971
7

Lang zal hij leven!

Mijn verjaardag vind ik altijd maar lastig. Als je niets doet word je er verdrietig van en als je wel iets doet moet het leuk zijn.

cc-foto: Manuel Bahamondez H

Nooit gedacht dat ik dit vrijwillig zou doen. Op de middelbare school vond ik hardlopen vreselijk. Omdat ik mijn tijd voornamelijk lezend, tv-kijkend en masturberend doorbracht, liet mijn uithoudingsvermogen nogal wat te wensen over. Dit maakte de verplichte conditietrainingen allesbehalve leuk. Op het veld achter de school werden wij door onze gymleraar gedwongen om rondjes te rennen tot we erbij neer vielen. Terwijl ik met steken in mijn zij langs mijn docent rende, die ons met een stopwatch in zijn hand op zijn gemakje gade stond te slaan, keek ik naar de bezwete ruggen van mijn klasgenoten. Ik had het mentale trucje bedacht dat ik via een onzichtbaar touw verbonden was met een van mijn voorgangers waardoor ik wel moest blijven rennen. Met mezelf had ik afgesproken dat ik pas op mocht geven als ik een vijf had behaald. Wanneer meneer Staal dan eindelijk riep dat diegenen die nu zouden stoppen een voldoende hadden, liet ik mijzelf dan ook onmiddellijk met al mijn ledematen languit op de aarde vallen.

Conditietraining op de middelbare school. Waarom? Waarom was het belangrijk dat wij allemaal een goede conditie opbouwden? Moesten we na onze eindexamens allemaal het leger in? Waren wij kandidaten voor de Olympische Spelen? Bij het verplichte vak gym had ik sowieso mijn vraagtekens. Waarom was het voor ons bijvoorbeeld nodig om te leren touwklimmen? Gingen wij later soms werken op een piratenschip? Waarom moesten wij in godsnaam leren volleyballen of bokspringen?

Voor diegenen die van sport houden is dit natuurlijk leuk en een makkelijke manier om goede punten te halen, voor degenen die tot de andere groep behoren is gym vaak ronduit vernederend. Ik herinner me een corpulent meisje uit mijn klas dat niet over de bok heen kwam, maar wel keer op keer werd gedwongen een poging te wagen. Wanneer ze weer een aanloopje nam en vervolgens eindigde in een innige omhelzing met de bok in plaats van erover heen te springen werd ze steevast door iedereen uitgelachen. En dit dus terwijl ik mij geen enkele gelegenheid voor kan stellen waarbij het handig is om deze vaardigheid onder de knie te hebben. Behalve misschien als je net achter iemand loopt die opeens begint te bidden en jij de laatste trein nog moet halen.

Goed, dat was vroeger. Hier jog ik dan hortend en stotend op het fietspad langs het kanaal in Amsterdam-Noord. In de metro op weg naar het Centraal Station voelde ik me wel een beetje gek als enige in sportkleding, maar op het pontje maakte het me niets meer uit. Eenmaal aan de overkant begon ik meteen met rennen en nu is het een kwestie van het water volgen tot ik weer arriveer bij mijn huis in Buikslotermeer. Terug móeten lopen geeft mij de nodige motivatie. Met al mijn wilskracht probeer ik de tegemoet komende bankjes te negeren, evenals de steken in mijn zij. Voor mijn gevoel kijkt iedereen die ik tegenkom me vreemd aan. Ze hebben me door, denk ik. Ze weten dat ik geen échte hardloper ben, dat ik dit voor de eerste keer doe. Ik ben niet op de vlucht voor de politie wil ik ze toeroepen, ik ben niet te laat voor de trein, ik ben aan het sporten! Zien jullie dan niet dat ik een joggingbroek draag!?

Om mij niet te hoeven concentreren op de gedachten van andere mensen, probeer ik een antwoord te vinden op de vraag wat ik ga doen op mijn verjaardag aanstaande donderdag. Mijn verjaardag vind ik altijd maar lastig. Als je niets doet word je er verdrietig van en als je wel iets doet moet het leuk zijn. Maar wat!? Vroeger was dit makkelijk. Toen ik nog een jongetje was, gingen we gewoon iedere verjaardag naar Lol-land, een indoor speelparadijs waar ik met al mijn basisschoolvriendjes kon rennen tot we moe, bezweet en uitgeput waren.

Toen ik iets ouder werd gingen we laserschieten, karten of naar het zwembad. Daarna een frites met een kroket of frikandel en klaar was Kees. Tijdens de middelbare school bevond ik me op mijn verjaardag telkens in het buitenland. Meestal gingen wij met het hele gezin naar hetzelfde all inclusive resort in Turkije, waar een dagje aan het strand sowieso al een feestje was. ’s Avonds sterretjes in mijn dessert plus een handjevol zingende Turkse obers en ook deze verjaardag kwam weer tot een goed eind.

Toen mijn ouders rond mijn twintigste uit elkaar gingen kwam er gelijk ook een einde aan onze vakanties. Sindsdien weet ik nooit wat ik met mijn verjaardag aan moet. Vorig jaar ging ik met mijn moeder en broertje een dagje naar de Efteling. Het jaar daarvoor ging het uit met mijn ex en liep ik de hele dag jankend met mijn vader door Den Bosch. Op mijn achttiende heb ik eens een groot tuinfeest gegeven waar godzijdank genoeg mensen op afkwamen maar ik herinner me de angst nog goed dat er ondanks de vele aanmeldingen toch niemand zou komen opdagen.

Was ik maar onze koning. Niemand vergeet zijn verjaardag. Alles wordt voor hem georganiseerd en betaald en is iedereen vrolijk. Dat laatste is natuurlijk wel allemaal een beetje nep. Maar weet onze koning dat ook? Zo vond ik het bijvoorbeeld best schrijnend om Willem-Alexander zaterdag op het podium overduidelijk geëmotioneerd in de microfoon te horen roepen dat hij graag en vaak naar Amersfoort terug wil komen! Willem beseft zich toch hopelijk ook wel dat het allemaal niet écht om hem draait? We staan toch niet met z’n allen in de stad bier te zuipen en tompoucen te vreten omdat we hém zo’n toffe peer vinden?

Behalve die van mijn vader vier ik geen enkele verjaardag van een man met middelbare leeftijd en een gekke scheiding in zijn haar. Maar goed, Willem-Alexander hoeft in ieder geval nooit na te denken over wat hij gaat doen op zijn verjaardag. Ik wel. Suggesties zijn van harte welkom.


Laatste publicatie van Ties Teurlings

  • Krentenkoppen

    2017


Geef een reactie

Laatste reacties (7)