834
12

Directeur Sea Shepherd Nederland

Sinds 1993 is Vons betrokken bij de Sea Shepherd Conservation Society: als bemanningslid en als ontwerper van de logo’s en sinds 2009 als algemeen directeur van Sea Shepherd Nederland. Vons is kunstenaar; zijn werk omvat beschilderde pallets, doeken, driedimensionale objecten, maar ook illustraties en tatoeages. Drijfveer achter zijn werk is de passie voor de oceanen. Door zijn werk wil Vons aandacht vestigen op de 'marine environment'. Vons heeft een opleiding progressieve geneeskunde gevolgd en is in Leiden afgestudeerd als sinoloog. In 1999 heeft hij WhaleWeirdo.org opgericht, een idealistisch, individueel initiatief met als doel de artistieke promotie van met name bedreigde zeezoogdieren.

Japanse walvisvangst voor wetenschappelijk onderzoek? Onzin!

Japanse walvisjacht heeft niets te maken met wetenschappelijk onderzoek ... eerste rechtszitting deze week in Den Haag bij Internationaal Gerechtshof

In het Internationaal Gerechtshof in Den Haag vond woensdag de eerste zitting plaats in het proces dat Australië heeft aangespannen tegen Japan inzake de jaarlijkse walvisjacht.

Japan geeft zichzelf ieder jaar een vergunning om onder het mom van wetenschappelijk onderzoek jaarlijks ruim 1000 walvissen te mogen doden. Hiermee handelt Japan niet overeenkomstig een aantal door de IWC (International Whaling Commision) gestelde voorwaarden en daarom vindt Australië dan ook dat Japan het zogenaamde wetenschappelijke walvisvangst programma, JARPA II, moet stoppen.

Australië was als eerste aan de beurt om argumenten en feiten op tafel te leggen. Kernpunten waren in hoeverre de Japanse walvisjacht daadwerkelijk te maken heeft met wetenschappelijk onderzoek en of de door de Japan afgegeven vergunningen om, onder het mom van dat wetenschappelijk onderzoek, grote aantallen walvissen te mogen doden wel in overeenstemming zijn met de voorwaarden zoals die door de IWC zijn gesteld.
Om een kort en bondig antwoord te geven: nee, dit blijkt volgens Australië absoluut niet het geval. Al vrij snel werd de toon gezet met de opmerking dat het doden van het onderwerp van onderzoek niet de eerste optie zou moeten zijn.

Binnen het IWC mogen landen op basis van goed vertrouwen in bijzondere gevallen een special permit afgeven om, in het kader van wetenschappelijk onderzoek, een beperkt aantal (en dus niet ongelimiteerd) walvissen te doden. Althans, als dat daadwerkelijk bijdraagt tot een beter inzicht en behoud van walvissoorten in het algemeen.
Daar gaat het meteen al fout met de Japanse praktijk. Want hoe ‘special’ is een special permit wanneer deze vergunning jaar in jaar uit wordt afgegeven? En nog wel voor een ogenschijnlijk onbeperkt aantal walvissen? De enige beperking lijkt te worden gevormd door de vriescapaciteit van het fabrieksschip van de Japanse walvisvaardersvloot.

JARPA II onderzoekers hebben nog nooit blijk gegeven met andere (zowel Japanse als niet-Japanse) wetenschappers te willen samenwerken en hebben meerdere verzoeken hiertoe, met gebruikmaking van niet-dodelijke onderzoeksmethoden, afgewezen.

De doelstellingen van het zogenaamde wetenschappelijke JARPA II onderzoek zijn zeer vaag en onduidelijk. Zo kun je je bijvoorbeeld serieus afvragen of de resultaten van het onderzoek naar bijvoorbeeld gedrag en migratie niet worden beïnvloed wanneer je ieder jaar zo’n 1000 exemplaren van je studieobject meent te moeten doden. En wat te denken van het feit dat de onderzoeksgebieden van JARPA II zo goed als samenvallen met de gebieden waar, voordat het moratorium van kracht was, commercieel op walvissen werd gejaagd?

Dan is er ook nog eens geen einddatum voor het JARPA II onderzoek gesteld. Iets wat voor degelijk wetenschappelijk onderzoek absoluut niet gebruikelijk is.
Internationale wetenschappers zijn niet in de gelegenheid gesteld hun commentaar te geven op het eerste JARPA onderzoek. Na beëindiging van dit eerste onderzoek werd in 2005 meteen gestart met JARPA II, en zonder opgaaf van reden werden de quota van aantallen te doden walvissen zo goed als verdubbeld.

Kortom, het Japanse onderzoek voldoet niet aan international geldende minimale eisen van degelijk wetenschappelijk werk. Volgens de voorwaarden van de IWC mag alleen in geval van absolute noodzaak gebruik worden gemaakt van ‘dodelijk onderzoek’.
Japan is verantwoordelijk voor 95% van al het ‘dodelijk onderzoek’ wereldwijd.
Het doden is een voorwaarde geworden, en de quota moeten gehaald worden; JARPA II heeft niets te maken met wetenschappelijk onderzoek.

Zo werd tijdens de rechtszitting op basis van concrete feiten en uitspraken heel duidelijk dat Japan een wel zeer eigen interpretatie heeft van met name Artikel 8 van het uit 1946 daterende International Convention on the Regulation of Whaling van de IWC. Ik ben benieuwd hoe het Internationaal Gerechtshof hierover denkt.

Geef een reactie

Laatste reacties (12)