Laatste update 17:39
2.077
16

Schrijver

Anke Laterveer (1980) is schrijver en fervent Twitteraar.

Laten we het nu eens over kindermisbruik hebben

'Het idee dat kinderen zo heftig lijden voelt voor veel van ons ondragelijk. Daarom hebben we het er liever niet over. En daarom willen we liever ook niet dat het waar is'

Twee weken geleden zat de Vlaamse schrijver Griet op de Beeck bij De Wereld Draait Door om te vertellen over haar nieuwe roman, het eerste deel van een trilogie over incest. Dat ze dit onderwerp gekozen had, was, zo zei ze, geen toeval. Zij is zelf namelijk incestslachtoffer.

Meteen daarna buitelde verschillende kranten en radio en tv over elkaar heen om dit te bespreken. Om incest en ander seksueel misbruik te bespreken, bedoel je, Anke? En de verwoestende invloed die dat op mensenlevens heeft? Wat goed! Nou, nee. Het ging ergens anders over.

In het interview vertelt Op de Beeck twee belangrijke dingen. Ten eerste: “Ik ben misbruikt door mijn vader tussen mijn vijfde en mijn negende.” En ten tweede: “Ik heb dat heel lang verdrongen, maar onlangs kwam het boven en heb ik het in therapie uitgebreid onderzocht en besproken.”

Ongepaste vragen
Natuurlijk stelde Mattijs van Nieuwkerk alle ongepaste vragen die je je kunt bedenken. Hij wilde graag weten wat ze zich nog herinnerde en of ze kon vertellen wat er was gebeurd. Dat leek haar iets te privé en iets te gruwelijk voor prime time op televisie. Mij ook. Wat ze wel vertelde was dat ze niet langer wilde zwijgen, omdat zwijgen niemand helpt en dat we moeten (kunnen) praten over het misbruik dat we doormaken. Ze deed dit dus uitdrukkelijk niet om boeken te verkopen (dat ging zonder dat ze dit verteld had ook al vrij goed) of om haar persoonlijke leed te verwerken (daar heeft ze een psycholoog voor). Wel om aandacht te vragen voor incest en het zwijgen te verbreken.

Heel lovenswaardig en dapper, want zoals Op de Beeck zelf ook al zegt: een veelvoorkomende reactie op vertellen over dit onderwerp is ontkenning. En dat is dan ook precies wat er gebeurde. Vrijwel alle media kozen voor ‘hervonden herinneringen’ als invalshoek. Bestaan ze? Wat zijn ze waard? Vertelt ze met opzet onwaarheden? Of is ze er ingeluisd door een slechte therapeut?

Op zich zijn hervonden herinneringen een heel interessant psychologisch verschijnsel waar veel over gezegd kan worden en regelmatig onderzoek naar is gedaan met wisselende uitkomst. Maar belangrijker nog: hervonden herinneringen komen veel minder vaak voor dan incest en kindermisbruik, het onderwerp waarvoor Op de Beeck bij DWDD aanschoof. Toch koos de media de herinneringen als onderwerp en bleef extra aandacht voor slachtoffers uit. Opvallend wel. Want waar bleven de stukken over incest? De cijfers (hier vind je er een paar en hier en hier ook)? De ervaringen? De psychiaters die vertellen hoe het meemaken van zoiets je hele leven (en omgeving) beïnvloedt (zoals hier en hier)?

Cc-foto: Jenny Downing

Reflex
Helemaal onverklaarbaar is de keuze trouwens niet. Kindermisbruik, en al helemaal als de dader familie is, vinden we verschrikkelijk. Zo verschrikkelijk dat we er soms zelfs een fysieke afkeerreactie van krijgen, misselijk worden, het simpelweg niet willen horen. Het idee dat kinderen zo heftig lijden voelt voor veel van ons ondragelijk. Daarom hebben we het er liever niet over. En daarom willen we liever ook niet dat het waar is. De reflex om slachtoffers niet te geloven of de schuld te geven van wat hen overkomen is, wordt verklaard in de ‘Just World Theory‘. Om grip te houden op ons leven en de wereld om ons heen, maken we die wereld verklaarbaar. Het verkrachte meisje vroeg erom door een te kort rokje te dragen, of de dakloze man is gewoon te lui om werk te zoeken. Wanneer het te moeilijk lijkt om het slachtoffer de schuld te geven, zoals bijvoorbeeld bij kindermisbruik, ontkennen we dat het gebeurt. Ze zal wel liegen, hij zal wel overdrijven. Niets aan de hand hier, mensen. De wereld klopt nog steeds en zolang we het goede doen, zijn we allemaal veilig.

Heel begrijpelijk dus, maar ook heel giftig. Want deze ontkenning maakt dat slachtoffers niet durven spreken en dus ook geen hulp krijgen. Terwijl praten erover zo belangrijk is. De schaamte, het zwijgen en het dragen van het geheim zijn namelijk belangrijke onderdelen van het trauma. Dat in stand houden is heel schadelijk en zorgt ervoor dat iemand niet aan verwerken toekomt.

Daders zeggen tegen slachtoffers: ‘Niemand zal je geloven.’ De reacties in de media bevestigen dat beeld. Redacties dragen dus met hun onderwerpkeuze bij aan de zwijgcultuur. Bovendien bracht deze keuze voor veel slachtoffers die wel spreken ernstige psychologische schade. Zij lijden niet alleen onder wat zij meegemaakt hebben, maar zien ook in de media uitgebreide analyses die vergelijkbaar trauma ontkennen en diskwalificeren.

Dat is helaas niet meer terug te draaien. Veel schade is reeds gedaan. Maar not all is lost. Want nu alle media uitgebreid getwijfeld hebben aan hervonden herinneringen, lijkt het mij tijd voor stap twee. Aandacht voor (kinder)misbruik. Kom maar door. Ik zit er klaar voor.

Ben je zelf slachtoffer en heb je hulp nodig? Dan kun je, als het recent was, terecht bij een Centrum Seksueel Geweld bij jou in de buurt. Als het langer dan twee weken geleden is, dan kun je het beste contact opnemen met je huisarts. Die kan je doorverwijzen naar psychologische hulp.

Geef een reactie

Laatste reacties (16)