367
7

Arabist

Nicolien Zuijdgeest is arabist/journalist en schreef ondermeer Libië (2007). Als trainer/facilitator begeleidt ze groepsprocessen bij sociale veranderingsvraagstukken.

Libië moet prioriteit krijgen bij berechting Saif al-Islam Qaddafi

Het getouwtrek rond de zoon van Qaddafi is een typisch voorbeeld van hoe het internationaal recht voorbijgaat aan het recht van Libië op een nationaal verzoeningsproces

Libië gaat in beroep tegen het besluit van het Internationale Strafhof (ICC) om Saif al-Islam Qaddafi te berechten in Den Haag. Terecht. Het getouwtrek rond de zoon van de gedode Libische dictator Muammar Qaddafi is een typisch voorbeeld van hoe het internationaal recht voorbijgaat aan het recht van Libië op een nationaal verzoeningsproces.

Het Libische verzoek om Saif al-Islam zelf te berechten, is afgewezen. Dit maakten de ICC-rechters afgelopen vrijdag bekend. Libië maakte maandag bekend in beroep te gaan. De zoon van de overleden dictator Muammar Qaddafi fungeerde als een de facto ‘premier’ onder zijn vader. Het ICC verdenkt de man van misdaden tegen de menselijkheid in de beginperiode van de Libische opstanden in 2011, toen hij met scherp liet schieten op betogers. Dit geldt ook voor Abdullah al-Sanussi, hoofd van Qaddafi’s veiligheidsdienst, die het ICC ook uitgeleverd wil zien.

Het ICC-mandaat beperkt zich tot misdaden tegen de menselijkheid begaan kort na de opstand van 2011. Deze misdaden tegen de menselijkheid vormen geen onderdeel van het Libische strafrecht. Dat betekent dat Libië alleen op “reguliere” misdaden als verkrachting, moord en marteling kan berechten. ICC stelt dat dat geen vergelijkbare misdaden zijn, en dus krijgt Libië geen prioriteit bij berechting. Zo werkt het complementariteitsbeginsel.

Juist hier schiet het internationaal recht zijn doel voorbij. Waar blijft het belang van Libië in dit verhaal? Het Hof kan geen personen vervolgen voor misdaden begaan tijdens de 42 jaar durende dictatuur. Libië wil Saif al-Islam en Al-Sanussi vervolgen voor een breed scala aan misdaden, begaan onder de 42 jaar durende dictatuur van vader Qaddafi.

Kortom misdaden van vóór de revolte van 2011, die iedere Libische familie aan den lijve heeft ondervonden, en waarvan de trauma’s nog levend zijn. De belangrijkste daarvan is de massaslachting in 1996 in de Abu Slim-gevangenis van Tripoli waar 1200 gevangenen werden vermoord. Voeg daar nog aan toe duizenden gevallen van martelingen, willekeurige verdwijningen en moorden die onder de dictatuur zijn begaan.

Er is geen Libiër die akkoord gaat met berechting van verantwoordelijken van de dictatuur in het buitenland. Libië heeft het recht een eigen verzoeningsproces en collectieve traumaverwerking op gang te brengen à la de Neurenberg-tribunalen. Dit toekomstperspectief moet zwaarder wegen dan de status van Den Haag als stad van internationale justitie. Door vast te houden aan de eis van uitlevering gaat het ICC voorbij aan rechten van slachtoffers, en de mentale gezondheid van het Libische volk.

De zorgen van het ICC en Human Rights Watch dat Libië op dit moment niet in staat is een eerlijk proces te waarborgen dat voldoet aan internationale eisen, zijn overigens terecht. De veiligheidssituatie in Libië is instabiel, niet alle regio’s erkennen het centrale gezag en het justitiële systeem schreeuwt om hervormingen.

Ja, er was aan het begin van de revolte een specifieke politieke constellatie die internationaal ingrijpen toejuichte. Onder VN-Veiligheidsraad resolutie 1970 heeft Libië zich akkoord verklaard mee te werken met het ICC. Welke waarde moet je daaraan toekennen in een politieke realiteit waarin met verschillende maten wordt gemeten? En waar van gelijkheidsbeginsel geen sprake is?

In Syrië grijpt de internationale politiek niet in. De Tunesische ex-dictator Ben Ali is op vrije voeten, evenals de Jemenitische ex-president Saleh. In het geval van Bin Laden hebben de Amerikanen niet eens een poging ondernomen om de man voor een rechter te brengen, laat staan voor het Internationaal Strafhof. Deze ontwikkelingen beïnvloeden de mindset in Libië.

Het geval Libië moet het Internationaal Strafhof aanmoedigen out-of-the-box te denken. Zoek de mazen van de wet op zodat er een win-win situatie ontstaat. Juist een proces in eigen land werkt krachtig op het collectieve bewustzijn. Kan het ICC hulp geven bij een judicieel proces, best practices aandragen of meer Arabische rechters inzetten?

De huidige houding van het ICC draagt niet bij aan de stabiliteit en wederopbouw van Libië. Doe recht aan de belangen van het Libische volk. Een mooie kans om hearts and minds voor je te winnen en te tonen dat het internationaal recht er is voor iedereen, ook voor Libiërs.

Geef een reactie

Laatste reacties (7)