644
7

Journalist

Maarten Reijnders (1976) is journalist. Van december 2000 tot en met mei 2006 was hij redacteur bij Webwereld. Daarvoor werkte hij voor het dagblad Trouw. In september 1996 richtte hij met Koen Vrancken het e-zine SmallZine op. Toen SmallZine eind 2004 stopte, had het e-zine meer dan dertigduizend abonnees. SmallZine was daarmee één van de grootste Nederlandstalige e-zines.

Reijnders studeerde politicologie aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) en de London School of Economics and Political Science (LSE). In 1999 studeerde hij net niet cum laude af (story of his life) op de lage opkomst bij de Europese verkiezingen van dat jaar (titel scriptie: 'Ga stemmen op de zakkenvuller van uw keuze').

In 2016 verscheen zijn boek 'Complotdenkers: Hoe gevaarlijk is het geloof in samenzweringstheorieën?' In 2019 volgde 'Dat was niet de bedoeling: Waarom we minder kauwgom eten door de smartphone en 19 andere bizarre onvoorziene gevolgen'.

Joop

Over een gesprek op een Maastrichts terras.

75 Jaar D-Day. 75 Jaar bevrijding van Terneuzen. 75 Jaar Slag om Arnhem. Er zijn dezer dagen zoveel herdenkingen dat een mens er makkelijk schouderophalend aan voorbij kan gaan.

De mevrouw die op 15 september op een terras in Maastricht een gesprek aanknoopte, deed dat bepaald niet. In de Limburgse hoofdstad werd dat weekend gevierd dat het 75 jaar geleden was dat de stad werd bevrijd. Als er een optocht met muziek door de straat trok, klapte ze enthousiast mee. Ze was speciaal voor de gelegenheid naar Maastricht gekomen. Later die dag zou ze nog naar Margraten gaan, waar ‘s middags een bevrijdingsconcert werd gegeven.

De vrouw, ze bleek Betty te heten, vertelde ze dat ze in Amsterdam ter wereld was gekomen. Ze woonde in de Commelinstraat in Oost, waar ze een ‘hele akelige’ bovenbuurman had gehad, een NSB’er, die desalniettemin een hele aardige vrouw had.

Toen het in Amsterdam te gevaarlijk werd, werd Betty naar Limburg gebracht. Eerst werd ze achtergelaten in een nis bij de Sint Nicolaaskerk, vlakbij Amsterdam Centraal, waar een jonge vrouw, een studente, haar kwam ophalen. Ze namen de trein naar het zuiden, waar Betty van het ene naar het andere onderduikadres ging.

Af en toe kroop ze door het oog van de naald. Op een avond zeurde Betty de mensen bij wie ze zat ondergedoken zolang aan het hoofd dat ze met de andere kinderen uit de buurt wilde buitenspelen, dat ze uiteindelijk maar toegaven. Toen Betty net buiten was, vond er bij het onderduikadres een razzia plaats.

Het was niet altijd fijn bij de mensen bij wie ze terecht kwam, al bewaarde Betty wel hele warme herinneringen aan haar laatste pleeggezin. Haar pleegvader was een hertrouwde weduwnaar die uit zijn eerdere huwelijk een zoon had. Haar pleegmoeder was maar wat blij dat ze nu ook een dochter hadden.

Foto: United States Holocaust Memorial Museum

De verzetsstrijder die ervoor zorgde dat Betty in veiligheid werd gebracht zodat ze op haar negende, in 1944, kon worden bevrijd, heette Joop Woortman (schuilnaam: Theo de Bruin). Deze taxichauffeur en kelner zat bij de NV, een groep die honderden Joodse kinderen uit Amsterdam hielp onderduiken in Limburg. Onder meer de journalist Max Arian en Ed van Thijn, de latere burgemeester van Amsterdam, hebben het aan hem te danken dat ze de oorlog overleefden.

In 1992 onthulde Van Thijn in Amsterdam-Osdorp een plein dat naar Joop Woortman is vernoemd. Woortman werd in juni 1944 verraden. Via het Huis van Bewaring aan de Amsterdamse Amstelveenseweg en het strafkamp in Amersfoort belandde hij in het concentratiekamp Bergen-Belsen. Daar overleed hij op 13 maart 1945. Vandaag 75 jaar geleden.


Laatste publicatie van Maarten Reijnders

  • Dat was niet de bedoeling

    Waarom we minder kauwgom eten door de smartphone en 19 andere bizarre onvoorziene gevolgen

    2019


Geef een reactie

Laatste reacties (7)