502
23

Europarlementariër Verenigd Links

Kartika Liotard (1971) is Europarlementslid sinds 2004. Tot juni 2010 was zij dat voor de Socialistische Partij. Na een intern conflict besloot ze toen verder te gaan als onafhankelijk parlementariër. Liotard is lid en ondervoorzitter van de GUE/NGL, de 35 leden tellende fractie van Europees Verenigd Links. Liotard is vicevoorzitter van de parlementaire intergroepen over Ouderen en Dierenwelzijn. Verder is zij lid van de commissie Milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid en plaatsvervanger in de commissies Ontwikkelingssamenwerking en Rechten van de vrouw en gender-gelijkheid. Voor het Europees Parlement verzorgt zij het officiële contact met de EU-voedselveiligheidsorganisatie EFSA. Liotard was tot haar verkiezing teammanager juridische zaken bij Laser (ministerie van LNV). Daarvoor werkte zij voor de wetswinkel in Nuth. Tussen ’96 en ’98 was ze bestuurslid van de SP-Westelijke Mijnstreek en daar verantwoordelijk voor de SP-Hulpdienst. In 2009 verscheen 'Poisoned Spring', een boek van haar en Steve McGiffen over privatiseringen in de watersector.

Laaggeletterdheid: Ook de EU kan helpen

Met woordblindheid kun je prima leven, mits iedereen maar rekening houdt met je mogelijkheden en beperkingen

Ook de Europese Unie kan wat doen om mensen te helpen die moeite hebben met lezen en schrijven. Het is nu de Week van de Alfabetisering en het is voor Europarlementariërs tevens ‘Straatsburgweek’. Veel aandacht gaat uit naar Barroso die op een staatshoofd wil lijken en deze week in Straatsburg een soort ‘troonrede’ hield. Maar er zijn veel belangrijker zaken. Via schriftelijke vragen heb ik bij de Europese Commissie aandacht gevraagd voor de dagelijkse problemen van mensen met een leesbeperking. Of je nu analfabeet bent, dyslectisch of gewoon echt je bril kwijt bent: Het wordt in het digitale tijdperk steeds lastiger om bijvoorbeeld de instructies op een pin-, parkeer of tankautomaat op te volgen.

In Nederland alleen al zijn anderhalf miljoen mensen functioneel analfabeet. Niet alleen immigranten, maar meestal autochtone inwoners die door het onderwijssysteem niet zijn bereikt. Ook wordt er nog veel te weinig rekening gehouden met dyslexie, een taalhandicap die vermoedelijk erfelijk is. Met woordblindheid kun je prima leven, mits iedereen maar rekening houdt met je mogelijkheden en beperkingen.

Laaggeletterdheid wordt nog veel te vaak benoemd als onkunde terwijl de onderliggende problemen zoals armoede en toegankelijk van het onderwijs voor alle inkomensgroepen onderbelicht blijven. Waarom worden mensen met een leesbeperking gestraft met een duurder loketkaartje omdat je voor de NS-automaat of voor een internetkaartje een hele cursus nodig hebt? Het is hartstikke mooi dat er initiatieven zijn als www.steffie.nl, maar er moet ook wat worden gedaan aan de echte oorzaken. Begrijpelijke automaten maken is beter dan automaten begrijpelijk maken. Eén op de vijf inwoners van de EU, honderd miljoen mensen, heeft moeite met lezen en schrijven.

Laaggeletterd zijn wil zeggen dat je een waarschuwingsetiket niet begrijpt, dat een Europees energielabel je niets zegt en dat je niks hebt aan de suggestie om ‘snel’ te surfen naar meer informatie. Een betaal- of tankautomaat, of een legeflessenapparaat in de supermarkt levert ook leesvaardige mensen problemen op, overal werken de knopjes en procedures weer anders. De EU kan dienstverleners en industrie pushen om daar wat aan te doen.

Mensen met een leesbeperking moeten heel creatief zijn om op andere manieren aan hun bestaansinformatie te komen. De EU zou haar energie slimmer moeten inzetten om ook laaggeletterden te helpen een makkelijker en gezonder leven te leiden. Ik vind dat ook wij als Europees Parlement mensen met een leeshandicap benadelen. Zo torpedeerde een rechtse meerderheid afgelopen zomer een goed plan voor begrijpelijker informatie op etiketten van levensmiddelen. Het parlement liet zich belobbyen door het bedrijfsleven en stemde tegen een eenvoudig kleurensymbool dat je informeert over de hoeveelheden vet en suiker. Een politieke meerderheid, ook Nederlandse Europarlementariërs, praatte de grote voedingsconcerns na en beweerde zelfs dat een begrijpelijker etiket ‘betuttelend’ zou zijn.

Ik ben bezig om mijn eigen website ook toegankelijker te maken. En als het gaat om de portefeuille van ‘onze’ Neelie Kroes, liggen er grote kansen voor de EU om laaggeletterden behulpzaam te zijn. Ik heb haar daarover in juni een petitie overhandigd. Maar tot mijn grote teleurstelling reageerde Kroes negatief op de aandacht die daarover ontstond. Ze kwam niet om naar ons te luisteren, maar ze wilde via een soort digitale roadshow haar eigen plannen komen ontvouwen. Ze hing meteen aan de telefoon en beweerde dat laaggeletterdheid voor haar ‘Digitale agenda’ wel degelijk een prioriteit zou zijn. Via De Telegraaf reageerde ze verbeten op mijn petitie, met als bewijs dat ze iets doet voor Alzheimerpatiënten.

Dat is mooi, maar Kroes ontloopt de kernkritiek. Wie haar ‘Digitale agenda’ leest kan maar tot één conclusie komen: laaggeletterden moeten zich aanpassen aan de oprukkende ICT-wereld en niet andersom. Het woord ‘markt’ komt in haar stuk ruim zestig keer voor, armoede nul keer en ‘achterstand’ ziet ze vooral in relatie tot technologische achterstand. Ik roep beleidsmakers op om de hand in eigen boezem te steken en niet gedachteloos voorbij te gaan aan de honderd miljoen laaggeletterde Europeanen. Waarom wordt in de communicatie van de EU niet veel meer rekening gehouden met mensen die laaggeletterd zijn of dyslexie hebben? De huidige techniek maakt dat mogelijk.

Ik roep de EU op: Investeer in slimme toepassingen die het laaggeletterden en ICT-gebruikers makkelijker maakt: pas computers en software aan, aan mensen in plaats van andersom. Stimuleer de vereenvoudiging van interactie via aanraakschermen en stemherkenning. Bevorder laagdrempelige websites. Steun experimenten die de logica van de gebruiker voorrang geven boven het perspectief van de aanbieder. Dat marktpartijen zich richten op de ‘gemiddelde’ consument mag nooit het excuus zijn voor Europese instellingen en voor overheden dat ook te doen met burgers. De digitale agenda van de EU hoort zich te richten op de positie van de moeilijkst te bereiken groepen.

Geef een reactie

Laatste reacties (23)