond de bevolking van Palestina voor ongeveer 90% uit Palestijnen.” Nu bestond de Palestijnse bevolking in 1920 voor ongeveer 10% uit Joden en voor 90% uit Arabieren. Voor zover valt na te gaan woonden die Joden er al geruime tijd, net als de Arabieren. Bedoelt het RF hier soms dat de Joden in Palestina niet thuis hoorden en dus geen “Palestijnen” waren, en dat alleen Arabieren Palestijn konden zijn? Waarschijnlijk wel, want de volgende zin van het RF luidt “Door de Joodse immigratie was dit percentage (van 90% Palestijnen, HV) in 1947 geslonken tot ongeveer 70.”

Dan direct de volgende zin: “In datzelfde jaar besloten de Verenigde Naties om Palestina te verdelen in twee staten: een Joodse staat op 55% en een Arabische staat op 42% van Palestina.” Dat was, aldus RF, zeer onrechtvaardig verdeeld, ten nadele van de Arabieren, gezien de verhouding van de bevolking (30-70) in Palestina. Palestina, het gebied waar de Britten in 1918 het mandaat over kregen, besloeg oorspronkelijk het huidige Israël, de Gazastrook, de Westoever en het huidige Jordanië. De Britten schonken dat laatste landsdeel niet lang na WOI aan de Arabische elitefamilie die er nog steeds de baas is. Het RF telt alleen het gebied ten westen van de Jordaan mee, maar als we Jordanië meetellen als deel van Palestina, wat het ook was, dan kregen de Joden in het verdelingsplan van de VN als percentage van heel Palestina (dus: inclusief het gebied ten oosten van de Jordaan) 18% van het gebied, terwijl zij 28% van de bevolking uitmaakten van heel Palestina.

Ik ben nog niet eens op de helft van de tekst van de door de RF geschetste achtergrond van het conflict, maar ik ben al een suggestie tegen gekomen dat de oorspronkelijk in Palestina levende Joden daar niet thuis hoorden, in ieder geval geen “Palestijnen” waren. Daarnaast geeft het RF de verdeling van Palestina over Joden en Arabieren op gekleurde wijze weer.

Zou het juridisch onderwijs in Nederland zo slecht in elkaar zitten dat notabele juristen in Nederland niet kunnen lezen en daarom zonder probleem Van Agt steunen?

Geef een reactie

Laatste reacties (97)