1.374
32

Historicus

Frank Menzel (Rotterdam, 1983) studeerde Maatschappijgeschiedenis aan de Erasmus Universiteit. Hij heeft belangstelling voor internationale en nationale politiek. Op dit moment werkt hij aan een studie over de PSP, een van de voorlopers van GroenLinks. Dit boek zal in 2014 verschijnen.

Mali, een tweede Irak?

Nederland moet alleen naar Mali gaan als het een door de VN gesteunde operatie wordt 

Sinds enkele dagen voert Frankrijk bombardementen uit in Mali op verzoek van de regering van dat land. Minister Frans Timmermans heeft laten weten deze bombardementen politiek te steunen. De Europese Unie bereidt een trainingsmissie voor het Malinese leger voor. Is dat nodig en vooral, is dit wijs?

De Nederlandse steun doet denken aan tien jaar geleden, bij het begin van de Irak oorlog. Het kabinet-Balkenende liet weten de oorlog wel ‘politiek’, maar niet ‘militair’ te steunen.

De halfslachtige steun van Balkenende was genoeg om een plaats te krijgen op de lijst van ‘the coalition of the willing’: de coalitie die de VS om zich heen had verzameld die de aanval steunde.

Het politiek steunen van de oorlog bleek een voorbode te zijn van uiteindelijk militair ondersteunen. In 2004 werden alsnog Nederlandse militairen naar de Iraakse provincie al-Muthanna gezonden.

Timmermans liet weten dat Nederland niet bij de gevechtshandelingen betrokken zal zijn maar daarmee kan Nederland nog altijd de Europese trainingsmissie steunen. Met wie krijgen we dan te maken?

De rebellen zijn zeker geen heterogene groep. Allereerst is er de Mouvement National pour la Libération de l’Azawad, de MNLA.  Deze groepering vertegenwoordigt de Touaregs, de nomadische Berber-bevolking van Noord-Mali. Binnen Mali vormen zij een minderheid van ongeveer 10 procent, terwijl de vooral op landbouw gerichtte Mandé-bevolking het land domineert. Al vanaf de jaren ’90 strijden Touareg-nationalisten voor een onafhankelijk Azawad, een eigen Touareg-staat in Noord-Mali.

In 2012 riep de MNLA de onafhankelijkheid uit van Azawad. Azawad werd door niemand erkend en verkeerde vanaf haar bestaan in een de facto-oorlog met de Malinese regering.

Niemand heeft de MNLA als serieuze gesprekspartner beschouwd. Niemand, behalve de islamisten. De grootste islamistische groep is Ansar Dine, geleid door de Touareg Iyad Ag Ghaly.  Ag Ghaly wordt beschreven als een realpolitiker met een zekere haat-liefde-verhouding met de MNLA. In deze  beweging probeerde hij eerst zelf carrière te maken voor hij hier uit werd gestoten en Ansar Dine oprichtte. Hoewel Ansar Dine een salafistische ideologie predikt, speculeren Mali-kenners dat Ag Ghaly eerder op macht uit is dan op een theocratische staat. Volgens Patrick Smith van Africa Confidential zal Ag Ghaly voor een keuze komen te staan:

There’s a growing desire to reach out to him to say you can ally with us and help work out a deal for a decentralised north. If not, it’s war and you’ll end up on a list with other al-Qaida-associated leaders wondering when a drone is coming for you.

Ansar Dine is zeker niet de enige islamistische groepering, zoals de MNLA zeker niet de enige nationalistische groepering is. Vast staat dat door het isolement waarin de Touareg-beweging verkeerd, zij zich gedwongen voelt de uitgestoken hand van de salafisten aan te pakken.

Door de opstand van de Touaregs zijn de spanningen in Mali tussen de verschillende bevolkingsgroepen opgelopen. Human Rights Watch signaleerde in december 2012 een toename van conflicten en gevallen van misbruik, zowel gepleegd door de rebellen als door het regeringsleger en hieraan loyale milities. Zuidelijke loyalisten vertelden Human Rights Watch dat zij een lijst van ”collaborateurs” hadden opgesteld, noordelingen die bij een komende bijltjesdag over de kling zouden worden gejaagd. Er zijn gevallen gemeld van Touareg-rebellen die door het regeringsleger zijn gemarteld en zonder vorm van proces zijn gedood. Ook worden journalisten die zich te kritisch naar het leger opstellen op gewelddadige wijze geïntimideerd.

Mali dreigt een tweede ‘Irak’ te worden. Een broeinest van etnische spanningen en radicale groeperingen, waarbij een westerse mogendheid uit alle macht een corrupte regering overeind tracht te houden.

Een eventuele steun van de Nederlandse regering aan een missie in Mali zou dus alleen moeten gebeuren binnen de context van een door de VN gesteunde operatie. Deze operatie zou niet als primaire doel moeten hebben de belangen van de regering in Bamako te dienen, maar de mensenrechten van alle Malinezen moeten waarborgen. Voor die er is, doet de Nederlandse regering er goed aan terughoudend te zijn, simplificaties te vermijden en zich niet zomaar aan te sluiten bij een nieuwe coalition of the willing. 

Lees het verslag van Human Rights Watch: Mali: Rising Ethnic Tensions Threaten New Violence

Geef een reactie

Laatste reacties (32)