2.717
31

Bestuurskundige

David Samuel Christiaan (Dave) Ensberg-Kleijkers (1984) is bestuurskundige en werkzaam als bestuursvoorzitter van Stichting Biezonderwijs, een regionale onderwijsinstelling voor specialistisch onderwijs. In 2017 verscheen zijn schrijfdebuut 'Bezielde Beschaving' (Uitgeverij Aspekt). Hij is daarnaast bestuursvoorzitter van Kompass, Mensenrechten Dichtbij en draagt als vicevoorzitter van het Johan Ferrier Fonds bij aan onderwijs- en cultuurprojecten in het land van zijn (voor)ouders; Suriname.

Mediarechtspraak past niet onze democratische rechtsstaat

Het wordt tijd dat we als Nederlanders meer terughoudendheid betrachten over zaken die ons niet aangaan, dan wel over zaken waarvan we de feiten niet kennen

We lopen als Nederlanders over van meningen, zo staan we wereldwijd ook bekend. We hebben een mening over de staat van ons nationaal voetbalelftal, over de partnerkeuze van Gordon en ga zo maar door. We hebben werkelijk over alles en iedereen een oordeel klaar, zelden voorzien van rationele en objectieve argumenten. In de vorm van sociale media hebben we in de 21e eeuw middelen in handen gekregen om deze meningen en (voor)oordelen onophoudelijk met het grote publiek te delen. Er ontstaat een vorm van massacommunicatie rondom meningen en beelden, soms leidend tot ‘fake news’ én mogelijk zelfs tot beïnvloeding van onze rechtspraak. En daar trek ik de grens. Het wordt tijd dat we als Nederlanders meer terughoudendheid betrachten over zaken die ons niet aangaan, dan wel over zaken waarvan we de feiten niet kennen.

Mediarechtspraak
cc-foto: Blogtrepeneur

Scheiding der machten
Bij menig les maatschappijleer besteedt de docent aandacht aan het belang van de scheiding der machten. De spreiding van de uitvoerende, wetgevende en rechtsprekende macht vormt een belangrijk onderdeel van onze democratische rechtsstaat. Hierdoor kunnen de verschillende machten elkaar controleren en zich in belang van de samenleving verbeteren. Deze machtenspreiding wordt anno 2018 behoorlijk verstoord door de invloed van traditionele en sociale media. Zij maken er een gewoonte van om complexe, individuele situaties onderdeel te maken van een simplistisch, maatschappelijk debat. Dieptepunt is het algemeen maatschappelijk oordeel dat Nederlanders vervolgens vellen over de ‘verdachte(n)’. Of een professionele rechter eraan te pas is gekomen, maakt niet uit. Het ‘volk’ bepaalt of iemand wel of niet deugt.

Ik maak me zorgen over het ontstaan van officieuze digitale volkstribunalen waarin naar goed middeleeuws gebruik het volk in een volksgericht zich over (rechts)zaak ontfermd in plaats van een onafhankelijke rechter. Neem de zaak-Eurlings. Er zijn maar twee mensen die precies weten wat er in 2015 in Valkenburg feitelijk is gebeurd: Eurlings zelf en zijn ex-vriendin. Zij hebben deze feiten gedeeld met de rechter, waarna Eurlings een taakstraf heeft gekregen. Zonder dezelfde feiten te kennen, heeft mening journalist én op sociale media actieve Nederlander een oordeel klaar over Eurlings.

En dit voorbeeld van mediarechtspraak staat niet op zichzelf. Ook in de zaak van de verkrachting en moord van Anne Faber wist menig Nederlander naar eigen zeggen exact wat de verdachte, Michael P., in 2017 in Den Dolder had gedaan en welke straf hij zou moeten krijgen. Maar wie kent de feiten, anders dan de vreselijke afloop, écht? We lezen berichten in een krant of op Twitter en denken dan het beeld compleet te hebben. Niet voor niets gaan professionele rechters anders te werk en handelen zij zonder vooroordelen ten aanzien van de verdachte en baseren zij oordelen op aantoonbare feiten. Een professionele afstand die even functioneel als essentieel is om tot een goed gewogen oordeel over te kunnen gaan.

Vertrouwen in de rechtspraak
In een beschaafd land zijn mensen onschuldig tot het tegendeel is bewezen. In het moderne Nederland is de schijn van schuldig zijn voldoende om door de mediarechtspraak publiekelijk te worden veroordeeld. Het volk komt snel en ‘fact free’ tot een oordeel dat enkel gebaseerd is op de misleidende onderbuik, ongebreidelde emoties en eenzijdige veronderstellingen. Ironisch genoeg blijkt uit verschillend onderzoek dat Nederlanders geen trek hebben in jury- of lekenrechtspraak. Ook is er geen enkele politieke partij die daarvoor pleit. Met een juryrechtspraak zou het oordeel van de burger een institutioneel en dus formeel karakter kunnen krijgen. Maar nee, nog steeds hebben veel Nederlanders (terecht) vertrouwen in onze professionele rechters. Zo blijkt uit ook het onderzoeksrapport ‘De sociale staat van Nederland’ (2017) van het Sociaal en Cultureel Planbureau. We zijn een verwarde natie; enerzijds zijn we blij met onze onafhankelijke rechtspraak, maar anderzijds willen we niets liever dan voor eigen rechtertje spelen.


Laatste publicatie van DaveEnsberg-Kleijkers

  • Bezielde beschaving

    Alles behalve een multicultureel drama

    Oktober 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (31)