6.777
99

Onderzoeker fac. Rechtsgeleerdheid EUR

Wouter de Been is sinds 2008 postdoctoraal onderzoeker aan de Faculteit der rechtsgeleerdheid van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds 2009 werkt hij hier aan een onderzoeksproject over conflicten in de multireligieuze samenleving. In dit project wordt geprobeerd tot een meer dynamische en open interpretatie te komen van klassieke idealen als neutraliteit, scheiding van de kerk en staat, godsdienstvrijheid, gelijkheid en vrijheid van meningsuiting.

Lessen uit Brexit voor Baudet

In het Verenigd Koninkrijk hebben ze inmiddels ontdekt dat een terugkeer naar de gloriedagen van het Empire niet op het keuzemenu van reëel bestaande alternatieven staat

Als de carrière van iedere politicus eindigt in mislukking, zoals een Engels wijsheid claimt, dan eindigt iedere populistische beweging wellicht in farce. Voordat Thierry Baudet, de nieuwe lieveling van populistisch rechts, zijn plannen voor een Nexit en een terugkeer naar volbloedige nationale soevereiniteit serieus ter hand neemt, zou hij er goed aan doen lering te trekken uit de volledige ontsporing van Brexit, een project dat de Britse journaliste Marina Hyde onlangs treffend kenschetste als een “reenactment of the Cuban Missile crisis by the Teletubbies.” Baudets plannen voor Nederland hebben een grote verwantschap met de Engelse nostalgie naar “splendid isolation” ― de onverwaterde soevereiniteit uit de glorietijd van het Britse Imperium waar grote groepen Engelsen naar lijken terug te verlangen. In een tijdperk van internationale economische, technologische en politieke verwevenheid is dat een streven dat, op het moment dat het in contact komt met de realiteiten van de 21ste eeuw, gedoemd is te desintegreren in het soort politieke chaos dat we nu aan de overkant van het Kanaal zien. De onhaalbare verwachtingen die in de wens voor een Brexit besloten liggen, hebben een diepe systeemcrisis veroorzaakt.

Baudet
cc-foto: Wikipedia

Voormalig Brits EU-ambassadeur Ivan Rogers noemde Brexiteers schamper “the right honourable members for the 18th century.” (Nine Lessons in Brexit, 2019 p. 31). De gloriedagen van Nederland liggen nog verder achter ons dan die van het Verenigd Koninkrijk. Baudet zou dan ook met meer recht “zijne excellentie voor de 17e eeuw” genoemd kunnen worden. Beelden zeggen hier meer dan woorden. Op de website van het FvD staat bij het partijstandpunt over “soevereiniteit” het 17e-eeuwse schilderij van Jan Asselijn, “De Bedreigde Zwaan,” die zijn eieren beschermd tegen een aanzwemmende hond, een beeltenis die vaak als een politieke allegorie wordt gezien van de bescherming van de Republiek tegen haar externe vijanden. De webshop van de FvD verkoopt een poster voor leden van zijn jongerenvereniging met het vlaggenschip de Aemilia dat Nederland verdedigde tegen de Spanjaarden aan het eind van de Tachtigjarige Oorlog. “Making our oikos great again,” lijkt voor Baudet vooral een terugkeer naar de Gouden Eeuw in te houden. Hoe dergelijke beelden van nationale splendeur vertaald moeten worden naar een verweven wereld beheerst door grote multinationale handels- en reguleringsblokken, mondiale informatie- en communicatienetwerken, multinationale bedrijven met just-in-time transportketens, wispelturige mondiale kapitaalstromen en een hypermobiele wereldbevolking is niet helemaal duidelijk.

In het Verenigd Koninkrijk hebben ze inmiddels ontdekt dat een terugkeer naar de gloriedagen van het Empire niet op het keuzemenu van reëel bestaande alternatieven staat. Van de euforie van 2016 is niets meer over. Nog maar 6 procent van de Britse burgers, ― en, ja, dat betreft zowel de voor- als de tegenstanders van Brexit, ― gelooft dat Brexit een goede overeenkomst voor Groot Brittannië zal opleveren. Er staan voor de Britten in 2019 geen zoete broodjes op het menu, maar, zoals de Voorzitter van de Europese Raad Donald Tusk al in 2016 waarschuwde, alleen zout en azijn. Niemand heeft het nog over de nieuwe kansen en de prachtige deals die een Brits vertrek uit de Europese Unie zouden opleveren. De nieuwe munt die zou worden geslagen om de herwonnen onafhankelijkheid te gedenken is inmiddels afbesteld. Premier Theresa May is al haar gezag kwijt, en de leden van het Britse Lagerhuis proberen nu uit wanhoop onderling zelf een alternatief te vinden voor haar impopulaire plan. De kans daarop is niet groot gezien de enorme verdeeldheid en het grote aantal alternatieven dat voorligt ― een harde Brexit, geen Brexit, Canada plus, Noorwegen plus, Gemeenschappelijke markt 2.0, een tolunie, een Brexit referendum, of toch het voorstel van May. Het echec doet denken aan Rechters 21:25 in het Oude Testament: “In die dagen was er geen koning in Israel: eenieder deed wat juist was in zijn ogen.”

Het wordt nog interessant om te zien wie allemaal de schuld in de schoenen geschoven zullen krijgen voor de Brexit-fiasco. Theresa May zal ongetwijfeld het gezicht worden van deze nationale vernedering. Haar tekortkomingen als politicus ― gebrek aan flexibiliteit, charme, en creativiteit ― zijn pijnlijk aan het licht gekomen in de manier waarop ze Brexit heeft vormgegeven, maar ze is ook op pad gestuurd met een onmogelijke opdracht. De Brexiteers zullen de Remainers verder afschilderen als een vijfde kolonne van saboteurs en de Europese Unie verwijten dat ze Groot-Brittannië hebben willen straffen en vernederen. (Afhankelijk van het argument dat ze willen maken is voor de Brexiteers Europa een almachtige, bureaucratische dwingeland die de vrijheid van nationale staten knevelt, dan wel een falende en ineffectieve organisatie die op het punt staat te imploderen. Tijdens het referendum overheerste vooral het laatste beeld ― het VK moet uit de EU voordat de boel instort, ― nu vooral het eerste ― Brexit loopt spaak omdat de oppermachtige Europese superstaat ons geen succes gunt.) Niettemin zal de Brexit-deconfiture onvermijdelijk ook op de Brexiteers afstralen. Zelfs voor beroepsquerulanten en pompeuze blaaskaken is algehele nationale vernedering geen goede look.

Maar uiteindelijk is de schuldvraag niet zo interessant. De grondoorzaak voor het falen van Brexit is niet het handelen van deze of gene leider of groepering, maar vooral dat miljoenen Britse burgers voor een plan hebben gestemd dat op geen enkele manier in de realiteit verankerd is. Als de kiezers voor een paars gestreepte eenhoorn kiezen die het volkslied kan hinniken, dan zal die keuze onherroepelijk tot een teleurstelling leiden. Je kan niet én je eigen gang willen gaan, én je wederzijdse economische afhankelijkheden met andere landen vergroten met fantastische nieuwe handelsovereenkomsten. Je kan niet én terug naar een geborgen verleden met gelijkgestemden én vooruit in een diverse en dynamische wereld die steeds meer vervlochten raakt. De les die Baudet uit Brexit kan trekken is dat hij zijn plannen beter kan opbergen in een mooie, klimaat-gecontroleerde vitrinekast op het partijbureau, dan ze echt bloot te stellen aan de gure winden van de politieke en economische realiteit. In die vitrinekast zullen ze hun intense boreale glans behouden en kunnen zijn kiezers zich nog jaren vergapen aan hun schoonheid. Ondertussen kan Baudet zich tevredenstellen met de gedachte dat hij het partijkartel van zelfverrijkende carrièrepolitici bestrijdt door ze hun zetels één voor één te ontzeggen en zelf bezet te houden, en door ze hun schadeloosstellingen en onkostenvergoedingen geleidelijk te ontnemen en zelf te incasseren. Het is een opoffering, maar Baudet kan dat werk niet alleen aan de PVV overlaten.

Geef een reactie

Laatste reacties (99)